Schooldirecteur Philip Brinckman duidt het protest tegen onderwijsminister Demir
NIEUWS – door Filip Michiels – www.doorbraak.be

Zes jaar geleden legde de Vlaamse adviescommissie Beter Onderwijs een hele rist voorstellen op tafel om ons onderwijs grondig te hervormen. Hoe kijkt de voorzitter van die commissie, schooldirecteur Philip Brinckman, vandaag naar het groeiende verzet tegen de hervormingsplannen van Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) ? ‘De minister bedoelt het goed, maar ik snap dat sommige directeurs zich afvragen of ze alles wel tijdig gebolwerkt krijgen.’
Zowat alle internationale onderwijsonderzoeken gaven hetzelfde signaal: het Vlaamse onderwijs zit kwalitatief in vrije val. Om nog maar te zwijgen over het groeiende disciplineprobleem op vele scholen. Maar wanneer er een minister van Onderwijs opduikt die niet aarzelt om ook een aantal heilige huisjes aan te pakken, is het kot plots te klein ?
Philip Brinckman: We hebben met onze commissie 58 adviezen afgeleverd om het Vlaamse onderwijs grondig te hervormen. Zowel huidig minister van Onderwijs Zuhal Demir als haar voorganger Ben Weyts (N-VA) zijn daar stevig mee aan de slag gegaan. Dat stemt me uiteraard tevreden. Opnieuw meer scholing naar de scholen brengen, meer inzetten op discipline op school of het efficiënte gebruik van de schooltijd tegen het daglicht houden, dat zijn belangrijke stappen vooruit.

Maar toch : uitgerekend de plannen van Demir om te snoeien in het aantal evaluatiedagen na de examenperiodes en in de pedagogische studiedagen krijgen nu vanuit het onderwijsveld veel kritiek.
Ik ben vóór een pedagogische studiedag als zo’n dag kwalitatief wordt ingevuld. De minister heeft een punt als ze zegt dat die dagen niet altijd even zinvol worden ingevuld. Maar misschien moeten we niet meteen het kind met het badwater weggooien. Aanvankelijk waren het overigens vooral de leerlingen die protesteerden tegen het schrappen van een facultatieve vrije dag of van de pedagogische studiedag.
Het is goed dat de minister zelf langs de Vlaamse scholen trekt om haar beleid te duiden.
Het protest van de leerkrachten vandaag richt zich vooral op de beperking van die evaluatiedagen. In sommige scholen overdrijft men daarmee, dat klopt absoluut, maar ik stel nu toch vast dat het voorstel van de minister wellicht iets te ver gaat. Zelfs in onze eigen school, waar we dat soort dagen al veel langer echt tot het absolute minimum trachtten te beperken, komen we er niet met wat de minister nu voorstelt. Op een bepaald moment stapelt het ongenoegen zich dan op, en daarom is het goed dat de minister nu zelf langs de Vlaamse scholen trekt om haar beleid te duiden en te verdedigen.

‘Het gaat te ver, te snel en het is te veel,’ stelde een directeur van een Gents GO-atheneum vorige week in De Tijd. ‘Scholen kunnen nu wat rust gebruiken.’ Is het niet aan de politiek om te bepalen hoe ons onderwijs hervormd wordt? En hebben we hier net niet veel te lang op onze lauweren gerust ?
Enerzijds moet ik u gelijk geven, anderzijds begrijp ik die directeur die pleit voor wat rust. Je hebt echt geen idee van wat er in het onderwijs vandaag allemaal op ons afkomt. Ik was bijvoorbeeld iets te laat voor dit interview omdat ik tijd wilde maken voor een leerling met zeer zware psychologische problemen. Dergelijke problemen zijn ook niet zomaar op te lossen. Een luisterend oor bieden voor je doorverwijst, behoort ook tot het menselijke aspect van het onderwijs.
Misschien speelt de voortvarende communicatie van de minister haar soms parten.
Ik begrijp dat de minister het goed bedoelt en ons net een beter kader wil geven om kwalitatiever onderwijs te kunnen aanbieden, maar we moeten het ook nog allemaal tijdig kunnen bolwerken. En misschien is het soms de nogal voortvarende communicatie van de minister die haar enigszins parten speelt. En het gevoel in het veld dat er weinig of geen ruimte is voor tegenspraak. In combinatie met de ongerustheid over wat er mogelijk nog volgt, zoals het vage plan ‘Onderwijs voor iedereen’.

Met een aantal maatregelen viseert de minister natuurlijk ook de macht en invloed van de gevestigde machten in het onderwijs, lees de koepels en de vakbonden. Ik kan me niet van de indruk ontdoen dat ook zij nu tegengas geven, misschien deels om ideologische redenen ?
Dat zou kunnen, en net daarom is het goed dat ze nu rechtstreeks naar de werkvloer stapt om haar plannen te duiden aan directies en leerkrachten. Sommige aanpassingen die in haar jongste onderwijsbrief opduiken, zouden in september al moeten ingaan. Ik begrijp wel dat dit voor sommige scholen heel kort dag is en dat sommige directeurs met de handen in het haar zitten. Leerlingen uit de eerste of tweede graad die niet meer automatisch naar huis mogen wanneer hun leerkracht ziek is: ik vind dat een verdedigbare maatregel, maar je moet natuurlijk wel het personeel vinden om die leerlingen ook op te vangen. Wellicht is een dergelijke opvang in minder abstracte richtingen ook niet zo vanzelfsprekend.
Dit soort protest vanuit de scholen voedt natuurlijk wel het cliché dat het onderwijs een logge tanker is, waar flexibiliteit niet het hoogste goed is.
Daar ben ik het niet mee eens. Ik besef dat dit buiten het onderwijs een populaire perceptie is, maar ik kan je garanderen dat vele zij-instromers vanuit de privé zich te pletter schrikken over de werkdruk en de complexiteit in het onderwijs anno 2026. En ja, het gaat hier soms traag, maar je werkt nu eenmaal met mensen. De samenleving is in alle domeinen complexer geworden.

Maar hoe kan dat toch, in de wetenschap dat het Vlaamse onderwijsbudget relatief gezien bij de hoogste van Europa ligt ?
Er gaat effectief een monsterbedrag naar onderwijs in Vlaanderen, maar de vraag is vooral: waarvoor wordt dat geld gebruikt? Gaat het geld altijd naar de klasgroep of zijn er heel wat managementstructuren die als grote slokoppen fungeren? Ik heb ook nogal wat twijfels bij de meerwaarde van nieuwe gigascholen met zeer grote schoolbesturen, net omdat je dan veel extra tussenstructuren nodig hebt, die veel geld kosten. Grote besturen missen soms het contact met de werkvloer, wat vervreemdende structuren of tussenlagen moeten opvangen. Hier en daar valt er nog wat efficiëntiewinst te boeken. Af en toe bots je onvermijdelijk ook op de mensen die de huidige structuren bemannen.
Kan u zich vinden in de analyse die vandaag vooral ter rechterzijde van het politieke spectrum wordt gemaakt, dat het verzet tegen Zuhal Demir deels ook politiek en ideologisch geïnspireerd is ?
Kijk, we kunnen enkel maar slagen in ons opzet om het Vlaamse onderwijs opnieuw naar een hoger niveau te tillen als we het samen doen. Ik ben een groot voorstander van de vrijheid van onderwijs, maar tegelijk moet dat onderwijs zich natuurlijk houden aan de structuren die het vanuit de politiek – een democratisch gekozen bestuur – aangereikt krijgt. Ik heb de indruk dat er binnen het katholieke net een zeer grote bereidheid is om met de minister samen aan de weg te timmeren. Geloof me vrij: alvast het katholiek onderwijs was vroeger veel ideologischer geïnspireerd dan vandaag. Er zijn machtsstructuren die spelen, dat zeker, maar ik heb niet het gevoel dat ideologie nog een doorslaggevende rol speelt. Nu speelt veel eerder een marktprincipe dat ook het onderwijsbedrijf binnengedrongen is.

Zes jaar geleden formuleerde uw adviescommissie Beter Onderwijs 58 concrete adviezen en 10 speerpunten om de onderwijskwaliteit in Vlaanderen op te krikken. Hoeveel procent van dat traject is vandaag al afgelegd ?
Ik schat toch zestig tot zeventig procent. Dat is dus lang niet zo slecht, al zijn er zeker nog enkele pijnpunten en uitdagingen, en vooral: het heeft tijd nodig. Ik denk dan bijvoorbeeld aan de invulboeken. Sommige leerkrachten beschikken vandaag nog niet over de juiste middelen om goed les te geven. Daarnaast blijft er de uitdaging van het teveel aan schermen: gsm’s en smartphones vergiftigen het leerproces. We hadden hier onlangs een opendeurdag op school en onvoorstelbaar maar waar: voor heel veel ouders én leerlingen bleek ons strenge beleid op dat vlak onze grootste troef. Een papieren schoolagenda, en dus geen agenda op de smartphone, zelfs geen verplichte aankoop van schermen, dat vonden ze ronduit fantastisch.
Het onderwijs is nog nooit zo inclusief geweest, maar alle leerlingen door dezelfde schooldeur, dat lukt eenvoudigweg niet.
Ik ben vandaag het meest bezorgd over de verplichting om het onderwijs altijd maar inclusiever te maken. Wat sommigen ook beweren: het onderwijs is nog nooit zo inclusief geweest, maar alle leerlingen door dezelfde schooldeur, dat lukt eenvoudigweg niet. Ik pleit zeker niet voor exclusieve, elitaire scholen of voor scholen waar pakweg leerlingen met een beperking niet meer welkom zouden zijn. Maar scholen voor iedereen, waar buitengewoon onderwijs en gewoon onderwijs door elkaar lopen, zijn niet haalbaar. Niet voor de leerkrachten voor de klas en niet voor de leerlingen in de klas of op de speelplaats. Ook voor de toenemende groep van leerlingen met opvoedingsproblemen en gedragsstoornissen moeten we onderwijs op maat kunnen voorzien. Sommige kinderen hebben nu eenmaal meer kansen nodig, en dat kan niet in elke school. Het promoten van scholen voor iedereen, dat is pas ideologie. De huidige onrust op de werkvloer heeft ook hiermee te maken.

Heeft die sterke focus op inclusie de kwaliteitslat te veel naar beneden gehaald ?
Als de nadruk vooral op die middenmoot komt te liggen, dan is het risico zeker niet onbestaande dat die leerlingen die er cognitief wat boven uitsteken zich gaan vervelen. Daar moeten we niet flauw over doen.
Uzelf heeft altijd aangedrongen op een hervorming en herwaardering van de lerarenopleiding: zijn er op dat vlak al voldoende stappen voorwaarts gezet ?
Toch wel. In de lerarenopleiding is er nu een echt bindende toegangsproef ingevoerd. Dat heeft een dubbel voordeel: je stelt een minimale kwaliteitsdrempel in en tegelijk geeft zo’n proef ook een zeker prestige aan die opleiding. De nieuwe opleiding legt ook meer nadruk op het belang van het doorgeven van kennis. Kennisrijk onderwijs is immers kans- en cultuurrijk onderwijs, en doet ook dienst als een sociaal bindmiddel. Deze visie op onderwijs hebben we 20 jaar lang verwaarloosd. Ik heb er dus wel vertrouwen in dat het nu de juiste richting uitgaat.

Filip Michiels is zelfstandig journalist/auteur en schreef ruim 20 jaar voor diverse Belgische kranten, weekbladen en websites. Hij won tweemaal de Citi Persprijs voor economische journalistiek en was eenmaal genomineerd voor de Belfius Persprijs. In 2022 publiceerde hij de biografie van Bessel Kok : “Chaos & Charisma”. Hij werkt sinds 2019 voor Doorbraak en coördineert ook Doorbraak Magazine.
foto’s (c) Gazet van Hove.

