Amerikaanse en Europese topbedrijven dikken vlot hun oorlogskas aan, terwijl gigantisch veel bedrijven niet of erg verzwakt uit deze crisis zullen komen. Onze kroonjuwelen mogen niet in de solden terechtkomen. Onze overheden moeten alle registers open trekken om ze te steunen, stelt Europees Parlementslid Johan Van Overtveldt in De Tijd.

Terwijl de meeste ondernemingen zich in toenemende financiële ademnood bevinden, kunnen internationale topondernemingen van vooral Amerikaanse origine blijkbaar zonder problemen enorme bedragen ophalen op de wereldwijde obligatiemarkten. Zo meldde Financial Times enkele dagen geleden dat een select groepje van dergelijke ondernemingen, waaronder Disney, Pfizer en Warren Buffetts Berkshire Hathaway, in de loop van de maand maart zomaar eventjes 250 miljard dollar ophaalden via de uitgifte van obligaties. Contact met investeringsbankiers leert dat die ‘dash for cash’ vanwege dergelijke bedrijven in april onverminderd doorgaat.
Cash
Naar de redenen waarom die bedrijven zo massaal geld ophalen, is het niet lang zoeken. Ten eerste is in een crisisperiode cash altijd king. In zulke momenten wordt de grens tussen liquiditeitsproblemen en levensbedreigende problemen heel snel heel dun. Zich maximaal met cash indekken tegen wat zich de komende weken en maanden nog allemaal kan voordoen, is de prioriteit op nagenoeg elke lijst van bedrijfsprioriteiten.

Aan de andere kant zullen wereldwijd gigantisch veel bedrijven en bedrijfjes, als ze al overleven, erg verzwakt uit deze crisis komen. Dat geldt in de eerste plaats voor groeibedrijven, die meestal niet over de sterkste balansstructuur beschikken en cashmatig heel snel kopje onder gaan. En dat zijn net de pareltjes waar de grote jongens maar al te graag hun oog op laten vallen. Voor hen is de jacht op bijzonder lucratieve solden langzaam maar zeker open.
Nu of nooit

Het federale maatregelenpakket baart ondertussen zorgen. Blijkbaar zijn de onderhandelingen over het fameuze garantiemechanisme van 50 miljard nog steeds bezig. Dat is gezien de extreme urgentie redelijk hallucinant. Bovendien blijkt de zogenaamde firstlossclausule – van de eerste 2,5 miljard verliezen moeten de banken upfront 2 miljard voor hun rekening nemen – hoe langer hoe meer een rem op de verhoogde kredietverlening, die absoluut noodzakelijk is om ons sociaal-economisch weefsel zo goed mogelijk in stand te houden. Gebrek aan doortastende actie vandaag zal ons nog lang zuur opbreken.

Foto’s (c) Gazet van Hove.

