door Redactie Politiek ’t Pallieterke .
In een door de vakantie nieuwsarme periode was er plots extra aandacht voor de mogelijke opvolger van Lorin Parys als ondervoorzitter van de N-VA. Een weinig relevante discussie. De uitdagingen van de grootste Vlaamse regeringspartij liggen op een ander niveau. Een overzicht.
1. Het Vlaams Belang achter zich houden
Het was een ‘oef’ bij de N-VA. Peilingen blijven peilingen, maar op het hoofdkwartier aan de Koningsstraat heeft men sinds de laatste bevragingen de indruk dat het tij aan het keren is en straks niet het Vlaams Belang, maar de N-VA in Vlaanderen nog altijd de politieke marktleider is. En dat maakt natuurlijk een heel verschil. Wie nummer één is mag in mei-juni 2024 de onderhandelingen voor een nieuwe Vlaamse regering beginnen.
Bij de N-VA heeft men het gevoel dat een Tom Van Grieken (VB) die aan zet is de onderhandelingen lang kan doen aanslepen. Desnoods tot in de herfst van dat jaar. Want dan vinden gemeenteraadsverkiezingen plaats. Het Vlaams Belang zou met een morele trofee naar die stembusslag kunnen gaan. Zoiets in de trant van: wij zijn de grootste, maar niemand wil echt met ons een regering vormen, dus versterk onze legitimiteit op lokaal vlak. Gevolg is dan dat het Belang een nieuwe verkiezingsoverwinning behaalt.

Dat het cordon sanitaire via de lokale besturen doorbroken wordt, ligt nu eigenlijk al vast. Desnoods via coalities met aan het Vlaams Belang gelieerde lijsten als Forza Flandria in Ninove. Een grote overwinning zou eventueel de deur opengooien naar het bestuur in een middelgrote stad. Dat zou een keerpunt zijn, ook voor de N-VA.
2. De interne violen gelijkstemmen met het oog op de regeringsvorming in 2024
De partij van Bart De Wever wil wat graag de regie behouden met het oog op een Vlaamse regeringsvorming in 2024. Naar de kiezer toe moeten alle opties open worden gehouden, namelijk een regering met of zonder het Vlaams Belang. De N-VA wil het proces zelf sturen en dat betekent dat de violen intern gelijk moeten worden gestemd.
Het is bekend dat een Theo Francken, maar ook Vlaams minister-president Jan Jambon gewonnen zijn voor een coalitie met het Vlaams Belang indien men erin slaagt samen een meerderheid te vormen. Bart De Wever ziet dat niet zitten. Wat als die meerderheid er is en er toch wordt gekozen voor een coalitie met pakweg Vooruit en CD&V ? Dat is de meest voor de hand liggende piste. Ten eerste heeft die coalitie volgens de recente peilingen een meerderheid, zij het krap. Ten tweede bewijst het Antwerpse experiment dat de N-VA met de Vlaamse socialisten kan samenwerken. Ten derde is men dan eindelijk van de lichtblauwe of eerder groenblauwe Open Vld verlost.
Om een modewoord te gebruiken : het ‘narratief’ zou dan zijn dat men omwille van de politieke stabiliteit voor een regering met twee traditionele partijen kiest, want “Vlaanderen moet bestuurd worden”.

In Limburg lijkt de populaire Zuhal Demir een partij op zich te worden
3. De factor Zuhal Demir onder controle houden
Indien de N-VA er over een goede twee jaar in slaagt het Vlaamse marktleiderschap te behouden, dan zal dat wellicht voor een belangrijk deel te danken zijn aan Vlaams minister van Omgeving Zuhal Demir (N-VA). Zij is zeer populair door haar rechttoe rechtaan-aanpak. In Limburg lijkt ze een partij op zich te worden. En haar ecologische reflex, los van groene dogma’s, spreekt een deel van het klassieke N-VA-electoraat aan. Het doet soms terugdenken aan de milieubewuste flank van de Volksunie.

Maar populariteit is een gevaarlijk beestje in de politiek. Dat roept weerstand op bij concurrenten. En zelf kan men te zelfzeker worden. Demir scoort in de PFOS-affaire en rond het stikstofdossier. Maar dreigt ze daarmee niet een deel van ondernemend Vlaanderen tegen zich te krijgen ? De Limburgse herhaalt al te gretig – recent nog in Knack naar aanleiding van de Maai Mei Niet-campagne – dat ze zich niet schatplichtig voelt aan de Vlaamse werkgeversorganisatie Voka. En zeggen dat Bart De Wever Voka ooit “mijn echte baas” noemde. Het wordt hier over eieren lopen voor de N-VA.
4. Theo Francken in een wachtkamer
Een ander goudhaantje van de partij blijft Theo Francken. Ook hij is zeer populair en dan doet een mens wel eens rare dingen. Met zijn standpunten rond het krakkemikkige immigratiebeleid van de Vivaldi-regering scoort hij punten. Maar tegelijk is Francken bang voor krassen op de carrosserie. Hij is geen kandidaat-opvolger van N-VA-vicevoorzitter Lorin Parys. Men spreekt eerder van ex-defensieminister en burgemeester van Hasselt Steven Vandeput.

Francken zou zich niet kandidaat stellen om een nederlaag of slechte score te vermijden. Dat kan. En het is ook zo dat men de impact van zo’n vicevoorzittersverkiezingen niet moet overschatten. Maar de perceptie ontstaat dat Theo Francken lang in de wachtkamer wordt gezet, terwijl velen in hem de ideale opvolger van Bart De Wever zien. Dat kan voor nervositeit in de partij zorgen. Bij Francken en bij zijn vertrouwelingen. Bart De Wever is 18 jaar voorzitter en heeft persoonlijk de partij grootgemaakt. Maar niemand heeft het eeuwige leven in de politiek.
5. Wat met bijna gebuisde ministers ?
En wat met ministers in een volgende Vlaamse regering ? Uiteraard moeten eerst verkiezingen worden gewonnen, maar de ambities van velen zijn bekend. Vraag is of men met de huidige groep in de Vlaamse regering verder moet. Een deel zal afhangen van de voorkeurstemmen van de bevoegde ministers. Democratie draait vaak vierkant, maar aan het einde gaat het toch vooral over het aantal stemmen. Jan Jambon is geen succes als minister-president. Kan hij als ‘junior minister’ verder ? In 2024 zal hij 64 jaar zijn. Tijd voor het voorzitterschap van het Vlaams Parlement ? Want het risico dat hij als minister-president gebuisd wordt, is groot.

Om in deze termen te blijven : geldt hetzelfde niet voor Ben Weyts ? Zijn ‘Sturm und Drang’ in het onderwijs heeft nog maar weinig zoden aan de dijk gezet. En ten tijde van corona was er in het onderwijsveld meer weerstand dan gedacht. Probleem is dat opzijgeschoven ministers binnen een partij vaak gefrustreerde en ongeleide projectielen worden.


Foto’s (c) Gazet van Hove.

