COLUMN door Rik Torfs – www.doorbraak.be .

Een lezing van Dries Van Langenhove ‘mocht van de KU Leuven, maar eigenlijk ook niet’.
Over waarden en reputaties en de grenzen van stilzwijgende consensus.
Je zou het niet verwachten van instellingen die kritisch denken aanmoedigen, maar onze universiteiten worstelen al een tijdje met de vrijheid van meningsuiting. Ze zijn voor, maar tegelijk tegen. Want er zijn grenzen en die komen steeds vlugger in beeld.
Neem nu mijn eigen universiteit, de KU Leuven, deze week. Eerst worstelde ze met de vraag of Dries Van Langenhove in een universitair lokaal een lezing kon houden. Het kon. Vervolgens diende dezelfde universiteit een klacht tegen hem in wegens het ‘aanzetten tot racisme’. Een misdrijf met niet altijd even heldere contouren. Hoe concreet, hoe actief dient de aansporing te zijn ? Wat mag iemand nog net wel zeggen, wat net niet ? Altijd een enigszins akelige vraag in een vrije samenleving. En zeker wanneer universiteiten daarbij het voortouw nemen, wat steeds vaker het geval is.

Martelaar
Persoonlijk zou ik nooit zoveel aandacht aan Dries Van Langenhove schenken, om te beginnen omdat zijn intellectueel gehalte daar geenszins toe noopt. Branie heeft hij wel en dom is hij niet. Maar een genuanceerde analyse van een ingewikkeld probleem heb ik hem nooit horen maken. Zijn vooroordelen verhinderen dat. De klacht van de KU Leuven geeft hem onnodige publiciteit en biedt hem een kans op martelaarschap. En martelaren die in leven blijven genieten de sympathie van een breder publiek dan ze verdienen. Denk maar aan Acid vorige week, ondertussen een eeuw geleden.
Universiteiten die de vrijheid van meningsuiting eng interpreteren doen daarvoor vaak een beroep op hun ‘waarden’. Meer zelfs, op hun ‘kernwaarden’, wat het vermoeden voedt, en dit geheel terzijde, dat ze ook minder belangrijke waarden koesteren. Welnu, ik denk dat het eerder andersom is. Het is juist de afwezigheid van een helder waardenpatroon die tot pleidooien voor minder vrijheid van meningsuiting leidt. Universiteiten omhelzen allemaal duurzaamheid en diversiteit. Maar wat betekenen die containerbegrippen precies ? Dankzij ChatGPT schrijf je alvast met één druk op de knop een melig universitair ‘mission statement’.
Wie een persoonlijke, overwogen, zorgvuldig gevormde mening heeft, vreest radicale ideeën niet.
Wie een persoonlijke, overwogen, zorgvuldig gevormde mening heeft, vreest radicale ideeën niet, of ze nu van links, van rechts of van elders komen. Onze universiteiten missen echter een eigen profiel en zijn onderling inwisselbaar geworden. Levensbeschouwing en specifieke identiteit spelen geen rol van betekenis meer. Daaruit volgt dat universiteiten niet langer goed willen handelen vanuit hun eigen gedachtegoed, maar goed willen overkomen, wat natuurlijk iets heel anders is. Ze lijken hierin op de eveneens in crisis verkerende politieke partijen. Ideeën zijn ondergeschikt aan imago. Goed overkomen is belangrijker dan het goede doen.

Reputatie
Vanuit dat perspectief wordt de ooit luid bezongen vrijheid van meningsuiting – denk aan de vrijheid tot dwalen waarmee de Leuvense rector Piet de Somer in 1985 tegenover paus Johannes Paulus II uitpakte – minder belangrijk dan de manier waarop concrete personen er gebruik van maken en hoe woorden worden gepercipieerd. Zijn de sprekers fatsoenlijke mensen ? Bedienen ze zich van het juiste taalgebruik ? Lopen ze het risico iemand te kwetsen ? Blijven ze binnen de grenzen van de stilzwijgende consensus ? Beperken ze zich tot hun expertise ? Is er gevaar voor commotie of protest ?
De vrijheid beschermt alle mogelijke meningen, domme, absurde, mogelijk zelfs verachtelijke. De goede reputatie daarentegen mikt op de juiste. Die zijn gepolijst en minder talrijk. Het speelveld verkleint.
De primaire aandacht voor de eigen reputatie blijkt ook uit het feit dat universiteiten interne dossiers van (machts)misbruik vaak aanpakken nadat ze de media hebben gehaald. Pas dan komt er bestuurlijke actie, nerveus en paniekerig, waardoor waarheidsvinding minder belangrijk wordt dan het ‘duidelijk signaal’ dat de universiteit wenst te geven. Wat weleens ten koste gaat van de rechten van de verdediging.

Businessmodel
En er is ook dit. In de universitaire rankings domineren de Angelsaksische instellingen. Vooral de Amerikaanse. Zij puren het meeste geld uit het neoliberale businessmodel dat in de geglobaliseerde wereld van de topuniversiteiten de dienst uitmaakt. Internationale geloofwaardigheid dwingt uitstekend presterende Europese universiteiten, en die hebben we in ons land, op een goed blaadje te staan bij de internationale toppers die, ter compensatie van hun uiterst liberale financiële model, ideologisch een ‘progressief’ en politiek correct discours hanteren. Voorlopig toch.
De pijnlijke afgang van de presidenten van Harvard, Penn en MIT in december 2023, tijdens een hearing over antisemitisme voor het Congres, wijst mogelijk op een kentering. Niettemin duurt het beslist nog jaren voor die ook in Europa zichtbaar wordt. Wij zijn op dat vlak, zoals op veel andere gebieden, geen voorlopers maar volgers. Europese universiteiten ontkennen dat uiteraard. Precies omdat ze erg veel geven om hun reputatie en ‘volgzaamheid’ niet past bij het containerbegrip ‘innovatie’.
Maar de vrijheid van meningsuiting doet dat wel. Zonder slechte ideeën zijn er geen goede. Zonder de vrijheid om te dwalen, verliest de ‘waarheid’ haar kracht.

foto’s (c) Gazet van Hove .

Rif Torfs is Belgisch hoogleraar emeritus aan de KU Leuven, kerkjurist, oud-rector van de KUL, bekend mediafiguur, voormalig christendemocratisch politicus en bekende twitteraar.

