door Angélique Vanderstraeten in ’t Pallieterke .

Met de sluiting van de vestiging van glasvezelproducent Envalior in Kallo verdwijnt nog eens een chemiebedrijf in de Antwerpse haven. Deze cruciale industrietak is stilaan aan het doodbloeden. Om dat bloeden te stelpen, zijn er verschillende remedies gaande van subsidies over heffingen op Chinese producten tot de afbouw van de klimaatdoelstellingen. Alleen is dat in de praktijk niet zo eenvoudig.

Envalior, Arlanxeo, BASF, TotalEnergies, ExxonMobil, Vioneo, Vynova, Domo Chemicals,… Kan u ze nog bijhouden, de chemiebedrijven uit de Antwerpse haven die herstructureren, sluiten of vertrekken? De laatste in de rij is glasvezelproducent Envalior in Kallo. Het bedrijf kan niet meer op tegen de Chinese concurrentie. De glasvezel uit het Verre Oosten is van dezelfde kwaliteit, maar veel goedkoper. Afnemers – de auto-industrie en de bouwers van windmolens – hebben hun keuze dan snel gemaakt.

Ondertussen zit het ondernemersvertrouwen van de chemiesector op een historisch laag niveau. Dat betekent dat de pijnlijke aankondigingen nog niet ten einde zijn. Extra probleem hierbij zijn de zogenaamde ‘overloopeffecten’. Als één bedrijf wordt geraakt, blijven de andere niet buiten schot. Een van de sterktes van de Antwerpse chemiecluster – na Houston in Texas nog altijd de tweede grootste ter wereld – is dat de verschillende chemiebedrijven als toeleverancier voor elkaar werken. Dat voordeel is door het gecombineerde vertrek en sluiting van bedrijven aan het verdwijnen. De bedrijven zijn klant en leverancier van elkaar. Kortom, wat nu gebeurt, is een langzaam leegbloeden van de Antwerpse havencluster.

Het bloeden stelpen

Let op, er is ook goed nieuws zoals de Project One-ethaankraker van Ineos in de Antwerpse haven. Het is de grootste investering in Europese chemie in 20 jaar. Maar het mag de structurele problemen niet maskeren. Die zijn drievoudig. Ten eerste is de energieprijs hier veel te hoog, wat een concurrentieel nadeel is. De Europese Green Deal die de Europese Unie tegen 2050 klimaatneutraal wil maken, wordt door de chemiesector niet afgewezen, maar de investeringen die deze transitie vergen, zijn duur en jagen de bedrijven hier op kosten, daar waar men dat in de VS en China niet kent. Ten derde kampt de Chinese industrie met overcapaciteit en dus dumpt men vanuit het Midden-Oosten de overschotten op de Europese markt. Voor consumptiegoederen bestemd voor de eindgebruiker kan men dat nog weglachen en de mensen aanraden geen ‘Chinese brol’ te kopen. Voor basisgrondstoffen voor de industrie waarvan de kwaliteit dezelfde is als de Europese, ligt dat moeilijker.

Het bloeden zou men moeten kunnen stelpen. Daar bestaan verschillende pistes voor. Alleen: de oplossingen liggen minder voor de hand dan men denkt. Eigenlijk zijn de deuren richting redding van de Antwerpse chemie bijna allemaal dicht. Tenzij er radicale keuzes worden gemaakt. Het kan geen kwaad de vier pistes te overlopen.

Ten eerste kan Europa beslissen om de energieprijzen te doen dalen door opnieuw massaal een beroep te doen op Russisch gas als energiebron. Dat heeft een paar decennia geleden meegeholpen om het zoveelste Duitse Wirtschaftswunder te creëren. Alles veranderde met de Russische inval in Oekraïne. De directe aanvoer uit Rusland viel stil, en onder andere de Verenigde Staten vulden deze leemte op met de export van eigen vloeibaar LNG-gas naar Europa. Wie is er echter bereid opnieuw te pleiten voor de rechtstreekse import van Russisch gas ? Zelfs bij een wapenstilstand tussen Rusland en Oekraïne. Weinigen zullen dit durven.

Hier moeten we wel een nuance meegeven. De gasprijs kan omlaag zonder Russisch gas, maar door gewoon de ETS CO2-heffing te schrappen. Dat is een Europees opgelegde milieu-taks gekoppeld aan de handel in emissierechten. Haal die weg en de bedrijven ademen. Want om terug te komen op de hoge gasprijs : met inflatiecorrectie is huidige gasprijs gelijk aan 2018. Azië betaalt vandaag een gelijke gasprijs, maar geen CO2-heffing.

Chinezen belasten

Een tweede mogelijkheid is een heffing op Chinese goederen, zodanig dat ze de Europese markt niet meer kunnen overspoelen. Maar dat kan leiden tot een nieuwe handelsoorlog. Terwijl Europa op dat vlak eerder op zoek is naar stabiliteit.

Een derde piste is dat er vanuit Europa werk wordt gemaakt van een nieuw subsidiebeleid. Eigenlijk doen ‘we’ in dat geval hetzelfde als de Chinezen : de eigen industrie zo veel mogelijk financieel stutten. Dat betekent echter dat er een einde komt aan het heilige systeem van een interne Europese markt met klassieke concurrentieregels. Bovendien betekent een soepel subsidiebeleid nog niet dat chemiebedrijven in Antwerpen blijven. Misschien zullen ze omwille van de gunstige ligging met de haven niet direct vertrekken. Wat vooral een risico is, is dat grote EU-landen met hogere subsidies zwaaien, waardoor belangrijke industriële investeringen vooral in Duitsland en Frankrijk zullen gebeuren. We hebben dat al gezien met onder andere de Vlaamse aardappel- en frietproducenten die over de grens naar Noord-Frankrijk trekken. Idem met het beleid van de Franse president Emmanuel Macron om via miljarden euro’s producenten van batterijen naar zijn land te lokken.

Een laatste oplossing is het bijsturen van de Europese klimaatambitie van netto-nul-emissie in 2050. De Green Deal afzwakken dus. Dat lijkt de gemakkelijkste manier om de kosten voor de bedrijven te doen dalen. En sluit aan bij het hoger genoemde voorstel om het ETS CO2-takssysteem af te bouwen. Maar men dreigt hier te botsen met de Europese mensenrechten die door rechtbanken extreem breed worden geïnterpreteerd. Je kan er gif op innemen dat links-groene ngo’s naar het Europees Hof van Justitie zullen stappen om zich te verzetten tegen een afgezwakte Green Deal omdat dit de gezondheid zou schaden en dus in strijd is met het recht op (gezond) leven. Een juridisering die ze in de VS en China amper of niet kennen.

foto’s (c) Gazet van Hove.