door Filip Van Laenen in ’t Pallieterke .

Vrijdag zette Vlaams Belang twee van zijn drie Zwijndrechtse raadsleden uit de partij. Bij de stemming in de gemeenteraad hadden die immers voor een fusie met Beveren en Kruibeke gestemd, niettegenstaande een ruime meerderheid van de bevolking in een referendum tegengestemd had. Maar waarom zijn partijen zoals Open Vld, cd&v en N-VA zo gebrand op gemeentefusies ?

Het politieke opportunisme achter de gemeentefusies
Ronny Dobbeleir en Mariëtte Voogd werden door Vlaams Belang uit de partij gezet – foto (c) Zwijndrecht.be .

In principe is Vlaams Belang niet gekant tegen gemeentefusies, zolang de bevolkingen van de betrokken gemeenten maar achter de fusie staan en de kwijtschelding van schulden niet de primaire drijfveer is voor zo’n fusie. Het VB pleit daarom ook voor bindende referenda. Het spreekt dan ook voor zich dat als het min of meer rechtlijnig wil overkomen bij zijn kiezers, het zich niet kan veroorloven dat enkele van zijn gemeenteraadsleden voor een fusie stemmen die een maand eerder in een referendum verworpen werd met een meerderheid van maar liefst 80 procent. Mariëtte Voogd en Ronny Dobbeleir werden dan ook meteen uit de partij gezet, overigens tot verbazing van nogal wat Vlaamse media die het duidelijk niet gewoon zijn dat een politieke partij vasthoudt aan haar principes.

Industrieel gemeentebeleid

In vele gevallen bestaan er heel wat goede argumenten voor gemeentefusies. De vele samenwerkingsverbanden tussen de gemeenten tonen aan dat er wel degelijk schaalvoordelen te halen zijn uit fusies. Maar net die samenwerkingsverbanden tonen ook aan dat een volledige fusie niet altijd nodig is. En soms ook dat ze niet wenselijk is, als de samenwerkingsverbanden niet altijd in dezelfde richting gebeuren of op dezelfde schaal.

Gemeentefusies vergroten ook de afstand van het bestuur tot de bevolking. Dat leidt tot een zekere ontmenselijking van het gemeentebeleid, wat uiteraard jammer is, en maar al te vaak in het nadeel van de zwaksten in onze samenleving uitvalt. Anderzijds heeft dat ook als voordeel dat er vaak veel minder ruimte is voor allerlei vormen van vriendjespolitiek. Iedereen denkt er altijd vroeg of laat zijn voordeel mee te kunnen doen als hij iemand in de gemeenteraad of -administratie kent. Maar het ondergraaft natuurlijk wel de rechtszekerheid, en je weet maar nooit dat je buurman net iets betere contacten heeft dan jij.

gemeentehuis Edegem, … vanaf 2024 van een groter geheel ???

Toch zit er een tegenstrijdigheid in de drang naar steeds grotere gemeenten. Eens de kaap van de 100.000 inwoners overschreden is, mogen er immers stadsdistricten opgericht worden. Dat was ook het plan achter de mislukte fusie van Mechelen met Boortmeerbeek: de invoering van drie districten in Mechelen. Maar waarom fusioneren om vervolgens districten in te voeren, tenzij, inderdaad, om het geld ?

Op sociale media zoals Facebook zie je trouwens net de omgekeerde beweging gebeuren. Daar vindt men zelfs de huidige gemeenten al te groot en richt men vaak groepjes op volgens de oude dorpskernen van voor de fusies van 1977, of in de steden volgens de stadswijken.

Politiek opportunisme

Het is geen toeval dat vooral Open Vld erg gebrand lijkt op nieuwe fusies, want een industrieel gemeentebeleid met een technocratische inslag past bijzonder goed bij een beleidspartij zonder ideologische ruggengraat. Dat is misschien ook de reden waarom cd&v zich vaak in de gemeentefusies kan vinden, ook al is het de opvolger van de CVP en haar ooit zo roemruchte CVP-burgemeesters die vroeger in de talrijke kleine gemeenten over heel Vlaanderen van generatie op generatie de plak konden zwaaien met absolute meerderheden in de gemeenteraden. Bij de N-VA leeft dan weer net de omgekeerde overtuiging, namelijk dat ze via de gemeentefusies de ruggengraat van de cd&v zouden kunnen breken door de laatste oranje bolwerken te slopen of over te nemen.

nieuw kiespubliek aanboren …

Maar er schuilt ook een andere vorm van politiek opportunisme achter de bestuurlijke pleidooien voor gemeentefusies. Hoe groter een gemeente, hoe groter de invloed van de nationale politiek op de gemeenteraadsverkiezingen. In grotere gemeentes is het ook moeilijker om een lokale lijst van de grond te krijgen zonder een duidelijke verbinding naar een nationale partij. Dat nogal wat Open Vld- en cd&v-lijsten volgend jaar net de omgekeerde beweging maken en schijnbaar hun band met de nationale partij willen doorknippen, is daar trouwens niet de ontkenning van, maar net de bevestiging. Echt lokaal zijn die gecamoufleerde Open Vld- en cd&v-lijsten immers niet, want ze pogen uiteindelijk alleen maar lokaal te ontkomen aan de pandoering die hun partij nationaal te wachten staat. Zet cd&v in een volgende peiling helemaal op winst en je zal zien hoe een aantal lokale afdelingen plots toch het cd&v-logo op hun affiches zullen willen plaatsen.

Vooral Open Vld en cd&v moeten bezorgd zijn voor elke vorm van lokale lijsten of lokale initiatieven die een beetje kunnen aanslaan en die over de gemeentegrenzen heen zouden kunnen leiden tot de vorming van een nieuwe centrumpartij. Grotere gemeenten bestendigen de nationale partijen op lokaal niveau, en dan zeker zieltogende centrumpartijen.

foto’s (c) Gazet van Hove.