ANALYSE – www.doorbraak.be – door Jules Gheude .
Tijdens zijn vernieuwingscongres op 11 december, heeft CD&V aangegeven hoe volgens haar de 7e staatshervorming moet worden aangepakt.
Zaken zijn duidelijk
Voor de Vlaamse christen-democraten zijn de zaken duidelijk. Het gaat er niet langer om te onderzoeken welke bevoegdheden kunnen worden opgesplitst, maar veeleer om te onderzoeken welke bevoegdheden wij nog steeds samen op federaal niveau willen beheren.
Partijvoorzitter Joachim Coens had al eerder verklaard dat hij ‘niet de tandpasta weer in de tube wilde doen’, met andere woorden : niet herfederaliseren.
Partijvoorzitter Joachim Coens had al eerder verklaard dat hij ‘niet de tandpasta weer in de tube wilde doen’, met andere woorden: niet herfederaliseren.
Nu zegt hij het opnieuw: ‘Het zwaartepunt komt zo veel meer bij Vlaanderen en de lokale besturen te liggen.’ Dit standpunt strookt met de logica van het tweepartijenconfederalisme, dat begin jaren negentig werd bepleit door CVP Luc Van den Brande, de toenmalige Vlaamse minister-president.

Onvoltooid Vlaanderen
De meeste bevoegdheden berusten dus bij de Vlaamse en de Waalse Staat, die samen verantwoordelijk zijn voor de zogenaamde persoonsgebonden aangelegenheden van het Brussels Gewest. Het Belgische centrale niveau wordt tot een minimum beperkt.
In het in 2017 verschenen boek ‘Onvoltooid Vlaanderen’ heeft Bart De Wever, de voorzitter van de N-VA, aangegeven welke zaken volgens hem nog op Belgisch niveau kunnen worden geregeld. ‘De confederatie heeft alleen de bevoegdheden die haar door de gefedereerde entiteiten expliciet zijn toegekend. Voor ons betekent dit defensie, veiligheid, financiën en buitenlandse zaken.’
Waalse zijde
Aan Waalse zijde leek het discours gericht op een hervorming van de staat die zich concentreert op vier gewesten, en die dus de verdwijning van de gemeenschappen impliceert. Vlaanderen zal deze weg nooit inslaan. Voor Vlaanderen zou het opgeven van het begrip ‘gemeenschap’ betekenen dat het de effectieve controle op zijn Brusselse minderheid verliest, die het momenteel via communautaire bevoegdheden kan verzekeren. Bovendien zou een België met vier gewesten niet langer van Brussel de hoofdstad en de zetel van zijn instellingen kunnen maken.
Dit België van vier regio’s wordt met name bepleit door Philippe Destatte, directeur van het Jules Destrée Instituut. Dit vrijwillige project van vernieuwd federalisme, gebaseerd op vier deelstaten met gelijke rechten, is eenvoudig, pedagogisch en gemakkelijk toe te eigenen door de burgers, wat een echte vernieuwing betekent.

Dialoog van doven
Eens te meer zijn wij verwikkeld in een dialoog van doven, waarbij de federale logica en de confederale logica tegenover elkaar staan.
Voor Vlaanderen kan er geen sprake van zijn dat belangrijke bevoegdheden worden overgelaten aan een centraal niveau, een interregionaal centrum, waar een entiteit de Vlaamse keuzes zou kunnen belemmeren. In een België met vier regio’s zou de unanieme instemming van deze regio’s nodig zijn om op centraal niveau besluiten te kunnen nemen.
In tegenstelling tot wat Philippe Destatte denkt, zou België niet langer een federale staat zijn, maar een echte confederatie van staten. Zelfs als de term ‘federaal’ nog zou worden gebruikt, zou niemand voor de gek worden gehouden.
Zwitserland
Zwitserland daarentegen, dat zich op grond van een historische traditie nog steeds graag een confederatie noemt, is sinds 1848 geen confederatie meer, aangezien de besluiten van het ‘Berner centrum’ bij meerderheid – van de kantons en de burgers – en niet meer bij eenparigheid van stemmen worden genomen.
De nieuwe Zwitserse grondwet, die op 12 september 1848 werd aangenomen, definieerde een nieuwe federale en gecentraliseerde staat waarin de kantons niet langer onafhankelijk maar ‘soeverein’ waren en een deel van hun privileges aan de federale staat afstonden.
Geld als ruggengraat van oorlog
Geld is de ruggengraat van oorlog. ‘De Franstalige leiders hebben altijd voor niets toegegeven in ruil voor geld.’ Zal dat in 2024 nog zo zijn ?
In juli 2020 beschreef de Waalse minister-president, Elio Di Rupo, de begrotingssituatie van Wallonië als abysmal. Nu het debat over de begroting voor 2022 op gang komt, is het nuttig de volgende elementen in herinnering te brengen.

Begroting
Wallonië heeft een gewoon tekort van 207 miljoen euro voor 2022, wat in overeenstemming is met het traject van terugkeer naar het evenwicht op het einde van de legislatuur. Daar komen echter nog de uitgaven bij in verband met de gezondheidscrisis, de overstromingen en het herstelplan. In totaal bedraagt het door het gewest te financieren brutosaldo 4,134 miljard euro, waarbij de aangekondigde ontvangsten 15,5 miljard bedragen, terwijl de uitgaven 19,6 miljard zouden moeten bereiken.
Het is in deze context dat het ratingbureau Moody’s onlangs de rating van Wallonië heeft verlaagd van A2 naar A3. Voor het Rekenhof zou dit de toegang van het gewest tot de financiële markten kunnen bemoeilijken. Zij wijst ook op de explosie van de geconsolideerde brutoschuld, die in 2026 meer dan 45 miljard euro zou kunnen bedragen.
Enkele jaren geleden had wijlen Jules Gazon, hoogleraar economie aan de Universiteit van Luik, het duidelijk over een scenario zoals in Griekenland.
In een verslag dat vóór de overstromingen werd opgesteld, luidden verschillende deskundigen de alarmbel over de onzekere houdbaarheid van de terugbetaling van de Waalse schuld. Enkele jaren geleden had wijlen Jules Gazon, hoogleraar economie aan de Universiteit van Luik, het duidelijk over een scenario zoals in Griekenland.
Lange baan
Tot nu toe heeft België de institutionele hervormingen op de lange baan geschoven, met als doel de fatale deadline uit te stellen. Intussen verdedigt elk kamp zijn standpunten : Brussel behouden voor Vlaanderen, het geld behouden voor Wallonië en zich beschermen tegen het existentiële vacuüm voor Brussel.
Van Vlaanderen kan geen verzoeningsgezindheid worden verwacht, tenzij het in ruil daarvoor een zeer omvangrijke overdracht van bevoegdheden en een sterker recht op inmenging in de aangelegenheden van het Brusselse Gewest krijgt.
Als de Franstaligen niet bereid zijn zich over te geven, zullen wij geen andere keuze hebben dan onafhankelijkheid.
Met het standpunt dat het CD&V-Congres heeft ingenomen, worden de Franstalige leiders gewaarschuwd. En het is niet overbodig om de woorden van Wouter Beke, toenmalig voorzitter van de CD&V, in 2007 in herinnering te brengen : ‘Wij willen een echte confederatie waar iedereen kan doen wat hij wil. (…) Als de Franstaligen niet bereid zijn zich over te geven, zullen wij geen andere keuze hebben dan onafhankelijkheid.‘

JULES GHEUDE
Jules Gheude is oud-medewerker en biograaf van François Perin en bezielt de Gewif (Groupe d’Etudes pour la Wallonie intégrée à la France).
Foto’s (c) Gazet van Hove.

