door Pieter Van Berkel in ’t Pallieterke .

De sterftegraad van coronapatiënten op intensieve zorg in Franstalig België ligt een derde hoger dan in Vlaanderen. Ook de sterftegraad van gehospitaliseerde patiënten in Wallonië ligt een kwart hoger dan in Vlaanderen. Dat blijkt uit gegevens die Vlaams Parlementslid Lorin Parys (N-VA) verzamelde. Samen met partijgenote en Kamerlid Frieda Gijbels dringt hij aan op een onafhankelijk onderzoek.

Parys verzamelde cijfers van maart 2020 tot en met 15 juni 2021. Hoewel Parys opmerkt dat de cijfers voorzichtig bekeken moeten worden, zegt hij ook dat “de verschillen tussen de regio’s en ziekenhuizen onderling te groot zijn om zomaar onder de mat te vegen”. “Ik wil weten of iedereen de juiste zorg heeft gekregen. Dat is een vraag die we ons al veel eerder hadden moeten stellen”, aldus Parys.

Opvallende regionale verschillen

Uit die cijfers blijkt dat in Vlaanderen 16,5 procent van de gehospitaliseerde patiënten overleed. In Wallonië was dat 20,4 procent, bijna een kwart meer. In Brussel overleed 18,2 procent.

Van de coronapatiënten die op intensieve zorg terechtkwamen, stierf in Vlaanderen 30,6 procent. In Franstalig België was dat 40,9 procent, ongeveer een derde meer.

Van de patiënten op intensieve zorg kreeg in Vlaanderen 41,9 procent intensieve beademing. In Wallonië ligt dat aandeel bijna 50 procent hoger : 59,9 procent kreeg daar intensieve beademing. In Brussel ging het om 54,6 procent van de patiënten.

In Vlaanderen stierf 46,6 procent van de patiënten die intensief beademd werden op intensieve zorg. In Brussel en Wallonië was dat zo’n 20 procent meer : respectievelijk 55,4 procent en 53,3 procent.

Ook op provinciaal niveau zijn de verschillen opvallend. Als men àlle ziekenhuisopnames meerekent, niet alleen die op intensieve, dan ligt de mortaliteit in ziekenhuizen in Henegouwen, op 4,9 per duizend, vijf keer hoger dan in Vlaams-Brabant, waar ze slechts 0,9 per duizend bedraagt. “Dat verschil is gigantisch”, zeggen Parys en Gijbels.

“Gevaarlijk”

Gijbels vraagt op federaal niveau al langer tevergeefs om de cijfers. In juni weigerde Sciensano die nog vrij te geven, omdat het instituut bovenal een rangschikking tussen de verschillende ziekenhuizen vreesde. Directeur Christian Léonard noemde het “vrijgeven van deze gegevens per ziekenhuis, zonder context” zelfs “gevaarlijk”.

Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) zei nadien dat hij Sciensano alleszins niet de opdracht had gegeven om de cijfers niet vrij te geven. Wel begreep hij naar eigen zeggen de argumenten die werden aangevoerd door het instituut.

Onafhankelijk onderzoek

Sint-Jozefziekenhuis Mortsel

De twee N-VA’ers vragen in het licht van de jongste vaststellingen om een onafhankelijk onderzoek. “Alleen zo kunnen we de juiste lessen trekken uit deze gezondheidscrisis en weten of elke patiënt in het juiste bed is terechtgekomen”, klinkt het. “Een onderzoek moet ons dus in staat stellen heldere lessen te trekken om de gezondheidszorg te hervormen. Dat kunnen we best doen nadat de gemeenschappen eindelijk volledig homogeen verantwoordelijk worden voor gezondheidszorg, zodat elke gemeenschap volgens eigen inzichten de nodige hervormingen kan doorvoeren.”

Foto’s (c) Gazet van Hove.