door Herman Matthijs – www.doorbraak.be .

Bestand:Arbeidarpartiet.svg

Het ziet ernaar uit dat de Arbeiderspartij van premier Jonas Gahr Støre opnieuw een minderheidsregering gaat vormen.

Het is in onze media niet direct opgevallen, maar de Noorse kiezers hebben de 169 zetels van hun parlement — de Storting — nogal grondig herschikt. De Arbeiderspartij van premier Jonas Gahr Støre en van minister van Financiën Jens Stoltenberg — ex-secretaris-generaal van de NAVO en voormalig premier — heeft met 53 zetels vijf zetels gewonnen. Maar er is meer aan de hand.

Bestand: Stortinget, Oslo, Noorwegen (bijgesneden).jpg
de Storting, het Noorse parlement – foto (c) Wikimedia Commons

Op  links is er winst voor de groenen (plus vier) en de communisten (plus één). Maar de socialisten, een partij links van de sociaaldemocratische Arbeiderspartij, verliezen vier zetels.

De Arbeiderspartij heeft lang bestuurd met de Centrumpartij, maar die stapte vorig jaar uit de regering na ruzie over de energiepolitiek en de verdere samenwerking met de Europese Unie. Sindsdien regeerde de Arbeiderspartij alleen in een minderheidsregering. De oppositierol is de centrumpartij niet goed bekomen, want ze haalde zondag nog maar negen zetels, een verlies van maar liefst 19. Al deze partijen, van Centrum tot socialisten, worden tot het zogenaamde linkse blok gerekend dat samen 87 zetels haalt, net iets meer dan de helft.

Bestand: Senterpartiet just green.gif

Grote verschuivingen op rechts

Op rechts is de verschuiving veel groter. De Fremskrittspartiet (FRP), de Vooruitgangspartij of het Noors Belang zeg maar, gaat van 21 naar 48 zetels. Ook in Noorwegen draait het politiek debat grotendeels rond migratie. De enorme winst van de FRP zal dan ook wegen op de Noorse politiek.

Bestand: Fremskrittspartiet logo.svg

De tweede rechtse winnaar zijn de christendemocraten van de KRF (plus vier). De klappen vallen op rechts bij de liberalen (min vijf) en bij de conservatieven (min twaalf). Alle rechtse partijen samen halen 82 zetels.

Op rechts is de verschuiving veel groter.

Het ziet ernaar uit dat de Arbeiderspartij van premier Støre opnieuw een minderheidsregering gaat vormen, al is het maar de vraag wie die regering dan zal steunen. Als de zwaar verliezende Centrumpartij voluit voor de oppositie kiest, moeten de sociaaldemocraten aankloppen bij de (ook al verliezende) liberalen en bij de winnende christendemocraten.

Nog opvallend : de Arbeiderspartij en de Conservatieven hebben samen geen meerderheid meer. Ook het Noorse parlement is dus verdeeld en versnipperd: zelfs in het rijkste land van Europa is een stabiele regering niet vanzelfsprekend.

Bestand:Hoyre-some-share.jpg
de conservatieven

Twistpunten

Noorwegen heeft een bbp van 506 miljard dollar met 5,5 miljoen inwoners. Ter vergelijking : België heeft met een bevolking van 12 miljoen een bbp van 684 miljard dollar. De Noorse tewerkstellingsgraad bedraagt 80 procent en de werkloosheid situeert zich rond de 4 procent. Er zijn geen noemenswaardige problemen met de openbare financiën, en dat heeft alles te maken met de inkomsten uit de olie- en gasproductie. Dat vormt meteen nog een twistpunt : rechts wil meer boringen naar olie en gas, links wil alternatieve energie.

Rechts wil belastingverlagingen, links kiest voor groene investeringen.

Bestand:Vlag van Noorwegen.svg
Noorse vlag

In het Noorse staatsinvesteringsfonds zit maar liefst 1.700 miljard, maar ook over wat daarmee moet gebeuren zijn de meningen verdeeld : rechts wil daarmee belastingverlagingen, links kiest voor groene investeringen. Ook meer samenwerking met de EU zal met de winst van het Noors Belang niet voor de hand liggen. Bovendien zijn ook de twee extreemlinkse partijen én de Centrumpartij tegen de EU en tegen de euro.

Opvallend : vrijwel alle politieke partijen zijn het grotendeels eens over defensie : meer geld daarvoor is geen probleem, behalve dan voor extreemlinks.

Herman Matthijs doceert publieke en openbare financiën aan de UGent en de VUB. Hij volgt o.m. overheidsadministratie en -begrotingen op, maar evenzeer de politiek van de VS.