www.vosnet.org
Wie wil genieten van de baten, moet mee de lasten dragen
‘Nooit meer oorlog’ blijft de norm, beaamt minister van Defensie Steven Vandeput. In één adem waarschuwt hij echter voor naïviteit. Als ons samenlevingsmodel ons dierbaar is, moeten we realistisch en dus weerbaar blijven. Daarom zijn zelfs in tijden van besparingen investeringen in defensie broodnodig, aldus de minister.

De tering wordt overal naar de nering gezet. Ook Defensie doet zijn duit in het zakje ?
“Andermaal, zou ik zeggen. De saneringsoperatie in Defensie is al jaren aan de gang. Als zodanig verschilt het federale regeringsbeleid niet van het vorige. Anders is dat de huidige regering ook snoeit in vele andere departementen. Wie de cijfers ernstig neemt, weet dat we geen andere keuze hebben. Het overheidsbeslag moet omlaag en de concurrentiekracht van onze bedrijven versterkt. Alleen door te saneren en te investeren kunnen we onze welvaart en welzijn op termijn veilig stellen. Tegen 2018 een budgettair evenwicht, daar gaan we voor. Later zal men ons er dankbaar voor zijn. Maar nu moeten we door de zure appel heen, ook op Defensie.”
Kunt u er in komen dat de sanering op Defensie goed valt in de vredesbeweging ?
“Het tegendeel zou mij verbazen, alhoewel. We mogen niet te kort door de bocht gaan. Veiligheid blijft een prioritaire taak van de overheid. In de 19de-eeuwse nachtwakerstaat was het met voorsprong haar voornaamste kerntaak. Sindsdien heeft de staat haar bereik almaar verruimd. Maar ook in onze welvaartstaat moet ze de veiligheid blijven garanderen. Omdat West-Europa – gelukkig – al vele jaren geen oorlog meer heeft gekend, dreigt een vals veiligheidsgevoel te ontstaan. Maar de wereld blijft een gevaarlijke plek. Defensie is geen luxeproduct. Er doen zich nog altijd dreigingen voor. Defensie vertrekt van omgevingsanalyses om die in kaart te brengen.”
Aan welke risico’s wordt voorrang gegeven ?
“De Oekraïnecrisis heeft de relaties van het Westen met Rusland erg verslechterd. Vooral de Baltische staten en de andere voormalige Sovjet-satellietstaten in Oost-Europa voelen zich bedreigd. Die landen zijn als de dood voor een nieuwe Russische overheersing. Wat in het bijzonder zorgen baart is dat Rusland zichzelf het ‘recht’ heeft toegeëigend om Russische minderheden in buurlanden te ‘beschermen’. De annexatie van de Krim en de tussenkomsten in Oost-Oekraïne bewijzen dat het de Russen menens is. Om zich in het Poolgebied te profileren hebben Russische gevechtsvliegtuigen de laatste jaren herhaaldelijk vlakbij NAVO-gebied het luchtruim boven Finland en Zweden geschonden. De neutrale Finnen hoeden zich meestal voor straffe uitspraken, maar toen de Russen in augustus 2014 op één week tijd 3 maal in hun luchtruim drongen, uitten ze openlijk hun zorgen. Koppel dat eigengereid optreden aan een groot wapenarsenaal en je moet wel besluiten tot een dreiging.”
Wat is het antwoord van Defensie ?
“Als minister van Defensie bepaal ik niet alleen hoe België zich in de internationale politiek moet positioneren. Dat is zelfs in eerste instantie de bevoegdheid van mijn collega minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders. Ik werk binnen de contouren van het buitenlands beleid en de engagementen die daarin zijn opgenomen. De NAVO speelt daarin een sleutelrol. In de Koude Oorlog heeft België zich met de meeste andere Noord-Atlantische landen verenigd in de NAVO om een eventuele Russische inval het hoofd te bieden.”
Is de NAVO niet overbodig geworden ?
“Met het einde van de Koude Oorlog werd het nut van het bondgenootschap openlijk in brede kringen in vraag gesteld. Maar sinds de Russische president Vladimir Poetin zijn buitenlandse politiek heeft verhard, verliest die piste terug aanhang. Als we nu trans- Atlantisch niet aan één zeel zouden trekken, zou het Kremlin dat als een zwakte interpreteren. De geschiedenis leert ons dat volharding kan leiden tot positieve veranderingen. Velen zijn er van overtuigd dat de onwrikbaarheid van de Amerikaanse president Ronald Reagan tegen de Sovjets in de jaren 1980 een belangrijk aandeel had in de ontbinding van het Oostblok en de Sovjet-Unie. De Russen konden die bewapeningswedloop en hun oorlog in Afghanistan economisch niet dragen. Daar zijn veel Oost-Europeanen de Amerikanen nog dankbaar voor.”
De geschiedenis leert ons dat volharding kan leiden tot positieve veranderingen
Begrijpt u de kritiek op het ingrijpen van de NAVO in Libië in 2011 ?
“De interventie in Libië was militair goed verlopen, maar de nazorg was inderdaad onvoldoende. Daaruit moet je leren. Maar je mag het kind niet met het badwater weggooien. Ik zie het welbekende artikel 5 uit het NAVO-verdrag als de kern van ons veiligheidsbeleid. Dat artikel bepaalt dat de verdragsstaten bij een aanval tegen een of meer van hen die aanval als een aanval tegen alle lidstaten zullen beschouwen en vandaar bijstand zullen verlenen. Het gaat om een klassiek verhaal van rechten en plichten. Wie wil genieten van de baten, moet mee de lasten dragen.”
Is de aankoop van nieuwe gevechtsvliegtuigen een van die lasten?
“De F-16’s zijn aan vervanging toe. De aankoop van de vliegtuigen past binnen onze internationale verplichtingen binnen NAVO-verband. De andere lidstaten verwachten van België een loyale houding in dit dossier. Onze bondgenoten weten dat onze middelen beperkt zijn, maar er is een ondergrens aan alles. We kunnen de aankoop financieren door verdere besparingen in onze personeels- en werkingskosten en door een nieuwe groei van het defensiebudget over enkele jaren.”
Is die verhoging dan op til ?
“Op de NAVO-top van begin september 2014 in Wales werd afgesproken dat alle lidstaten hun defensiebudgetten binnen 10 jaar moeten verhogen tot 2% van hun BBP. Voor België komt dat haast neer op een verdubbeling. De Amerikanen geven nu 3 keer meer uit aan defensie als de 27 andere lidstaten samen. Om het onderlinge vertrouwen te bewaren, moet je solidair zijn, overigens niet alleen financieel. Er wordt wel eens geopperd dat, als België dan toch moet meedraaien, het zou kunnen kiezen voor ‘defensief’ materiaal zoals mijnenjagers. Waarbij wel makkelijk wordt vergeten dat België het vereiste aantal onmogelijk alleen kan leveren. Het gaat hier trouwens niet alleen om een financiële kwestie. Je moet als deel van het geheel ook het morele gewicht delen.”
Kan het kostenplaatje worden gedrukt door specialisatie en meer samenwerking ?
“Dat helpt. Maar dat is een proces van lange adem. De ervaring leert dat je voor samenwerking op gevoelige terreinen als defensie best begint met concrete initiatieven, als opstap naar meer integratie op de gewenste terreinen. Vooral de samenwerking met Nederland boekt vooruitgang. België en Nederland hebben bijvoorbeeld nog maar 1 admiraliteit, maar toch een zekere verdeelsleutel : de fregatten liggen gemeerd in Den Helder, de mijnenjagers in Zeebrugge. Over hun inzet wordt nog altijd afzonderlijk beslist door beide regeringen.”
Die verdeelde beslissingsmacht blijft toch een zwak punt ?
“Ja, maar het is wel begrijpelijk. De samenwerking wordt hechter, maar landen houden toch nog altijd vast aan een stuk soevereiniteit. In de praktijk kan je immers voor verscheurende keuzes komen te staan. België en Nederland hebben afgesproken om hun luchtruim gezamenlijk te bewaken, met een taakverdeling waarbij Nederlandse vliegtuigen ook het Belgische territorium bewaken en vice versa. Stel je nu voor dat terroristen een 9.11-scenario voor ogen hebben en een kamikazevlucht uitvoeren op het Binnenhof in Amsterdam. Als op dat moment Belgische vliegtuigen aan zet zijn, zal uiteindelijk toch de Nederlandse regering opdracht moeten geven tot het neerhalen van het vijandelijke toestel in een dichtbevolkt gebied, met een grote kans op veel burgerslachtoffers.”
Over burgerslachtoffers gesproken. Kernwapens zijn massavernietigingswapens die ook burgers treffen. Zullen de nieuwe gevechtsvliegtuigen ook kernbommen kunnen dragen ?
“Lang niet alle Belgische F-16’s zijn geschikt voor kernwapenvervoer. Ook niet alle opvolgers zullen dat zijn. Kernwapens uit de wereld ? Dat is ook mijn droom. Ik steun de initiatieven om het kernwapenarsenaal af te bouwen. Maar tegelijkertijd stel ik vast dat Poetin kernwapens heeft gericht op West- Europa en dat hij publiekelijk zegt dat hij ze desgevallend zal gebruiken. Het heeft geen zin om je kop hiervoor in het zand te steken. Binnen het kader van de NAVO en bilaterale overeenkomsten bestaan afspraken over de nucleaire beveiliging van de lidstaten. Ook België heeft zich in die veiligheidsstructuur geëngageerd.”
Welke zijn de andere kerntaken van Defensie, buiten de landsverdediging in de strikte zin van het woord ?
“Een tweede belangrijke opdracht is bijdragen aan de collectieve veiligheid. We zoeken mee naar oplossingen om te voorkomen dat conflicten tussen landen escaleren of helpen ze vreedzaam te beslechten. Om dat in goede banen te leiden is een belangrijke rol weggelegd voor organisaties zoals de Verenigde Naties. Rode draad in ons beleid is de problemen zo dicht mogelijk bij hun oorsprong aan te pakken en te werken met aanvullende oplossingen. Het kan nodig zijn om militair tussen te komen om een groter kwaad te voorkomen, maar het is minstens even belangrijk om geschillen via geweldloze middelen te beslechten.”
Enkel een totaalbenadering leidt tot duurzame oplossingen

Hoe past dat binnen uw visie op Defensie ?
“Ik kijk naar Defensie vanuit een holistisch perspectief. Als je een veiligheidssituatie wil verbeteren door in het buitenland tussen te komen, moet je voor een duurzame conflictbeheersing zoveel mogelijk facetten meenemen. In de praktijk kan je werken met de zogenaamde comprehensive approach : ‘diplomacy’, ‘development’ ‘defense’ en ‘law & order’ *. Enkel een totaalbenadering leidt in veiligheidssituaties tot duurzame oplossingen. Daar is het fout gelopen bij de interventie in Libië. De aanpak was te eenzijdig militair. Daaruit moeten we onze lessen trekken. Een toegevoegde waarde bereik je enkel als je vertrekt vanuit een degelijke risicoanalyse en een realistische resultaatsverbintenis.”
Licht u dat even nader toe ?
“Vaak is een militaire poot nodig om agressie in te dijken. Maar tegelijkertijd moet worden geïnvesteerd in wederopbouw, niet alleen materieel, maar ook van de civiele maatschappij. Burgerlijke en militaire investeringen vullen elkaar aan. Om die complementair in goede banen te leiden, moet je kunnen steunen op doordachte strategische plannen. Een bijzonder geval onder de buitenlandse interventies zijn die gericht op de bescherming van landgenoten, ingeval van grote risico’s ook repatriëring.”
België heeft internationaal veel lof geoogst voor de opruiming van mijnen in Libanon. Was dat werk niet beter voortgezet ?
“Daarover bestaan veel misverstanden. De opdracht van het Belgische leger was om in VN-verband in het mijnenveld stroken te ontruimen die verhinderden om de zogenaamde blue line, de grens tussen Libanon en Israël, met blauwe paaltjes te markeren. De rest van die mijnen wordt buiten VN-verband door gespecialiseerde NGO’s geruimd. Het Belgische leger had een welomlijnde taak, die het goed heeft vervuld. Spijtig genoeg is die nuance in de berichtgeving niet meegenomen.”
Uitzonderlijke situaties vergen uitzonderlijke remedies
De jongste maanden zijn we gewend aan de kakiuniformen op straat. Kunt u er in komen dat niet iedereen is opgezet met politietaken voor het leger ?
“Het gaat om een uitzonderingssituatie. De terroristische dreiging is reëel. De aanslagen op het Joods Museum in Brussel en op Charlie Hebdo in Parijs bewijzen dat. In het geval van het Joods Museum ging het om een teruggekeerde Syriëstrijder. De jihadisten worden met recht en reden in de gaten gehouden. Ze koesteren radicale overtuigingen en hebben leren omgaan met zware wapens, een gevaarlijke cocktail. Bij de aanslagen werden zware wapens zoals kalashnikovs gebruikt. Daartegenover moet je op strategische, aanslaggevoelige plaatsen evenwaardig uitgeruste mensen inzetten. Uitzonderlijke situaties vergen uitzonderlijke remedies. Maar laten we wel wezen : de inschakeling van militairen is maar een onderdeel van een veel bredere aanpak waarvoor goed wordt samengewerkt met andere departementen zoals Binnenlandse Zaken en Justitie.”
Problemen van elders worden naar ons geëxporteerd ?
“In een geglobaliseerde wereld is het onmogelijk om dat helemaal te voorkomen. Aan migratie zijn voor- en nadelen verbonden. Zolang het Midden- Oosten een kruitvat blijft, zullen we er mee moeten leren leven dat de tentakels van het terrorisme tot bij ons reiken. De meeste migranten hebben echter geen gewelddadige agenda, maar zoeken een beter bestaan in Europa. Momenteel worden we vooral geconfronteerd met bootvluchtelingen die massaal trachten de Middellandse Zee over te steken. Om te vermijden dat deze mensen bij hun overtocht zouden verdrinken hebben we om humanitaire redenen met succes ons marineschip de Godetia ingezet. Als de klimaatopwarming, zoals verwacht, doorzet moeten we er rekening mee houden dat nog veel meer mensen hun heil in meer gematigde zones zullen opzoeken. Dat wordt een grote uitdaging op de middellange termijn, waarover we ons nu ook al bij Defensie buigen.”
Guy Leemans
* Met het vakjargon comprehensive approach en de 3 D’s (‘diplomacy’, ‘development’ en ‘defense’) wordt een totaalbenadering bedoeld, waarin diplomatieke, militaire en ontwikkelingstaken elkaar aanvullen en versterken.
VOS staat voor een open debatcultuur. Daarom verleende het een forum aan minister Steven Vandeput om zijn visie op Defensie te geven. Wat niet betekent dat VOS het met alle standpunten van de minister eens is.
lees meer op www.vosnet.org .
Foto’s (C) Reporters – Militairen en materieel : www.mil.be .









