door Redactie Politiek ’t Pallieterke .
Van besturen is op Vlaams en federaal niveau het voorbije jaar amper sprake geweest. En in 2022 zal daar niet veel aan veranderen. De partijen zitten in een constante verkiezingsmodus. Ook al zijn ze niet happig om vroeger dan 2024 naar de kiezer te stappen wegens de zwakke peilingen.
De spanningen in de federale regering blijven hoog oplopen, en hier en daar wordt gesproken van een mogelijke coalitiewissel. De Franstalige liberalen van de MR zouden baan moeten ruimen voor de centristen van cdH. Voorlopig een kwakkelverhaal. Zo’n switch binnen de regering De Croo zou dodelijk zijn voor de Vlaamse liberalen die in de peilingen nu al flirten met de 10 procentgrens. Niet vergeten dat 10 procent landelijk betekent dat men in een aantal provincies hoger, maar vooral ook een stuk lager scoort. Stel u voor dat in een provincie de kiesdrempel lonkt.

Partijvoorzitter Egbert Lachaert wou er bij de regeringsvorming de Franstalige liberalen van de MR absoluut bij. Die nu laten vallen is een afgang zonder voorgaande. Het zou trouwens betekenen dat premier Alexander De Croo niet meer met het soortelijk gewicht van de liberale familie kan zwaaien. Een andere premier dan ? Een PS’er ? Ondenkbaar voor de geminoriseerde en verzwakte Vlaamse partijen in de coalitie. Lachaert probeert zichzelf moed in te praten door in te hakken op de N-VA en te hopen dat zijn partij zich op die manier wat kan profileren. Het heeft weinig effect. In de federale regering is men de MR weliswaar harstgrondig beu, maar niemand durft echt door te zetten richting coalitiewissel.

Vervroegde verkiezingen dan ? Gezien de jongste peilingen zou dit de socialisten niet slecht uitkomen. Maar ook daar is er twijfel. Bij de PS is men van oordeel dat de socialisten in deze regering nog altijd relatief veel klaar krijgen. Zeker op sociaaleconomisch vlak : 1.500 euro minimumpensioen, geen grote hervormingen in arbeidsmarkt en pensioenen, hoge overheidsuitgaven, geen te streng migratiebeleid. Dat wil men niet te grabbel gooien.
Electorale pamfletten
Toch overheerst de indruk dat de regeringspartijen doen alsof er over een aantal maanden verkiezingen zijn. De constante verkiezingsmodus is er echt wel. Mede gedragen door de toenemende politieke communicatie via de sociale media en de obsessie voor peilingen.
Bij de PS moet vicepremier Pierre-Yves Dermagne constant fietsen en omkijken. Partijvoorzitter Paul Magnette geeft interviews alsof de regering in lopende zaken is en men weldra naar de stembus stapt. De PS krijgt het zelfs gedaan om met een aantal kopstukken mee te betogen met de vakbonden voor meer koopkracht. Dus eigenlijk betoogt men als grootste regeringspartij tegen zichzelf. Het is trouwens niet de eerste keer dat dit gebeurt.
De MR is bij monde van partijvoorzitter Georges-Louis Bouchez constant campagne aan het voeren. Hij profileert zich niet alleen als het klassieke rechtse geweten van de coalitiepartijen. Sinds kort heeft hij ook de oude klassieke achterban van de liberalen herontdekt : de zelfstandigen. Zo loopt Bouchez storm tegen de fiscale plannen van minister van Financiën Vincent Van Peteghem om onder andere de eenpersoonsvennootschappen aan te pakken. Een fiscaal vehikel dat veel zelfstandigen gebruiken om te ontsnappen aan de zeer hoge lasten in de personenbelasting.

CD&V liet zich de voorbije week evenmin onbetuigd. De partij hield een virtueel partijcongres dat eigenlijk veel weg had van een verkiezingscongres. Ook bij de christendemocraten is de zenuwachtigheid groot. De peilingen vallen immers tegen. Het is duidelijk dat het electoraat aan het verouderen is, en meer en meer vraagt men zich openlijk af wat de partij in de federale regering doet.
Het virtuele congres kwam tot de conclusie dat men af wil van registratierechten bij de aankoop van een eerste woning. Bovendien moet iedereen vrij kunnen kiezen om vanaf 62 jaar met pensioen te gaan. Dat heeft veel weg van een electoraal pamflet.
In elk geval is van deze voorstellen in de verste verte niets terug te vinden in de federale en Vlaamse regeerakkoorden. Ook de partij van Joachim Coens is in verkiezingsmodus. Met klassieke holle frasen als “er zijn voor de gewone mensen”. Vraag is dan wie de ongewone mensen zijn…

Groen en Open Vld in de knoei
Wie niet lijkt mee te doen in het pre-electorale opbod zijn Open Vld en de groene partijen. Zij hebben natuurlijk op basis van de peilingen de grootste angst voor verkiezingen. Tegen beter weten in hopen de Vlaamse liberalen in 2024 te kunnen scoren met een kanseliersbonus. Maar die kans wordt steeds kleiner. De Open Vld zit echt wel in de knoei.
De groenen paradoxaal genoeg ook, ook al hebben ze hun belangrijkste trofee stilaan binnen : de kernuitstap. Maar de drammerige gelijk-hebberij van Groen en Ecolo roept veel weerstand op bij de bevolking. Bovendien ontstaat de indruk dat de ecologistische partijen enkel die trofee willen en zich voor de rest van weinig aantrekken. Een one-issuepartij dus.

De oppositiepartijen bekijken dit schouwspel met enig amusement. We hebben het hier in het verleden al over gehad. Vlaams Belang en PTB/PVDA moeten eigenlijk geen pre-electorale campagne meer voeren. De kiezers lijken zomaar in hun richting te stappen.
Anders is het bij de N-VA die duidelijk zeer moeilijk nog aan 25-30 procent zal raken. Intern is te horen dat men rekent op 20 procent bij de volgende verkiezingen. Dan kan men dankzij het relatief ‘dood gewicht’ van de radicale partijen niet om de partij van Bart De Wever heen. Maar dan zullen de Vlaams-nationalisten zich toch op een andere manier moeten profileren. De kritiek op het krakkemikkige federale beleid is terecht, maar spreekt enkel de al overtuigden aan. N-VA werkt best de komende maanden aan een betere communicatie van haar kopstukken.

Foto’s (c) Gazet van Hove.

