Op de laatste gemeenteraad voor de zomervakantie vroeg raadsvoorzitster Gerda Lambrecht (N-VA) naar de stand van zaken betreffende de weesfietsen in de gemeente ? Ze legde haar rol van voorzitter even opzij. “Het aantal fietsers is in Hove de voorbije jaren sterk toegenomen. Deze groei draagt in belangrijke mate bij tot de modal-shift binnen de gemeente, de omgeving. Met het stijgend aantal fietsers neemt ook het aantal weesfietsen toe. Sedert 2024 worden meer elektrische dan klassieke fietsen verkocht en ook een aantal van die elektrische fietsen worden achter gelaten. Vele van die fietsen bevinden zich in en om de stationsomgeving maar ook op andere plaatsen binnen de gemeente. Een recent voorbeeld : ik wandel dagelijks in Frijthout, daar bevinden zich na manifestaties zoals Sfinks meerdere achtergelaten fietsen. De meeste worden binnen de week opgehaald, maar er blijven altijd weesjes achter. Er staat er nu al eentje van 14 mei en dat is geen fiets die niet meer kan rijden, daar is niets mis mee, die staat daar gewoon, die wordt niet opgehaald. Ik kan geen cijfers terugvinden van het aantal hier in Hove maar stel vast dat er her en der wel weesfietsen in het straatbeeld aanwezig zijn. Ik heb hierover een aantal vragen : hoeveel weesfietsen worden er in Hove opgehaald ? Op welke plaatsen en in welke wijken worden de meeste overtredingen vastgesteld ? Wordt er ook specifiek ingezet op de stationsomgeving ? Welke werkwijze en frequentie worden gehanteerd voor de opsporing en de verwijdering ? Is dit op vaste tijdstippen ? Volgens een bepaalde planning of volgens oproep ? Welke gemeentelijke dienst staat in voor de opvolging en de coördinatie van dit beleid ? Wat gebeurt er met de opgehaalde fietsen en hoeveel van deze fietsen komen nog bij hun eigenaar terecht ? Of worden definitief afgevoerd of herbestemd ?” wilde de voorzitster allemaal weten.

Schepen van openbare werken en afvalbeleid Bart Van Couwenberghe (N-VA) antwoordde : “In Hove zijn we getuige van een bijzonder positieve evolutie . Steeds meer inwoners kiezen voor de fiets en voor het woon-werkverkeer, voor de schoolritten of het bezoek aan familie of om te genieten van onze mooie gemeente. Dat is goed nieuws, goed voor de gezondheid, goed voor de leefbaarheid en goed voor het milieu. Maar zoals elke succesvolle evolutie brengt dit ook nieuwe uitdagingen met zich mee. Dit zijn de zgn. ‘weesfietsen’. Een weesfiets is gelukkig geen fiets die noodgedwongen op zoek moet gaan naar een pleeggezin. Het gaat om fietsen die gedurende een lange tijd achter blijven op openbaar domein, zonder dat duidelijk is wie de eigenaar is of dat ze daadwerkelijk nog gebruikt worden. Ze nemen stallingruimte in beslag en kunnen voor hinder zorgen en doen afbreuk aan ordelijk gebruik van onze publieke ruimte. Dat fenomeen stellen we vast op verschillende plaatsen in de gemeente. De stationsomgeving verdient daarbij bijzondere aandacht omdat er veel fietsbewegingen samenkomen maar ook na evenementen zien we soms achtergelaten fietsen opduiken. Het voorbeeld van Sfinks is herkenbaar. De meeste fietsen vinden na afloop hun eigenaar terug. Maar af en toe blijft er ééntje achter dat blijkbaar een langer verblijf in Hove heeft gepland dan oorspronkelijk voorzien. Wat doen we eraan ? Jaarlijks leveren onze diensten ongeveer honderd fietsen die gestald staan op openbaar domein en met zo’n label geven we de eigenaar de kans om de fiets te verplaatsen. We gaan er natuurlijk niet overhaast tewerk, mensen kunnen op vakantie zijn, een defecte fiets tijdelijk achtergelaten of om één of andere reden niet direct reageren. Wanneer een fiets na de voorziene termijnen niet verplaatst wordt, beschouwen we die als een mogelijke weesfiets en volgt de verdere opvolging. Ongeveer de helft van de fietsen die uiteindelijk worden verwijderd blijkt een fietswrak te zijn. Deze worden allen afgevoerd. Fietsen die nog in een goede staat verkeren krijgen eerst de kans om hun eigenaar terug te vinden. Ze worden geregistreerd op het platform ‘gevonden Vlaanderen’. In 2025 werden op die manier drie fietsen opgenomen in dat systeem. Dat platform biedt ook de mogelijkheid voor inwoners om hun eigen fiets te laten registreren , wanneer later een achtergelaten fiets wordt binnengehaald kan er automatisch een koppeling gemaakt worden met de rechtmatige eigenaar. Indien deze fiets niet wordt opgehaald en is hij nog in bruikbare staat dan krijgt zij een sociaal nuttige bestemming. Via het OCMW kan deze fiets worden ingezet voor cliënten die zich moeilijk kunnen verplaatsen. Zo krijgt de achtergelaten fiets alsnog een tweede leven en kan zo opnieuw bijdragen aan de mobiliteit van een Hovenaar, een inwoner. De coördinatie en opvolging gebeuren vandaag door onze gemeentelijke diensten die meldingen behandelen, controles uitvoeren, fietsen labelen en waar nodig overgaan tot verwijdering en registratie. Laat mij afsluiten met de éénvoudige gedachte : ons doel is niet om fietsen weg te halen, ons doel is net om zoveel mogelijk mensen op de fiets te krijgen. Maar een goede fietscultuur vraagt ook een goed beheer van de ruimte die we samen gebruiken. Een fietsenstalling is een beetje zoals een parkeerplaats, die is bedoelt voor een voertuig dat gebruikt wordt en niet voor een voertuig om er permanent een intrek te nemen. Door weesfietsen zorgvuldig op te volgen zorgen we ervoor dat de beschikbare plaatsen toegankelijk blijven voor vele Hovenaars die elke dag bewust voor de fiets kiezen. En misschien kunnen we het zo samenvatten : in Hove geven we elke fiets graag een thuis maar liefst wel bij haar eigenaar. Ik dank u”.
Applaus door een aantal raadsleden.
Incident gesloten.



foto’s (c) Gazet van Hove.

