De Vlaamse regeringsonderhandelingen naderen de eindfase. Aan de startnota van N-VA-voorzitter Bart De Wever zal in het definitieve regeerakkoord niet veel veranderen. Open Vld en CD&V worden voor voldongen feiten gesteld. Ondertussen is er meer duidelijkheid over de volgende Vlaamse ministers.


Onderwijs : een anti-CD&V-front
Waar wel al duidelijkheid over zou bestaan, is het thema onderwijs, goed voor een derde van de Vlaamse begroting. Daar hebben N-VA en Open Vld wel degelijk front gevormd tegen het linkserige beleid van Hilde Crevits en haar kwade genius, kabinetschef Raf Suys. Er is nog een lange weg af te leggen, maar onzin zoals het promoten van een sociale mix, het M-decreet (waarbij kinderen die bestemd zijn voor bijzonder onderwijs toch gewoon onderwijs volgen) en de gelijkheidsobsessie, zal worden aangepakt. CD&V moet door het stof. Uittredend minister van Onderwijs Hilde Crevits weet maar al te goed dat haar tijd op het departement voorbij is. Wellicht werd dat al beslist nog voor de echte Vlaamse regeringsonderhandelingen begonnen zijn. Eigenlijk heeft Bart De Wever zeer snel aan de andere partijen duidelijk gemaakt dat zij op Vlaams niveau inderdaad ‘bijhuizen’ of ‘aanhangsels’ van de N-VA worden. Er zijn voor die partijen weinig alternatieven. Een Vlaamse anti-N-VA-regering is enkel mogelijk met de neocommunisten van de PVDA. De Vlaamse regering is ook een legislatuurregering, waardoor een crisis niet leidt tot vervroegde verkiezingen. En ten slotte kan de N-VA elke regeringspartij probleemloos inwisselen voor de sp.a.
Verdeling ministerposten krijgt vorm
Het enige waar de coalitiepartners zeker van zijn, is de verdeling van de ministerposten. Volgens de sleutel D’Hondt heeft N-VA naast het voorzitterschap van het Vlaams Parlement recht op vier ministers. CD&V op drie en Open Vld op twee.
De Vlaamse regeringsonderhandelingen naderen de eindfase. Aan de startnota van N-VA-voorzitter Bart De Wever zal in het definitieve regeerakkoord niet veel veranderen. Open Vld en CD&V worden voor voldongen feiten gesteld. Ondertussen is er meer duidelijkheid over de volgende Vlaamse ministers.

Bij de liberalen is Bart Somers een zekerheid. Het departement dat hij zou krijgen blijft echter onduidelijk. Voor Onderwijs valt meer en meer de naam van Gwendolyn Rutten. Zoals gezegd is CD&V dit zware departement kwijt. N-VA zou het graag innemen, maar de Vlaams-nationalisten vinden de Open Vld-voorzitter aanvaardbaar. Meteen zijn de liberale posten verdeeld. Het ministerschap van Lydia Peeters was dus eerder kortstondig. Bij N-VA ligt de post van minister-president uiteraard vast. Het wordt Jan Jambon, die nu al geloofd wordt door de collega’s voor zijn managementcapaciteiten. Ben Weyts lijkt ook onvermijdelijk, en wellicht op hetzelfde departement van Mobiliteit. Zuhal Demir zou kunnen rekenen op Werk. Wie wordt de vierde minister voor N-VA ? Liesbeth Homans ? Dat is zowaar niet eens zeker. De Antwerpse heeft de voorbije vijf jaar geen sterk parcours gereden. Eigenlijk is het enkel Bart De Wever die haar nog de hand boven het hoofd houdt. Maar gezien de evenwichten tussen de provincies liggen de kaarten van Mathias Diependaele (Oost-Vlaanderen) beter. Ook Sander Loones (West-Vlaanderen) wordt genoemd. Bij CD&V wordt Crevits wellicht minister van Welzijn. Voor de twee andere functies blijft het gissen. Wordt Joke Schauvliege opgevist ? Het zou straf zijn, maar in Oost-Vlaanderen haalde enkel Guy D’haeseleer (Vlaams Belang) meer stemmen. Het blijft gissen, maar het ziet ernaar uit dat CD&V de vereiste Brusselse minister zal leveren. Benjamin Dalle is een optie. Net als Bianca Debaets. Al blijft het onduidelijk wie belangrijke departementen als Cultuur, Milieu en Begroting zal krijgen.
Tekst © ’t Pallieterke, weekblad
Foto’s © Gazet van Hove.


