
Goedkoop geld in overvloed…

maar hoelang nog ?
Niet eens zo heel lang geleden zou de massale geldcreatie, die een voortvloeisel is van dit beleid, aanleiding hebben gegeven tot een verwoestende hyperinflatie of geldontwaarding. De reden waarom dit vandaag niet gebeurt zou deels het effect zijn van de toegenomen globalisering en deels te maken hebben met het feit dat het gecreëerde geld nauwelijks in de reële economie van verhandelde goederen en diensten doorsijpelt en vooral in de financiële sfeer blijft hangen : het wordt gespaard of baant zich een weg naar de aandelen- en vastgoedmarkten, waar het in principe voor gevaarlijke bubbels kan zorgen die vroeg of laat ontploffen. Er wordt van uitgegaan dat de ECB haar goedkope geldbeleid nog enkele jaren kan aanhouden. Nog enkele jaren zal de huidige Vivaldi-coalitie haar grote tekorten vlot kunnen financieren en de opmaak van een staatsbegroting als een akkefietje kunnen afhandelen. Maar als het eenmaal stopt en de intresten de pan beginnen uit te swingen, komt de kat op de Belgische koord. Op dat moment zullen de Belgische overheden geen andere keuze hebben dan hun hoge tekorten dicht te rijden. Dat kan op verschillende manieren gebeuren, maar bij elke manier loert een Belgische splijtzwam om de hoek.
Splijtzwammen tekenen zich af 
Je kan de belastingen substantieel verhogen, bijvoorbeeld via de invoering van een vermogensbelasting of allerlei nieuwe ‘groene’ taksen, maar dan fnuik je het noodzakelijke economische herstel in dit al zwaar overbelaste land, waardoor de tekorten sowieso niet zullen kunnen worden weggewerkt. Bovendien zou deze belastingverhoging vooral door Vlaanderen moeten worden opgehoest. Dit zal niet alleen veel weerstand oproepen bij Vlaamsgezinde partijen, maar ook moeilijk verkocht raken bij de traditionele achterban van de belgicistische liberalen. Je kan zware besparingen op de uitgaven afkondigen, maar ook hier is de speelruimte beperkt en komt de belangrijkste Belgische splijtzwam om de hoek kijken. Zware besparingen op de werkings- en investeringsuitgaven van de overheid zijn immers niet meer mogelijk, zonder de werking van de overheid zelf in het gedrang te brengen en in het scenario van een echte ‘failed state’ of gedesintegreerde staat met derdewereld-allures terecht te komen. Van de meeste departementen van de federale staat zoals justitie, defensie en federale politie is nu al bekend dat zij qua werkingsmiddelen op hun tandvlees zitten. Bovendien vertegenwoordigen deze werkingsmiddelen niet de grootste hap van de uitgavenzijde van de Belgische overheden. Die grootste hap zit bij de sociale zekerheid, samen met Brussel het ultieme bindmiddel van België.
Een erfenis voor de opvolgers van Vivaldi ?

Eva Piscator .
Foto’s (c) Gazet van Hove.



