door Redactie ’t Pallieterke

De cijfers op een rij
Het kan geen kwaad ze even op een rij te zetten. De eerste fase is die van de gouden jaren ’60, die duurde tot de oliecrisis van 1973. In die periode groeide de Vlaamse economie jaarlijks gemiddeld met bijna 6 procent, de Waalse met net geen 4 procent en de Brusselse met iets meer dan 4 procent. Het is in die periode dat Vlaanderen aan zijn grote economische inhaalbeweging begonnen is.
De tweede fase van 1974 tot 1981 (tot aan het herstelbeleid met de devaluatie) laat een gemiddelde Vlaamse groei zien van 2,2 procent. Wallonië valt terug tot 1,8 en Brussel tot 0,6 procent op jaarbasis. In de jaren ’80 van de vorige eeuw stijgt de gemiddelde Vlaamse economische groei naar 3 procent, terwijl de Waalse en Brusselse een paar procentpunten wegzakken. De jaren ’90 geven een vergelijkbaar beeld.

naar Wallonië en pasten zich er aan … anderzijds ?!?
Van 2000 tot 2008 zien we een lichte wijziging. In die periode groeien de Vlaamse, Waalse en Brusselse economie ongeveer even sterk, rond de 2 procent per jaar. Het is toen dat een aantal Waalse politici trots kwamen verklaren dat de economische inhaalbeweging was ingezet. IJdele hoop. Na de financiële crisis groeide de Vlaamse economie op jaarbasis met 1,5 procent, de Waalse met 0,8 procent en de Brusselse (+0,2 procent per jaar) viel bijna stil. Gedaan met de inhaalbeweging, die er eigenlijk nooit een is geweest. In de periode 2000-2008 betekende een betere economische prestatie van Wallonië gewoon dat de achterstand ten opzichte van Vlaanderen niet verder opliep.
En de voorbije tien jaar groeide het Vlaamse regionale product met 14 procent, terwijl het Waalse met 8 procent toenam, zo leren de regionale rekeningen. Brussel is met amper 2 procent regionale groei een nooit gezien economisch drama. Als PS-voorzitter Paul Magnette pleit voor een audit van de taxshift, dé beleidsmaatregel van de regering-Michel, dan zou hij beter eerst een audit van de Waalse economie uitvoeren.
Financiële gevolgen
De zwakke Waalse economische toestand weegt ook op de regionale financiën. Van Vlaanderen is geweten dat het huidige begrotingstekort eenmalig is. In 2021 moet opnieuw een evenwicht worden bereikt. Wallonië daarentegen blijft nog minstens tot het einde van de legislatuur deficitair. Het tekort bedraagt 435 miljoen euro. De Waalse schuld piekt richting 21,7 miljard euro. De Waalse regering relativeert dat bedrag. Op de totale Belgische staatsschuld van 450 miljard euro is dat amper 18 procent. Alleen zal die Waalse schuld tegen het einde van de legislatuur stijgen naar meer dan 32 miljard euro. Zetten we dat af tegen de Waalse inkomsten, dan is dat een schuldratio van 200 procent.
Het klopt dat het grootste probleem voor de overheidsfinanciën zich op federaal niveau situeert met een deficitaire sociale zekerheid en oplopende vergrijzingskosten. Maar toch stemt de situatie in de deelstaten, en dan vooral Wallonië, de Franse Gemeenschap en Brussel tot nadenken.

Geen echte ambitie
Ondanks alle plechtige beloftes die verschillende Waalse minister-presidenten in het verleden gedaan hebben zit er niet direct verandering aan te komen. Minister-president heeft de ambitie geuit om de werkzaamheidsgraad in Wallonië deze legislatuur op te trekken van 63,6 procent naar 68,6 procent. Dat is een stijging met vijf procentpunt. Maar dat is minder ambitieus dan gedacht en zal het verschil met Vlaanderen niet verkleinen. Want de Vlaamse regering wil de werkzaamheidsgraad verhogen met eveneens 5 procentpunt : van 75 naar 80 procent.
Bovendien is de werkzaamheidsgraad in de voorbije legislatuur in Wallonië met amper 2 procentpunt gestegen. En dat in een periode van relatief sterke groei en dankzij een federale regeringsmaatregelen zoals de taxshift die het werken aantrekkelijker heeft gemaakt. Een taxshift die door PS-voorzitter Paul Magnette nu openlijk wordt aangevallen en duidelijk maakt dat de PS in een radicaal-linkse verkiezingsmodus zit. In dat verband kunnen we weinig anders doen dan besluiten dat wat aan het Paleis in Brussel gebeurt slechte cinema is en nog een tijdje slechte cinema zal blijven.
Foto’s (c) Gazet van Hove.



