door Lode Goukens in ’t Pallieterke.
Twee weken geleden vroegen negen EU-landen om een makkelijkere uitzetting van buitenlandse misdadigers. Ze deden dit in een brief gericht aan de Europese Unie. Zaterdag kwam daar een tamelijk onverwachte reactie op. Namelijk van de secretaris-generaal van de Raad van Europa, een instelling buiten de Europese Unie.
De voormalige Zwitserse socialistische minister Alain Berset, die sinds 2014 secretaris-generaal van de Raad van Europa is, reageerde op de brief van negen regeringen aan de EU. Onder die regeringen was ook de Belgische. Bart De Wever tekende dus ook. Hun zorgen betroffen de interpretatie van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM) en de uitspraken van het Europees Hof van de Rechten van de Mens (EHRM). De negen vroegen om de interpretatie rond migratie te herzien.
Migratie als hybride oorlogsvoering
Hoewel helemaal niet rechtstreeks betrokken, want hij leidt een niet-EU-instelling, bekritiseerde Berset met name de Italiaanse premier Giorgia Meloni en de Deense premier Mette Frederiksen. Berset zei dat het niet kan het Europees Hof voor de Rechten van de Mens te politiseren.
Negen landen waaronder België, Denemarken, Estland, Italië, Letland, Litouwen, Oostenrijk, Polen en Tsjechië schreven dat regeringen meer ruimte nodig hebben om buitenlandse criminelen uit te wijzen. Tevens vroegen ze meer speelruimte om te reageren op landen die migratie als hybride oorlogsvoering gebruiken om landen proberen te destabiliseren. “Wat ooit juist was, zou morgen wel eens niet het juiste antwoord kunnen zijn”, stond in de brief.
De Belgische federale minister voor Asiel en Migratie, Anneleen van Bossuyt (N-VA), zei er donderdag het volgende over : “Er zijn eigenlijk twee zaken die we beter willen kunnen aanpakken : de illegale migratie en het terugsturen van illegale criminelen.” Van Bossuyt wees erop dat we zien dat door de manier waarop internationale verdragen toegepast worden “het in de praktijk heel moeilijk is om zulke zware criminelen effectief te gaan uitwijzen. Dat is problematisch, want de collectieve veiligheid van onze burgers die moet altijd zwaarder doorwegen dan de disproportionele bescherming van een individu dat gewoonweg onze samenleving ondermijnt.”

Activistische rechters
Nu was die brief van Bart De Wever en zijn collega’s uiteraard groot nieuws in de EU. De negen landen klaagden dat ze plegers van ernstige misdaden niet kunnen uitwijzen door interpretaties van de rechters van het EHRM. Een Hof dat al de reputatie had om zeer gepolitiseerd te zijn. Een veelgehoorde kritiek gaat over de zogenaamde ‘activistische rechters’ bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM). Dit verwijst naar rechters die een meer proactieve, soms zelfs politieke, rol zouden spelen bij de uitleg van de Europese Verdragen, dan enkel het vaststellen van de letterlijke tekst.
In 2020 bracht het European Center for Law and Justice (ECLJ) daarover een rapport uit. Deze ngo volgt naast het EHRM andere intergouvernementele organisaties zoals de OVSE en de Raad van Europa. Alle drie Europese instellingen buiten de Europese Unie. Alain Berset noemde een debat gezond, maar politiseren van het Hof vond hij not done. Hij noemde dit het ‘ondermijnen’ van het Hof.

Timing brief geen toeval
Rond de rechtszaken over asiel en migratie is een hele juridische industrie ontstaan. Meestal betaald met belastinggeld via de juridische bijstand. Vanuit dat perspectief bleek de timing van de brief trouwens geen toeval. Exact een week eerder vond op 15 en 16 mei de zogenaamde High-Level roundtable over Asielzaken plaats in de Raad van Europa te Straatsburg. Die ging over de justitiële dialoog en de jurisprudentie van het Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJ-EU), het Europees Hof voor de Rechten van de Mensen (EHVRM) en nationale of internationale hoven.
Rond de 150 rechters en deskundigen uit hoofdzakelijk de EU-landen kwamen wetgeving, rechtszaken en terugkeerprocedures van migranten bespreken in de gebouwen van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Dergelijke bijeenkomsten zijn meestal masterclasses voor migratiespecialisten. Zittingen waar rechters eigenlijk aan andere rechters of advocaten bij ngo’s uitleggen welke argumenten werken en welke niet.
De medeorganisatoren waren het Asielagentschap van de Europese Unie (EUAA), de International Association of Refugee and Migration Judges en de vereniging van Europese Administratieve Rechters. Het EUAA sloot de vergaderingen trouwens af met de presentatie van de nieuwste cijfers over migratie voor maart 2025 die op 16 mei openbaar werden.
Het probleem met het EHRM
De Raad van Europa werd in 1949 opgericht en is niet te verwarren met de Europese Raad. Die laatste is een hoofdinstelling van de Europese Unie. De Raad van Europa is ouder en telt 46 lidstaten die allemaal het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) ondertekenden. Zoals vele verdragsorganisaties heeft de Raad van Europa een vergadering of assemblee (met parlementsleden uit de lidstaten), een secretariaat, een rechtbank enzovoort. Die rechtbank is het Europees Hof van de Rechten van de Mens (EHRM). Dit is gevestigd in Straatsburg in de voormalige gebouwen van het Europees Parlement. Het EHRM valt dus binnen de invloedssfeer van de Raad van Europa.
Alleen zijn de beslissingen van het EHRM bindend in de lidstaten. EU-lidstaten zoals België zijn zowel lid van de EU als van de Raad van Europa. De EU onderschrijft overigens het EVRM uitdrukkelijk en rekent het zelfs tot het EU-recht, al zag Koen Lenaerts, de voorzitter van het Hof van Justitie van de EU in Luxemburg, liever meer rechtszaken over grondrechten in zijn rechtbanken op basis van het Handvest van de Grondrechten van de EU. Maar het EHRM is nu eenmaal ouder en heeft de traditie als mensenrechtenrechtbank. En niet minder belangrijk : veel advocaten kennen de weg en de procedures.
Steen des aanstoots bij Meloni was dat het EHRM meermaals de Italiaanse staat in het ongelijk stelde en veroordeelde voor mensenrechtenschendingen omtrent illegale migranten. De bekendste zaak ging over Tunesiërs in 2016 die in een opvangcentrum op het eiland Lampedusa werden vastgehouden alvorens gerepatrieerd te worden naar hun thuisland.
Ook de Deense staat verloor zaken, waaronder één over de gezinshereniging van een Syrische illegale migrant in 2021. Volgens het EHRM had de man recht op een familieleven en moest Denemarken zijn vrouw inreispapieren en een verblijfsvergunning geven. Andere landen, waaronder België, verloren eveneens meermaals asiel- of migratiezaken.
Meer dan 30 zaken zijn nog hangende tegen Letland, Litouwen en Polen omdat ze door Wit-Rusland naar de grens gebrachte illegale migranten terug de grens over dreven. Dat zijn zogenaamde pushbacks. Illegalen nochtans die ingevlogen werden vanuit Irak om de Baltische staten te destabiliseren. Wellicht op initiatief van Rusland of Wit-Rusland. De betrokken landen vinden dat de hybride oorlogsvoering voorrang hoort te krijgen in dergelijke gevallen.

Nieuwe migratiecijfers
In maart waren er 67.000 asielaanvragen in de EU. Twee opvallende zaken : Syriërs zijn niet meer de grootste groep en Duitsland neemt niet meer de meeste asielaanvragen aan. Venezolanen (8.900) zijn nu de grootste groep gevolgd door Afghanen (7.400) en Oekraïners (3.400). Uit Bangladesh (3.300) kwamen net iets meer asielaanvragers dan uit Syrië. Opvallend was dat Frankrijk bijna alle Congolese en Haïtiaanse asielaanvragen mocht optekenen.
In maart 2025 waren er 955.000 hangende dossiers volgens EUAA. Daarvan 113.000 Syriërs, 105.000 Venezolanen, 88.000 Colombianen die op een eerste advies wachten. Maar wanneer de asielaanvragen die voor administratieve of gewone rechtbanken voorliggen meegenomen worden, was het aantal volgens Eurostat 1,3 miljoen lopende asielaanvragen in de EU eind februari 2025. Ofwel grofweg iets meer dan 300.000 betwiste asieldossiers die mogelijk in Straatsburg bij het EHRM kunnen eindigen. Werk verzekerd, moet huisbaas Alain Berset gedacht hebben.

foto’s (c) Gazet van Hove.

