NIEUWS – door Pieter Bauwens – www.doorbraak.be .

In een tijd van controverse zoekt Luc Terlinden naar een nieuwe plaats voor de kerk in de samenleving. foto (c) Wikimedia Commons.
Van de heiligenbeelden van StuBru tot Brief aan de paus over seksueel misbruik, de kerk was niet uit het nieuws de jongste week. Aartsbisschop Luc Terlinden vindt niet dat de kerk assertiever moet communiceren : ‘De belangrijkste uitdaging is de verkondiging van het evangelie’.
Het Aartsbisschoppelijk Paleis in Mechelen is opnieuw spierwit. De restauratie aan de buitenkant is af, nu komen de pronkzalen van weleer aan de beurt. De huidige aartsbisschop Luc Terlinden stelt de mooie stiltetuin tegenwoordig open tijdens de paas- en zomervakantie. We spreken de aartsbisschop in het begin van de Goede Week, de week voor Pasen. Tijdens de paaswake, de avond voor Pasen, worden in België 689 volwassenen gedoopt. Hun aantal stijgt elk jaar, maar wie zijn die catechumenen die zich voorbereiden op het doopsel ?
Luc Terlinden : De voorbije jaren heb ik meer dan 400 catechumenen ontmoet en iedereen heeft een eigen parcours. Sommigen komen uit een katholieke familie, maar zijn toch niet als baby gedoopt. Al dan niet omdat de ouders hen de keuze wilden laten om zich wel of niet te laten dopen. Anderen komen langs verschillende wegen tot geloof. Zo heb ik een jonge vrouw ontmoet die ondertussen gedoopt is. Ze studeerde middeleeuwse geschiedenis aan de ULB waarvoor ze een bijbel nodig had. Na haar studies is ze in deze bijbel beginnen lezen, dit was voor haar een moment van bekering. Er zijn er ook die al catechese kregen in hun herkomstland, maar nog niet zijn gedoopt. Er is met andere woorden een heel grote diversiteit.
Als gelovige zie ik in de bekering ook het werk van de Heilige Geest.

Vaak speelt het lezen van de Bijbel een rol in die bekering.
Ik hoorde onlangs in een katholieke boekhandel in het bisdom dat daar geregeld jongeren een bijbel komen kopen. Hoe komt dat ? Sociologen verwijzen naar angsten en het opnieuw zoeken naar de zin door een nieuwe generatie. Dat is heel interessant, maar voor mij is dat niet genoeg. Ongetwijfeld speelt de angst voor de toekomst een rol, net als de zoektocht naar identiteit. Maar als gelovige zie ik daarin ook het werk van de Heilige Geest.
Uw collega, Mgr. Bonny, zei dat de Heilige Geest de kerk heeft ingehaald. Dan zegt hij dat die doopsels er meer zijn ‘ondanks’ dan ‘dankzij’ de kerk.
Die nieuwe dopelingen beseffen zeker ook de limieten van wat de kerk kan en niet kan. Maar toch heeft de kerk een plaats op hun weg. Fundamenteel begint die weg met een ontmoeting met Jezus, en met God. Maar dat moet uitgezuiverd worden. Die rol speelt de kerk in hun christelijk leven. Zij, maar ook alle gelovigen, krijgen het evangelie, de Blijde Boodschap, ook door de kerk. Daarnaast ben je ook nooit zomaar gelovig op je eentje, je bent dat samen, in een gemeenschap. Het onthaal in de gemeenschap is heel erg belangrijk voor hen.

Vinden nieuwe gelovigen makkelijk een weg naar de parochies zoals die vandaag bestaan ?
Dat is niet altijd evident. Ik ken een grappige anekdote daarover. Een jongen uit Koekelberg, hij woont in de buurt van de basiliek, sprak mij eens aan. De eerste keer dat hij in de basiliek naar de mis wou gaan, was het moeilijk om een deur te vinden die open was. Daar is inderdaad slechts één deur open. Dat is een symbolische anekdote.
Nieuwe mensen en nieuwe tijden komen met nieuwe vragen en verlangens.
Wij verwachten dat iedereen wel weet hoe hij binnen moet geraken. In sommige gemeenschappen kennen ze elkaar al lang. Soms zijn er ook niet zo veel jongeren, maar dat is ook kans voor die gemeenschap om een nieuw elan te krijgen. Pas op : dat gaat niet altijd zonder slag of stoot. Want nieuwe mensen en nieuwe tijden komen met nieuwe vragen en verlangens. Ze zoeken in het begin een beetje in alle richtingen. Ze zien er geen probleem in om de ene keer naar een mis in het Latijn te gaan en de andere keer de mis in de parochie. Dit vraagt om begeleiding, van iedereen, om stil te staan bij de betekenis van de liturgie. Maar gelukkig ervaar ik veel openheid, bij iedereen.

Wat kan Pasen betekenen in een seculiere maatschappij ?
Pasen is een teken van hoop, ook in een seculiere samenleving. Veel mensen zijn bang. Er is oorlog in Iran en dat heeft grote gevolgen voor de hele wereld. De prijs van olie stijgt en we zullen dat allemaal voelen. Maar desondanks blijven we hopen. Die hoop komt niet van ons. Dat is de getuigenis die christenen moeten uitdragen. Het is een gave die teruggaat op Pasen, het lijden van Jezus tot zijn dood op het kruis en dan de verrijzenis. Dit kan ook vandaag mensen raken in moeilijke situaties. Ik verwijs naar die catechumenen. In hun bekeringsverhalen hoor je vaak ervaringen van moeilijke omstandigheden, ziekten of angsten. Dan ontmoeten ze Jezus als hun redder. Het is een ervaring van bevrijding die hen Pasen nog dieper doet beleven.
Een andere onderwerp dat de kerk blijft achtervolgen is het misbruik. Dat blijft maar terugkomen. Hoe komt dat ?
Dat komt omdat het een diep trauma van slachtoffers blijft. We beseffen nu veel beter hoe groot het trauma is voor veel slachtoffers. Ook al heeft de kerk veel meer gedaan dan andere instellingen in België die daarmee geconfronteerd zijn, in het bijzonder voor verjaarde feiten. Maar het is nooit genoeg.
We hebben ons geëngageerd voor de psychologische begeleiding van slachtoffers.
Daarom hebben we ons nu ook geëngageerd, zoals de overheid ons ook gevraagd heeft, voor de psychologische begeleiding van slachtoffers. Er is een nieuw beleidsplan opgesteld. De kerk heeft sinds 1997 de eerste contactpunten voor misbruik in de kerk. We nemen concrete engagementen en we zoeken ook bekwame mensen om dat te doen. We investeren daarin, om de slachtoffers zoveel mogelijk centraal te plaatsen.
We moeten doen wat we kunnen om de slachtoffers te helpen, om zoveel mogelijk te herstellen, ook al is volledig herstel in vele gevallen nooit mogelijk. Maar ik besef dat het werk nog niet af is en ik weet dat sommigen dat nog niet genoeg vinden.

Zou de kerk wat sterker moeten communiceren daarover ? Naar aanleiding van het VRT-programma Brief aan de paus, waaraan u meegewerkt hebt, zijn er ook slachtoffers die naar de Raad voor de Journalistiek stappen omdat ze dat eenzijdige berichtgeving vinden. Was dit niet de taak van de kerk ?
Wat we als kerk eerst moeten doen is luisteren naar de getuigenissen uit het programma Brief aan de paus. Je kan dat eenzijdig vinden, maar dan nog moet je respect hebben voor die getuigenissen. De slachtoffers die vinden dat de kerk veel voor hen gedaan heeft, zie je minder in de media, dat klopt. Dat is de vrije keuze van de journalist. Ons beste antwoord blijft wat we doen voor de slachtoffers. We bekijken hoe we de aanbevelingen van de Tweede Kamercommissie kunnen verwerken in ons nieuw beleidsplan. We zullen die aanbevelingen opvolgen. Dat is het antwoord.

Ik wil even doorgaan op de plaats van de kerk in het maatschappelijk debat. Vorige week was er ophef over het kapotslaan van heiligenbeelden door StuBru. Moet u op zo’n moment niet wat fermer communiceren ?
Ach, moeten we dan elke dag op iets anders reageren ? Misschien verwacht de huidige samenleving dat van ons, maar is dat goed ? Helpt ons dat om de Blijde Boodschap te verkondigen ? Ik spreek graag met journalisten over de catechumenen die gedoopt zullen worden. Maar ik wil niet elke dag in de media komen om ons te verdedigen. We zijn in de Goede Week. We lezen twee keer het passieverhaal van Jezus. Hoeveel keer reageert Jezus ? Niet veel. Zijn antwoord is aan het kruis.
Hoeveel keer reageert Jezus ? Niet veel. Zijn antwoord is aan het kruis.
Welk imago krijgen we als we elke dag of elke week als bisschoppen reageren ? Er zijn trouwens christenen die in het publiek debat hun stem laten horen en die doen dat heel goed. In het geval van de heiligenbeelden heeft de VRT ook excuses aangeboden. Ik hoop dat het debat in de toekomst gelijkaardige dingen kan voorkomen. Maar voor mij is de belangrijkste uitdaging de verkondiging van het evangelie.

Maar kan je dat ook niet doen door op een iets assertievere manier in het publieke uit te dragen waar de kerk voor staat, ook in ethische thema’s of over armoede of oorlog ?
We doen dat, maar dat wordt niet altijd opgepikt door de media. We moeten zoeken naar nieuwe manieren om te communiceren. Een persbericht heeft niet veel impact meer. En vroeger had de kerk verschillende kanalen om te communiceren. Dat wijst ons ook op de noodzaak om wat nederiger te worden.
Niet dat de kerk niets meer betekent, integendeel. Maar we wegen niet meer op het debat zoals vroeger. Toch zijn we aanwezig in de samenleving, en daar getuigen we. Het is belangrijk dat we als kerk op een authentieke manier communiceren om te getuigen, ook in de debatten waaraan we deelnemen. Neem nu het debat over euthanasie, daarin moeten we ook beklemtonen dat we actief zijn in palliatieve zorg en begeleiding van mensen, dat we doen wat we zeggen.
Eigenlijk zegt u dat de kerk opnieuw haar plaats moet zoeken in de maatschappij.
Zeker en vast, dat is totaal nieuw voor ons. De vraag is hoe we vandaag in onze samenleving een missionaire kerk kunnen zijn. Een kerk van getuigen. Die dicht bij de mensen staat, die luistert. Er is een grote diversiteit in de bevolking, maar ook in de kerk. Ook over die ethische en levensvragen. We moeten hoopvol naar de toekomst leren kijken, zonder nostalgie naar het verleden.
We moeten hoopvol naar de toekomst leren kijken, zonder nostalgie naar het verleden.

Volgens uw collega bisschop Johan Bonny kan de synodale missionaire kerk bij ons niet zonder gehuwde mannen priester te wijden.
In de kerk staat de eucharistie centraal. De eucharistie is een hoogtepunt en de bron van de kerk. Dan is een kerk zonder eucharistie een probleem. Dat is het uitgangspunt van wat hij zei. Ik deel als bisschop de zorg van collega Johan Bonny. Die positie over de wijding van gehuwde mannen is niet nieuw in onze Belgische Kerk. Enkele jaren geleden hebben de Belgische bisschoppen dat ook al publiek gezegd. Ik zie die gehuwde priesters als een verrijking van de kerk. We hebben hier in Mechelen een jonge gehuwde priester, vader van drie kinderen, priester in de Chaldeeuwse gemeenschap. Hij herinnert ons aan een oude traditie van de kerk, die in het Oosten bewaard is gebleven. Al blijf ik ook geloven in het celibaat.
Maar u zegt dus dat hij een punt heeft dat u mee wil verdedigen in Rome ?
Ja, we delen die zorgen. Hij heeft gezegd dat hij dat wil bespreken met de collega’s-bisschoppen en ook met het Vaticaan. Hij heeft ook in een interview gezegd dat hij niet tegen paus Leo zal ingaan. We hebben daarover in de bisschoppenconferentie nog niet gesproken. Maar hij heeft me wel geïnformeerd dat hij in zijn pastorale brief zou schrijven over de viri probati. Maar bon, nu is het ook aan de paus.

We zullen de beslissing van de paus, wat die ook is, respecteren.
Hoe gaat dat in zijn werk ? Moet hij ergens een formulier indienen dat hij gehuwde mannen wil wijden?
(glimlacht) Natuurlijk geen formulier. Dat loopt langs een gesprek, verschillende gesprekken. De paus moet rekening houden met alle aspecten van die vraag én met de eenheid in de kerk. De paus is zich ook bewust van de centrale plaats van de eucharistie. Maar ook dat de situatie in Vlaanderen niet te vergelijken is met Zuid-België, dat speelt ook. Maar dit zullen we allemaal bespreken op de bisschoppenconferentie met de collega’s.
Het is ook niet de eerste keer dat die vraag in Rome gesteld wordt. Die kwam ook naar boven in de synode over het Amazonegebied. Paus Franciscus is toen heel voorzichtig gebleven. Misschien moet een volgende synode zich buigen over het priesterschap. Om na te denken en tot een besluit te komen met de paus en de wereldkerk. Uiteindelijk is het de paus die beslist. We zullen de beslissing van de paus, wat die ook is, respecteren.

Eigenlijk zegt u : ‘we moeten de kerk opnieuw uitvinden’.
Ja, we moeten naar een nieuwe uitdrukking van de kerk in een andere tijd. Maar ik voel toch interesse bij gelovigen, ook bij jonge gelovigen, om hun geloof te verdiepen. Het is niet altijd makkelijk om die mensen te raken of te engageren als ze bezig zijn met het gezin of werk. Maar we worden verrast nu door de catechumenen, in de toekomst zullen we nog verrast worden door andere dingen. Dat vraagt ook voor de kerk een goede onderscheiding en een beetje creativiteit.
We zien dat ook in handeling van de Apostelen. Daar worden de Apostelen verrast door een vraag van een weduwe. Ze waren bezig met gebed en prediking en daar staat plots een arme weduwe. Dan hebben ze zeven diakens aangesteld. Dat was een creatieve oplossing. En wat doen die diakens ? Armen helpen en zo het evangelie prediken. Interessant.

Pieter Bauwens is sinds 2010 hoofdredacteur van Doorbraak. Journalistiek heeft hij oog voor communautaire politiek, Vlaamse beweging en religie.
foto’s (c) Gazet van Hove.

