door Julien Borremans in ’t Pallieterke .
Een groep leerkrachten van de hogeschool Francisco Ferrer in Brussel verzet zich tegen de beslissing om religieuze symbolen – waaronder de hoofddoek – toe te laten. Ze maken zich zorgen over de toenemende inmenging van religie. De leerkrachten beroepen zich op de verlichtingsfilosofie. Ze maken gewag van “opzettelijke leugens”, “geweld en obscurantisme”. “Veel leraren durven zich erover niet uit te spreken uit angst voor represailles.”

Een groep leraren wil de beslissing van 24 november 2021 van de voorzitter van de Franstalige rechtbank van eerste aanleg in Brussel terugdraaien. “Wij zijn bezorgd over de toenemende inmenging van religie in het leven van onze Brusselse school”, schrijven de leerkrachten.
Unia wil hoofddoeken op school
Net als het Gemeenschapsonderwijs koos de stad Brussel voor een exclusief neutraliteitsbeleid. Met inbegrip van het hoger onderwijs en het volwassenonderwijs, verbood de stad Brussel het dragen van religieuze symbolen – waaronder de hoofddoek – in zijn instellingen. In 2017 werd dit verbod voor de Brusselse rechtbank van eerste aanleg aangevochten. Naar aanleiding van deze zaak oordeelde het Grondwettelijk Hof dat een verbod op het dragen van religieuze symbolen in naam van neutraliteit zeker mogelijk was.
De Franstalige Brusselse rechtbank van eerste aanleg oordeelde dat het verbod per decreet en niet via een intern schoolreglement moet worden vastgelegd. Op 24 november 2021 verklaarde de Brusselse rechtbank dat dit verbod “een indirecte discriminatie” vormt. De stad Brussel werd verplicht om er een eind aan te maken, omdat de beslissing in strijd was met de godsdienstvrijheid. Voordien waren er ook al omstreden beslissingen over het dragen van religieuze symbolen in het Gemeenschapsonderwijs. De motor achter deze rechtszaak was het nationaal mensenrechteninstituut Unia. Volgens Unia valt het dragen van religieuze symbolen onder de democratische vrijheid.
Volgens Unia valt het dragen van religieuze symbolen onder de democratische vrijheid

Cancelcultuur
In een open brief in de Franstalige kranten herinneren de leerkrachten van de hogeschool Francisco Ferrer dat de emancipatie van een deel van de Brusselse bevolking mogelijk is gemaakt door het officieel onderwijs. Zij wijzen erop dat er “geen religieus of filosofisch proselitisme, noch georganiseerd politiek activisme tot ontwikkeling mag komen”. De ondertekenaars van de open brief wijzen erop dat er niet meer vrij gesproken kan worden over religie, de evolutietheorie, politiek, de koloniale geschiedenis, enzovoort. “Bepaalde cursussen worden geboycot en gestigmatiseerd door groepen studenten uit naam van hun geloofsovertuiging”, schrijven de leerkrachten. “Zo wordt de hoofddoek een breekijzer tegen het gelijkheidsbeginsel én voor aparte regels voor de moslims”, menen sommigen.
Toen de docente en publiciste Nadia Geerts recent actief stelling nam om in het Franstalig hoger onderwijs de hoofdoek toe te laten, kreeg ze op de sociale media harde kritiek te verduren en werd ze meermaals bedreigd. Ze kreeg te horen islamofoob, onverdraagzaam en verdedigster van ‘witte privileges’ te zijn.

Neutrale overheid
De hele discussie situeert zich tegen een veel bredere achtergrond. De Brusselse vervoersmaatschappij MIVB werd vorig jaar veroordeeld omdat ze hoofddoeken verbood. Na een nipte stemming besliste de raad van bestuur om tegen dat vonnis niet in beroep te gaan. Ecolo, Groen en de PS stonden toen op de rem om in beroep te gaan. Sindsdien heeft de MR van Georges-Louis Bouchez er een punt van gemaakt om de ‘neutraliteit’ in de Grondwet op te nemen.
Maar vooralsnog moeten de voorstanders van een neutrale overheid bakzeil halen. Het verwerpen van het verbod op religieus slachten door het Brussels Parlement wijst erop dat het openbare leven en de dienstverlenende overheid steeds meer onder druk van een islamitische minderheid komt te staan. De politieke druk tegen de laïcisering van het openbare leven komt ook van links. Ecolo spreekt zich onverkort uit ten gunste van het recht om een hoofddoek te dragen, ook als ambtenaar of medewerker van een overheidsbedrijf.
Uiteraard gaat het om veel meer. Ruud Koopmans wijst er in zijn wetenschappelijke onderzoeken op dat immigranten met dominante conservatief-religieuze opvattingen heel gevoelig zijn voor segregatie. De spanningen met deze gesegregeerde gemeenschappen lopen zo op dat we – volgens Terry Williams – gewag mogen maken van een ‘culture of refusal’, een vorm van rebellie, ‘een weigering om te leven volgens de verwachtingen van de maatschappij’. De oproep van de groep van leerkrachten is een krachtig signaal naar een overheid die deze tendens versterkt.


Foto’s (c) Gazet van Hove.

