
door Karim Van Overmeire in ’t Pallieterke .
De Amerikaanse conservatieve auteur Helen Andrews publiceerde vorig jaar een ophefmakend essay. Onder de titel ‘The Great Feminization’ (De Grote Vervrouwelijking) betoogde ze dat er een verband bestaat tussen de woke-cultuur en het feit dat vrouwen de meerderheid zijn gaan uitmaken in belangrijke maatschappelijke sectoren zoals het onderwijs, de juridische wereld en de pers.

Het essay gaf aanleiding tot pittige gedachtewisselingen, vooral dan tussen vrouwen onderling. Mannen leken zich afzijdig te houden. Ik heb, eerlijk gezegd, ook even getwijfeld om deze column te schrijven. Een slordige lezing van de tekst – en die slordigheid kan bewust of onbewust zijn – zet mij in een hoek waar ik niet thuis hoor. Wie mij kent, weet ik dat een grote fan ben van slimme en mentaal sterke vrouwen, gewoon omdat dit nu eenmaal interessantere gesprekspartners zijn. Het feit dat vrouwen nu, in tegenstelling tot vroeger, kunnen studeren, werken, stemmen, ondernemen en leidinggeven, maakt ons als gemeenschap sterker.
Helen Andrews – zelf een slimme en sterke vrouw – zegt nergens dat vrouwen minder bekwaam zijn of dat ze niet tot topfuncties mogen doorgroeien. Ze zegt wel dat er in groepen waar vrouwen de meerderheid uitmaken, andere mechanismen spelen en andere waarden gehanteerd worden dan in overwegend mannelijke groepen.

Consensus en empathie
Andrews baseert zich op statistische gemiddelden. Het feit dat tussen vrouwen onderling empathie en consensus meestal belangrijker zijn dan tussen mannen, betekent niet dat er geen empathische mannen bestaan of dat sommige vrouwen consensus minder belangrijk vinden. We zijn echter onmiskenbaar het product van tienduizenden jaren evolutie waarbij mannen en vrouwen andere rollen op zich namen. Dat heeft ertoe geleid dat in overwegend mannelijke groepen competitie, directe communicatie en hiërarchie een belangrijker rol spelen dan in overwegend vrouwelijke groepen.
Die laatste zijn meer op overleg, gevoelens en subtiele communicatie gebaseerd. Dat ervaren we toch allemaal ? Als ik met mijn mannelijke vrienden op stap ga, maakt het openlijk plagen, testen en uitlachen van elkaar deel uit van de dynamiek. Het is altijd een beetje rugby. Ik laat me vertellen dat gelijkaardig gedrag onder vriendinnen als zeer vijandig zou beschouwd worden.
De kern van Andrew’s betoog luidt dat de zogenaamd ‘vrouwelijke’ normen en patronen de ‘mannelijke’ gaan verdringen van zodra vrouwen de meerderheid gaan vormen in een instelling, Andere mensen worden dan aangeworven en gepromoveerd. Andere soorten gedrag worden beloond of bestraft.
Het onderwijs – in Vlaanderen ondertussen voor 71 procent door vrouwen bevolkt – is een goed voorbeeld. De cultuur is daar sterk gewijzigd. Competitieve leerlingen moeten leren samenwerken. Een kleine vechtpartij op de speelplaats wordt niet meer geduld. Op de rapporten vind je geen rangorde meer terug. Als er dan toch een wedstrijd is, krijgt iedereen een medaille of een prijs. De universiteiten hebben een diversiteitsbeleid en ‘safe spaces’.

Tuchtprocedures en intentieprocessen
Dat betekent niet, aldus Andrews, dat vrouwen minder agressief zijn. Hun agressie uit zich alleen op een andere, meer subtiele manier: niet door een duw of een scheldpartij, maar door het toebrengen van reputatieschade. Lees: roddelen, kwaadsprekerij en intentieprocessen die tot sociale uitsluiting leiden. Professoren lopen nu tegen een tuchtprocedure aan omdat ze voor ‘een toxische sfeer’ zorgen, en omdat collega’s beweren dat ze zich niet meer veilig voelen. Dat brengt ons bij de woke cancel-cultuur van vandaag.

Er kunnen wel wat kanttekeningen gemaakt worden bij het betoog van Andrews. In de praktijk passen heel wat mannen en vrouwen niet in de theoretische vakjes. Ook in de erg ‘vervrouwelijkte’ sectoren zoals onderwijs zijn de topposities vaak nog in handen van mannen, en veel van die mannen werken mee aan de verspreiding van die zogenaamd ‘vrouwelijke’ cultuur. We mogen bovendien het verleden niet idealiseren. Een louter op ‘mannelijke’ waarden gebaseerde organisatie heeft ook wel wat verbeterpunten.
Feit is dat we in het Westen een stille revolutie meemaken. Nooit eerder in de geschiedenis vormden vrouwen de meerderheid in zoveel vitale instellingen, van het onderwijs over de administratie tot de juridische wereld. Dat zorgt ervoor dat deze instellingen ook op een andere manier gaat functioneren. Vaak zijn dat evoluties ten goede, maar de slinger moet misschien ook niet te ver in de andere richting doorslaan.

foto’s (c) Gazet van Hove.

