Willem-Gert Aldershoff : ‘Via immigratie haalt Europa al jaren religieus-politieke ideeën binnen die fundamentele beginselen als democratie, secularisme en individuele vrijheid onder druk zetten.’
Willem-Gert Aldershoff – foto © Willem-Gert Aldershoff
Met een aanzienlijke en groeiende moslimbevolking in België wordt een goede kennis van deze hier nog altijd wat onbegrepen godsdienst almaar noodzakelijker. Die kennis ontbreekt bij beleidsmakers en opinieleiders.
Ze lijken die kennis ook niet te willen opdoen. Ze denken het nodige wel te weten : ja, er is een zeer kleine groep radicale moslims en die moet hard worden aangepakt, maar het overgrote deel van de moslims bij ons voegt zich keurig naar onze wetten en regels. Oké, hun godsdienst verplicht vrouwen tot onder andere de hoofddoek, maar dat is hun zaak. Laat ze toch en laten we alsjeblieft niet zo moeilijk doen – dat is de teneur.
Daarnaast voelen onze beleidsmakers en opinieleiders zich snel ongemakkelijk wanneer ze geconfronteerd worden met uitlatingen van (ex-)moslims die de islam uit ervaring en studie goed kennen en tot de conclusie komen dat er iets fundamenteel mis is met die religie. Dat die op belangrijke punten botst met de fundamentele waarden van onze samenleving. Dat soort islamdeskundigen wordt dan ook nauwelijks gehoord in wat men de ‘mainstream’ media noemt, of in de ‘mainstream’ politiek. Daardoor wordt het hoognodige publiek debat over de islam verhinderd en blijft de kennis erover eenzijdig en beperkt.

Anders in Frankrijk
In een land als Frankrijk is de situatie anders. Daar bestaat een aanzienlijk aantal hoogopgeleide (ex)moslim-kenners van islam die regelmatig uiterst kritisch publiceren en ook in de mainstreammedia verschijnen. Een voorbeeld is Ferghane Azihari, een jonge Franse intellectueel, geboren op de eilandengroep de Comoren en opgegroeid in een moslimfamilie. Hij heeft zijn godsdienst afgezworen en verschijnt geregeld in de media met kritische analyses van en waarschuwingen voor de islam.
In het onlangs verschenen L’islam contre la modernité maakt hij een balans op van de moslimwereld, want ‘alleen door de kwalen van de islam te onderzoeken kunnen we vrede in onze samenlevingen brengen’. Voor Azihari is de islam onverenigbaar met de moderniteit en is de religie verantwoordelijk voor de stagnatie van oosterse samenlevingen. Hij waarschuwt Europa voor het gevaar van het expansionisme van de islam in onze regio. Uitvoerig gaat hij in op de treurige staat van de democratie en mensenrechten in moslimlanden.
Xenofoob en vrouwonvriendelijk
Waar een kleine meerderheid van de niet-islamitische landen democratisch genoemd kan worden, is het aantal democratische moslimlanden op één hand te tellen. Moslimsamenlevingen behoren tegenwoordig tot de meest autoritaire, xenofobe, vrouwonvriendelijke, antisemitische en homofobe ter wereld, zonder dat dit de zelfbenoemde voorvechters van ‘islamofobie’ in Europa lijkt te deren.
De meest gediscrimineerde minderheden bevinden zich in landen met een moslimmeerderheid. De meeste moslimlanden staan laag op de ranglijsten over de positie van de vrouw. De lijst met dodelijkste terroristische organisaties bevat vooral groeperingen die aan de islam zijn gelieerd.
Moslimsamenlevingen behoren tot de meest autoritaire, xenofobe, vrouwonvriendelijke, antisemitische en homofobe ter wereld.
Azihari begrijpt dat de islam zeker geen monopolie heeft op geweld en ‘obscurantisme’ (het niet willen weten van en het verhinderen van kennis), maar benadrukt dat de islam zich nu eenmaal wél onderscheidt door te veel afwijkingen, terwijl haar bijdrage aan de beschaving niet in verhouding staat tot het aantal moslims in de wereld. Hij citeert de in Saoedi-Arabië gevestigde Islamitische Ontwikkelingsbank die het betreurt dat de islamitische wereld maar voor 0,1 procent van de wetenschappelijke ontwikkelingen verantwoordelijk is terwijl ze een kwart van de mensheid vertegenwoordigt.

Niet altijd islamitisch
Uitvoerig probeert hij de volgens hem ernstige westerse misvatting te corrigeren dat het Oosten, waar de islam ontstond en van waaruit die zich razendsnel verbreidde, altijd islamitisch is geweest. Die regio had voor de komst van Mohammed een voor die tijd zeer hoog ontwikkelingsniveau.
Een groot deel van Arabië was destijds christelijk. Arabieren leverden katholieke koninginnen, keizers en keizerinnen aan Rome, professoren aan Athene; Afghanistan bracht sublieme Grieks-boeddhistische sculpturen voort. In Syrië en Boven-Mesopotamië bleven moslims in de minderheid tot aan de eerste kruistochten. ‘Moslims erfden een uitzonderlijk erfgoed, dat ze uiteindelijk verkwanselden’, aldus Azihari.
Opmerkelijk is ook Azihari’s analyse dat westers kolonialisme niet de grote oorzaak is van het achterblijven van islamitische landen. Veelal begon de stagnatie al voor het hoogtepunt van het kolonialisme.
Bovendien zijn er nogal wat gekoloniseerde landen niet structureel arm gebleven en kampten sommige landen die nauwelijks gekoloniseerd werden toch met stagnatie. Hij vindt dat moslims zich moeten afvragen waarom ze de grootste vrijheden en beste levensomstandigheden genieten in niet-islamitische samenlevingen, en dat ze daaruit de juiste conclusies trekken.

Europese islam ?
Voor Europese lezers is vooral zijn waarschuwing voor de groei van de islam bij ons belangrijk. Via immigratie haalt Europa al jaren religieus-politieke ideeën binnen die fundamentele beginselen als democratie, secularisme en individuele vrijheid onder druk zetten.
Europa moet daarom zijn beginselen met hand en tand verdedigen. Dat betekent onder meer geen religieuze uitzonderingsrechten, blasfemiekritiek toestaan, strikte scheiding van religie en staat en afgedwongen integratie op basis van onze waarden. Hij lijkt zelfs te suggereren dat Europa de deur moet sluiten voor immigranten die dit niet willen aanvaarden en mensen moet wegsturen ‘die hier een samenleving willen waar anderen juist voor vluchten.’

Willem-Gert Aldershoff is analist internationale politiek.
foto’s (c) Gazet van Hove.



