COLUMN – door Siegfried Bracke – www.doorbraak.be .
foto © Screenshot www.standaard.be – De Standaard, DB
Hebt u gezien dat De Standaard voortaan ook in het Frans kan worden gelezen ? Op de dag af 107 jaar na de allereerste editie – met toen op de eerste bladzijde ‘Vlamingen, spreekt uw taal’ – is de allereerste De Standaard en Français verschenen. Een antwoord, zegt de redactie, op een ‘toenemend democratisch tekort’ : er zijn geen media voor alle Belgen. Een ‘tastbare lacune’, en wijlen de katholieke en flamingantische krant gaat die opvullen.
De Standaard huist in Brussel – ergens anders wonen, lees je tussen de regels, is beneden alle peil – maar betreurt dat er door de taalbarrière niet kan worden gecommuniceerd met de grootste groep Brusselaars. Vandaar : een aantal stukken wordt vanaf nu elke dag vertaald. In wat de hoofdredacteur ‘cultureel fijngevoelig Frans’ noemt. Wat dat ook moge zijn… Onze journalistiek, zegt de man, is relevant voor het hele land.
Dat is een merkwaardige uitspraak : ze staat immers haaks op het wezen van een krant, en bij uitbreiding van elk ander journalistiek mediaproduct.

AI-vertaling
Het klopt natuurlijk dat vertalen nog nooit zo simpel en goedkoop is geweest. Wie het zelf al heeft geprobeerd zal het bevestigen : het is verrassend hoe goed die AI-vertalingen zijn. Maar een krant is natuurlijk veel meer dan de handleiding van een IKEA-kast. Een krant is veel meer dan een stapel zinnen die je omzet naar een andere taal.
Even een gedachteoefening. Beeld je in : je komt in een onbekende stad in een krantenwinkel. De geur van bedrukt papier is wereldwijd dezelfde. In de rekken staan kranten en tijdschriften uit de hele wereld, maar – wonder boven wonder – alles is in het Nederlands. De koppen schreeuwen om aandacht, met straffe uitspraken of feiten, met opvallende kleuren ook.
Een krant is veel meer dan een stapel zinnen die je omzet naar een andere taal.
Toch valt te vrezen dat ongeveer iedereen dat allemaal negeert. Niet omdat je ze niet kan lezen, maar omdat ze simpelweg niets met jouw leven te maken hebben. We voelen ons niet aangesproken.
Om maar te zeggen dat vertalingen wel de juiste woorden kunnen leveren, maar geen betrokkenheid. Zelfs media die à la De Standaard de indruk willen wekken alleen maar verheven journalistieke principes toe te passen, teren op betrokkenheid. Ik moet me inhouden of ik gebruik hier het modewoord verbinding.
Context
Taal kan je vertalen; cultuur niet. nieuws en duiding moeten bovendien niet alleen min of meer belangrijk zijn, ze moeten ook belangwekkend zijn. De voorwaarde om nieuws te consumeren is dat ik wíl lezen, luisteren, kijken. Een fabriekssluiting in Ulaanbaatar kan van het allergrootste belang zijn, maar het einde van een bedrijfje in het dorp naast het mijne vind ik waarschijnlijk stukken interessanter : ik ken namelijk mensen die daar werken.

Nieuws is altijd een afdruk van een samenleving op een bepaald moment op een bepaalde plaats. Nieuws ontstaat nooit in het luchtledige. Context is de essentie van journalistiek. Kranten zijn daarom vaak ook spiegels, zelden exportproducten. Wie vertaalde journalistieke teksten probeert te verkopen, verkoopt geformatteerde leegte, gebakken lucht.
Context is de essentie van journalistiek.
Dat geldt ook voor de zogeheten grote thema’s: geopolitiek, technologie, klimaat. Die zijn effectief overal relevant, en beslist niet te negeren. En toch… Een hittegolf in Spanje is totaal anders dan een hittegolf in Noorwegen. Zelfs als zwart op wit zou vaststaan dat die allebei te maken hebben met de opwarming van de aarde. Eigenheid kruipt altijd en overal tussen de regels. Vertalen kan natuurlijk altijd, maar betekenis is en blijft altijd lokaal.
Er bestaat in Frankrijk een krant die Le Journal de la Haute Marne heet. Naar verluidt een groot commercieel succes. De formule ? Dertig bladzijden lokaal en regionaal nieuws; voor de rest blijft er een kleine twee bladzijden over. Dat is blijkbaar genoeg. Het concept van Het Belang van Limburg, maar dan helemaal doorgedacht.
Dat De Standaard meent dat de Vlaamse context een te verwaarlozen detail is, is dus een vergissing zo groot als een koe. Zoals er geen Belgische politieke partijen meer zijn, is er ook geen Belgisch medialandschap. Vanwege totaal verschillende referentiepunten, totaal verschillende belangstelling ook.

C’est qui ça ?
Ik heb in 2015 de Kamer voorgezeten zonder één Franstalige volksvertegenwoordiger in het halfrond. Geen sprake van een omgekeerd Bye bye Belgium. Ze waren allemaal naar de televisie gaan kijken : president Hollande hield een toespraak…
De Standaard heeft maar liefst vier stevige stukken geschreven over Clement, de nieuwe zoon van Prins Laurent. La Libre Belgique eentje. Want Wendy Van Wanten, c’est qui ça ?
Wendy Van Wanten, c’est qui ça ?

De VRT heeft in de jaren negentig een apart nieuwsprogramma gemaakt met daarin uitsluitend nieuws van over de taalgrens. Een selectie uit wat de RTBF had gebracht. Het werd nauwelijks bekeken. Bleek trouwens dat nogal wat stukken niet bruikbaar waren; juist vanwege de vele referenties naar wat wij niet kenden.
De Standaard schrijft het ook zelf : heel weinig mensen lezen zowel Vlaamse als (Belgisch)-Franse kranten. Niet vanwege toegenomen flamingantisme, zelfs niet vanwege de tanende kennis van het Frans, wel vanwege uiteen gegroeide werelden. Vanwege media ook die begrepen hebben dat je – anders dan in de tijd van de verzuiling – maar kranten kan verkopen als je de lezer aanraakt.
Wishful thinking
Ja natuurlijk zijn er grote, belangrijke internationale kranten : Le Monde, The Financial Times, de Neue Zürcher Zeitung. Al viel het mij destijds bij de VRT op dat die zeer vaak onaangeroerd bleven liggen… En natuurlijk publiceert De Morgen geregeld stukken uit The New York Times. Maar ook dan gebeurt dat vanuit het idee dat dat stuk de De Morgen-lezer zal of kan aanspreken.
Bij Mediahuis hopen ze door De Standaard en français binnenkort meer abonnementen te verkopen. Ook, schrijven ze, omdat de regering-De Wever de communautaire détente versnelt, en het land naar een meer ‘mature’ fase van het federalisme leidt. Wishful thinking.
Een motivering waarvan ze zich zelfs in het Paleis afvragen of er niets beters te bedenken valt.

Siegfried Bracke was voor de N-VA Kamervoorzitter en gemeenteraadslid in Gent. Voordien was hij journalist bij de VRT.
foto’s (c) Gazet van Hove.


