door Angélique Vanderstraeten in ’t Pallieterke .

Een groeinorm van 1,5 procent in de sociale zekerheid, een indexsprong bij partijdotaties en hogere pensioenen, de perequatie bij de ambtenarenpensioenen afschaffen, de werkloosheid beperken in de tijd… N-VA heeft voor 14 miljard euro aan besparingen klaarliggen. Links schreeuwt moord en brand, net als de mainstreammedia. Alleen : van echte besparingen, in de betekenis van dalende uitgaven, is hier amper sprake. De uitgaven stijgen in het N-VA-plan gewoon minder snel. Dat realiseren, zou in België al een succes zijn.

Ik bespaar u hier de woedende syndicale reacties op het saneringsplan dat N-VA in de aanloop naar de verkiezingen heeft voorgesteld. Ze zijn clichématig en wekken de indruk dat het gros van de bevolking straks in de armoede gaat vervallen. In zulke omstandigheden is het altijd hopen dat de pers zijn werk doet. Maar dat was ijdele hoop. Volgens het Nieuwsblad is het N-VA-plan donkerblauwer dan dat van Open Vld. En al snel spreekt men van een ‘kil’ partijprogramma.

Het is natuurlijk niet moeilijk om een economisch liberaler voorstel te formuleren dan het beleid dat Open Vld de voorbije jaren heeft gevoerd. Anderzijds komen de Vlaamse liberalen in de aanloop naar de verkiezingen vaak met rechtse recepten op de proppen, om ze daarna snel in de vuilbak te gooien. In die zin is N-VA inderdaad donkerblauwer dan de partij van Alexander De Croo en Tom Ongena.

geschiedenis …

Europese begrotingsdoelstellingen

Niettemin stimuleren de mainstreammedia hier een vals debat. Akkoord, N-VA lanceert het cijfer van 14 miljard euro saneringen die tegen het einde van de volgende legislatuur in 2029 moet leiden tot een begrotingstekort van net iets meer dan 3 procent van het bbp. Daarmee haalt België de Europese begrotingsdoelstellingen. Het is de enige partij die daarvoor een berekend plan naar voren schuift. Dat is niét het geval bij de Waalse socialisten (PS), die op een simplistische manier hopen om de begrotingsput te dempen met een vermogenstaks die 8 miljard euro opbrengt.

En ja, die 14 miljard euro vormt een gigantisch bedrag. En dan denk je al snel dat dat enkel haalbaar is door zware besparingen die de welvaart van heel wat mensen zwaar onder druk zal zetten. Wel, dat klopt niet, want eigenlijk gaat het om een vals debat, omdat er zeer weinig zuivere besparingen gepland staan in de voorstellen. Akkoord, volgens Van Dale is besparen “zuinig zijn met iets” en dat is duidelijk de rode draad doorheen de voorstellen. Maar in het politieke jargon, en zeker in de discussie die hier wordt gevoerd, staan besparingen voor het ‘sterk doen dalen van de uitgaven’.

meer mensen aan het werk = besparing

Wel, dat klopt slechts voor een zeer beperkt aantal N-VA-voorstellen. Een beperking in de tijd van de werkloosheidsuitkeringen levert inderdaad tot 2,6 miljard euro echte besparingen op. En dat geldt ook voor de 2,6 miljard euro aan schrappingen in federale subsidies.

Het is de typisch Belgische ‘newspeak’: besparen is ervoor zorgen dat uitgaven minder snel stijgen

Gezondheidszorg en pensioenen

Wanneer gesproken wordt over de zogenaamde besparingen in de gezondheidszorg, dan verloopt de discussie slordig, om niet te zeggen oneerlijk. Concreet wil N-VA de groeinorm in de gezondheidszorg terugbrengen van 2 procent boven de inflatie vandaag naar 1,5 procent. Dat zou 4,5 miljard euro opleveren tegen 2029. Daarmee dalen de uitgaven in de zo cruciale gezondheidszorg echter niet. Ze stijgen gewoon minder snel. Dat we met zo’n plan qua niveau van gezondheidszorg decennia worden teruggeslagen, is intellectueel oneerlijk. Een lagere reële groeinorm is welkom om de overconsumptie in de sector tegen te gaan.

Hetzelfde verhaal met een indexsprong voor de hoogste pensioenen boven 3.500 euro. Daarmee dalen de pensioenuitkeringen niet. Ze stijgen gewoon minder snel, zoals ook met de afschaffing van de automatische koppeling van de ambtenarenpensioenen aan de loonstijgingen (de zogenaamde perequatie). Daarmee wordt niet in de al royale ambtenarenpensioenen geknipt, ze stijgen gewoon minder snel.

Een lagere reële groeinorm is welkom om de overconsumptie in de sector tegen te gaan

Stap in de goede richting

Het is de typisch Belgische ‘newspeak’ : besparen is ervoor zorgen dat uitgaven minder snel stijgen. Dat wordt al gezien als een succes ter rechterzijde en als een onverantwoorde manier van saneren aan de linkerkant van het politieke spectrum.

Feit is wel dat uitgaven minder snel doen stijgen inderdaad economisch een goede zaak is. Niet ideaal, maar een stap in de goede richting. De regering-Michel koos in 2015 voor een eenmalige indexsprong. Het was de enige periode in de voorbij 20 jaar dat de uitgaven van de overheid via die weg minder snel stegen dat de economische groei en de begroting dus niet extra bezwaard werd. Een indexsprong zit er na de volgende verkiezingen opnieuw aan te komen. Niet alleen voor de hoogste pensioenen, ambtenarenpensioenen of partijdotaties zoals de N-VA nu voorstelt, maar op alle uitgaven en lonen. Gewoon omdat dat één van de gemakkelijkste manieren is om de begroting gezonder te maken.

Er zal ook druk komen van de Europese Commissie om voor die piste te kiezen, aangezien de begrotingscijfers slechter en slechter zullen worden. Het zou wat zijn : voor het eerst een regering met socialisten die voor een vermaledijde indexsprong moet kiezen. Omdat het niet anders kan.

foto’s (c) Gazet van Hove .