door Julien Borremans in ’t Pallieterke .

Vorige week lieten twee mensen het leven nadat schutters het vuur hadden geopend op het terras van café Astoria in Sint-Gillis. Twee andere slachtoffers werden in kritieke toestand naar het ziekenhuis overgebracht. Sinds september 2023 staat de teller op 27 schietpartijen in de straten van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (BHG). Daarbij vielen minstens 7 doden. Vermoedelijk houden de moordpartijen verband met het drugsmilieu. Het onderzoek loopt nog steeds.

Vorige week viel de politie op twaalf adressen binnen en arresteerde elf mensen in Sint-Joost-ten-Node. Er werden 30 kilogram drugs, 10.000 euro cash en verschillende wagens in beslag genomen. In de beruchte Anderlechtse wijk Peterbos arresteerde de politie daags voordien 17 mensen van een criminele organisatie. In Marseille werden eveneens twee verdachten opgepakt. Die organisatie wordt gelinkt aan schietpartijen, ontvoeringen, geweld en pogingen tot moord.

De politie spreekt van een gevoelige slag voor de drugswereld, maar wie het bredere plaatje bekijkt, ziet dat de politie nu en dan een succes boekt, maar niet in staat is om het drugs- en escalerend bendegeweld te keren. Dat geeft Jurgen De Landsheer, korpschef politiezone Brussel-Zuid, zelf met zoveel woorden toe : “Om drugsgeweld aan te pakken, moet je niet alleen kijken naar politie en justitie.”  De Landsheer vindt dat er moet ingezet worden op “een maatschappij-brede preventie tegen drugsgebruik en begeleiding van de zwakke schakels in onze maatschappij”.

Alarmbel

Dat antwoord bulkt van de machteloosheid. De drugsoorlog in de Brusselse straten ga je niet keren door enkele preventiefoldertjes uit te delen, een goed gesprek te voeren of wat extra uitkeringen te voorzien. Ook ga je het escalerende geweld niet tegengaan door de moordenaars ademhalingsoefeningen aan te leren om hun agressie onder controle te krijgen. De realiteit is dat politie en justitie de situatie niet meer onder controle hebben.

Vorig jaar trok procureur-generaal Johan Delmulle reeds aan de alarmbel. De gespecialiseerde speurders van de Brusselse federale gerechtelijke politie onderzoeken ernstige misdrijven zoals drugshandel, mensensmokkel, moorden, financiële fraude, … Een tekort aan speurders en een exponentiële toename van het aantal dossiers dwingt justitie om steeds meer zaken te seponeren. Jaarlijks gaat het om duizenden (!) dossiers. Dan zwijgen we nog over de vele gevallen van straatcriminaliteit waar de politie na een oproep niet meer komt opdagen, omdat ze de kolkende stroom van criminele feiten niet meer aankan.

Korpschef De Landsheer moet toegeven dat de vele duizenden illegalen en daklozen in de Brusselse straten een soort van wervingsreserve zijn voor criminele bendes. “De zwakke schakels in onze maatschappij, mensen in illegaal verblijf, worden eigenlijk gehuisvest naast het station. Dan heb je een soort van VDAB voor drugsbendes gecreëerd”, moet hij toegeven.

De Britse krant The Guardian stelde een aantal weken geleden vast dat de gruwel in Brussel in een escalatiefase is terechtgekomen. Minderjarige drugsverkopers worden gemarteld als ze onvoldoende omzet draaien. Verkrachtingen worden gefilmd en verspreid om de jonge delinquenten aan te sporen om nog meer te verkopen. Die jongeren – soms niet ouder dan 12 jaar – zijn meestal van Algerijnse en Marokkaanse afkomst en verblijven in kraakpanden in de buurt van het station Brussel-Zuid.

Brabantwijk

In de Brabantwijk en de Noordwijk weigeren de schoonmaakploegen van Net Brussel na verschillende gevallen van agressie nog langer het huisvuil op te halen. De beelden van huisvuil dat zich in de straten aan het opstapelen is, spreken tot de verbeelding. “Er is een probleem van drugsgebruik en alcoholisme, gecombineerd met een groot veiligheidsprobleem”, laat Net Brussel weten.

De beelden van huisvuil dat zich in de straten aan het opstapelen is, spreken tot de verbeelding

Al twee jaar worden er structurele maatregelen gevraagd om de veiligheid van de schoonmaakploegen te waarborgen, maar verder dan wat symbolische patrouilles komt het niet. Drugsdealers kunnen ongestoord hun handeltjes verderzetten, terwijl schoolkinderen over de drugsverslaafden heen moeten stappen, die volop aan het trippen zijn. “Criminelen lachen er vandaag mee : ze lopen naar een andere gemeente en de politie kan niet volgen”, moest zelfs Ans Persoons (Vooruit) toegeven.

De onmacht van de plaatselijke baronieën spreekt tot de verbeelding. De gemeente Schaarbeek kan alleen maar machteloos toekijken. Om de vuilnis uit de straten te verwijderen, moet de plaatselijke overheid peperdure privéfirma’s inschakelen die tussen 10.000 en 12.500 euro per dag vragen. De gemeente van Bernard Clerfayt is zelfs niet in staat om de veiligheid van haar inwoners te garanderen.

Gebruikersruimtes

De laatste jaren worden gebruikersruimtes naar voren geschoven als antwoord op de drugproblematiek, maar meer dan een draaideur is het niet. De afscheidnemende Brusselse minister Alain Maron (Ecolo) kwam net voor de verkiezingen met een voorstel om een tweede druggebruiksruimte te openen tussen de metrostations Ribaucourt en IJzer.

De drugsoorlog in de Brusselse straten ga je niet keren door enkele preventiefoldertjes uit te delen

De gebruikersruimte wordt voorzien van een gedoogzone rond het gebouw. Dealers en verslaafden kunnen er ongestoord hun gangen gaan. “Onvoorstelbaar en ontoelaatbaar”, merkt Mathias Vanden Borre (N-VA) op. “De wijken Ribaucourt en IJzer zijn aangeduid als hotspots vanwege het oplaaiende bendegeweld. Daardoor geldt er een verbod om zich in de openbare ruimte of in om het even welke publiek toegankelijke aangrenzende ruimte te begeven met als enig doel drugs aan te schaffen. Ik zie niet meteen hoe je een gedoogzone kan verzoenen met dat – terechte – verbod. Alweer een bewijs dat het het Brusselse drugsbeleid aan een algemene visie en doelstellingen ontbreekt.”

In aanloop naar de verkiezingen van 9 juni heerste er over de eenmaking van de Brusselse politiezones een zekere eensgezindheid, maar daar is momenteel nog weinig van te merken. Minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden (cd&v) stapelt intussen de halfslachtige beslissingen op elkaar : de bevoegdheden van de Brusselse minister-president moeten worden uitgebreid, de spoorwegpolitie en de federale politie werden versterkt, het grensagentschap Frontex mag patrouilles inzetten in het Zuidstation.

Bestuurlijke fictie

Over de olifant in de kamer wordt intussen niet meer gerept. Begin dit jaar kwam de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) – na een vraag van het Brussels Gewest zelf – tot de evidente conclusie dat het gewest nood heeft aan één beleidsniveau waarbij enkel zeer lokale bevoegdheden aan stadsdistricten worden uitbesteed.

Het Brussels Gewest is bestuurlijke fictie. Het wordt uitkijken welke regering MR-kopman David Leisterh uit zijn hoge hoed zal toveren. Aan Nederlandstalige zijde wordt al druk gespeculeerd hoe men drie ministersposten over vier partijen gaat verdelen. De traditionele partijen blijven aan zet, want rond Vlaams Belang, N-VA en de lijst van Fouad Ahidar is een cordon sanitair gespannen.

Aan Franstalige kant lijkt de Parti Socialiste incontournabel. Veel appetijt om de broodnodige institutionele hervormingen door te voeren, is er niet, terwijl alle lichten op rood staan. In een doorlichting van de begroting gaf het Rekenhof aan dat de totale ontvangsten van 2022 niet eens volstaan om de helft van de opgebouwde brutoschuld af te betalen.

Brussel dreigt onbestuurbaar te worden. Onveiligheid en drugscriminaliteit vormen maar een onderdeel van een veel grotere cluster van problemen waar het gewest mee worstelt. ‘Veiligheid’ en ‘één stadsgewest’ vormen voor de N-VA de prioriteiten, maar er is veel meer nodig. Heel wat van de vernoemde problemen stromen ook naar Vlaanderen over. Brussel zal onder verhoogd federaal bestuur moeten komen, wil het BHG niet een Marseille aan de Zenne worden.

foto’s (c) Gazet van Hove .