ANALYSE
Nieuws – door Jan Fabry – www.doorbraak.be .
‘Er is weinig bezieling of enthousiasme in de regering.’
Het politieke reces staat voor de deur, maar voor de Vlaamse regering is het werk nog lang niet af. Na een regeringsjaar waarin begroting, onderwijs, leerlingenvervoer en onderlinge spanningen geregeld de actualiteit beheersten, wacht de meerderheid nog een hele reeks moeilijke keuzes, zowel voor als na het reces. Terwijl minister-president Matthias Diependaele (N-VA) zijn regering als een stabiel hervormingsproject wil profileren, blijft de vraag of de coalitie de neuzen voldoende in dezelfde richting krijgt om de legislatuur overtuigend af te werken.

In het eerste deel van deze reeks wezen Noël Slangen en Isolde Van den Eynde vooral op het gebrek aan eensgezindheid binnen de regering. Vandaag leggen politicoloog Carl Devos en politiek commentator Rik Van Cauwelaert andere accenten. De ene zoomt in op de politieke dynamiek achter de coalitie, de andere op de structurele uitdagingen die haar nog wachten. Opnieuw legde Doorbraak hen twee vragen voor : wat is vandaag de achilleshiel van de Vlaamse Regering ? En welke opdrachten zullen bepalen of deze legislatuur als een succes of een gemiste kans de geschiedenis ingaat ?
Carl Devos : Het is moeilijk om er één achilleshiel uit te pikken, want verschillende zaken hangen met elkaar samen. De Vlaamse Regering heeft sinds het begin van de legislatuur één duidelijke missie : een begrotingsevenwicht bereiken in 2027. Daarvoor moet nog ongeveer 1 à 1,5 miljard euro worden gevonden. Een begroting in evenwicht is een stevige prestatie, zeker als je ze vergelijkt met de andere regeringen in België. De budgettaire uitdaging is weliswaar op Vlaams niveau kleiner dan op federaal niveau, maar desondanks blijft het een aanzienlijke inspanning.

Tegelijk stel ik mij de vraag : wat is het maatschappelijke project van deze regering ? Waarvoor dient ze, behalve om dat begrotingsevenwicht te halen ? Er wordt veel gesproken over gezonde overheidsfinanciën, maar een bredere maatschappelijke visie blijft vrij dun. Er is weinig bezieling of enthousiasme. Het is geen regering met een warm of mobiliserend project.
Daar komt nog bij dat de ploeg niet altijd goed samenhangt. Er zijn spanningen tussen de coalitiepartners, soms ook binnen regeringspartijen, vooral dan in de N-VA. Vanuit het Parlement komt er regelmatig friendly fire naar ministers van andere regeringspartijen. Het is alsof verschillende ministers een zeer kritische parlementaire waakhond van een coalitiepartner kregen. Het vroegere zwijgakkoord bestaat niet meer. Dat is op zich goed, maar de kritiek vanuit de meerderheid heeft soms iets vilein en doet afbreuk aan de uitstraling van de regering.
En als het op goed gebruik van de centen aankomt, laat de Vlaamse Regering soms wat steken vallen. Er is stevige kritiek van het Rekenhof, bijvoorbeeld op de aanpak van infrastructuurwerken. Daarnaast kampt de Vlaamse overheid nog altijd met verkokering en een overdaad aan regels, waardoor beleid moeilijk vooruitgaat. We maken die analyse nu al decennia. Ook Diependaele krijgt dat niet weg. We hebben dus nood aan een Vlaamse Regering die meer inzet op een bezielend, mobiliserend project en zegt zoals de federale : wij gaan het voortaan anders doen. Ze moet zich nadrukkelijker richten op de grote maatschappelijke uitdagingen, zoals de wachtlijsten in de zorg en de problemen in het onderwijs. Die gaan al veel te lang mee.

Wie verder meer bevoegdheden voor Vlaanderen wil, moet eerst tonen dat Vlaanderen de huidige bevoegdheden uitstekend beheert. Precies daar wringt het schoentje. De Vlaamse Regering straalt vandaag onvoldoende uit dat ze haar bestaande taken voorbeeldig uitvoert. Daardoor creëert ze ook weinig draagvlak om nog meer bevoegdheden te regionaliseren. Opvallend is dat de federale Arizona-coalitie vandaag dynamischer oogt dan de Vlaamse Regering.
Rik Van Cauwelaert : De samenhang, dat is de achilleshiel. Al is dat niet eigen aan de huidige regering, maar ook aan al de voorgaande. Het gebrek aan samenhang ligt vooral aan het feit dat de coalitiepartners in die regeringen telkens een eigen agenda hebben. Er is geen regeringsagenda. In plaats van te kijken naar de opdrachten die deze regering heeft, doet iedereen zijn eigen ding, of lijkt zijn eigen ding te doen, wat dat gebrek aan samenhang alleen maar duidelijker maakt. Zo heeft de Vlaamse Regering de hangende dossiers rond het onderwijs en de opvang, en moet ervoor gezorgd worden dat de economische bedrijvigheid op peil blijft. Al deze dossiers moeten grondig gedaan worden. En wat zie je dan ? Dan zie je dat iedereen subsidies aan het uitdelen is.

En dan doet in het onderwijs een bepaalde minister zijn ding, in het openbaar vervoer doet een andere minister zijn ding. En dan krijg je zulk een probleem als het vervoer van kwetsbare kinderen. En dan zeggen de twee ministers : ja, maar ik wil daar eigenlijk niet aan raken. Men kan zich afvragen waar de verantwoordelijkheid van deze regering als geheel is ?
En dat is wat ik bedoel met dat gebrek aan samenhang. Dat is een probleem dat de politiek in België en zeker in Vlaanderen met prioriteit gaat moeten oplossen, namelijk dat een regering naar buitenkomt met een programma dat tegelijk het programma van alle ministers is. En dat moet afgesproken zijn voordat men naar het Parlement gaat om aan datzelfde Parlement het vertrouwen te vragen. En dat is dan de opdracht, waarover niet meer eindeloos over gediscussieerd hoeft te worden. Nee, dit is het programma en dit gaan we uitvoeren. Anders gaan we blijven knoeien zoals we bezig zijn. En dan delen we wat subsidies uit, elk op zijn terrein en raakt niets opgelost, integendeel, de problemen worden voor ons uitgeschoven.

Voor welke belangrijke uitdagingen staat de Vlaamse Regering nog tijdens de rest van de legislatuur ?
Carl Devos : De eerste uitdaging is om collegialer te werken, te beginnen met het afsluiten van het huidige politieke jaar. Er resten nog enkele ministerraden en het zou goed zijn mocht de regering opnieuw meer eensgezindheid uitstralen. Dossiers zoals het leerlingenvervoer en enkele interviews over de ervaring van interim-minister Hans Bonte (Vooruit) hebben aangetoond dat de onderlinge verhoudingen soms onder druk staan. De regering heeft er bijgevolg alle belang bij om het huidige politieke jaar eendrachtig af te ronden.
Daarnaast blijft het begrotingsevenwicht voor 2027 de grote opdracht, zeker omdat Vooruit zich kritischer opstelt tegenover een strikt begrotingsevenwicht. En zelfs vanuit de N-VA is niet iedereen daar altijd evenzeer van overtuigd.
Tegelijk zijn er grote maatschappelijke noden, vooral in de zorg. Dat roept de vraag op of de regering budgettair niet iets meer ruimte moet laten om die problemen aan te pakken. De spanning tussen begrotingsdiscipline en maatschappelijke verwachtingen zal de komende maanden alleen maar toenemen.

De Vlaamse Regering heeft bovendien niet echt een traditie van ingrijpende hervormingen. Wanneer zich een maatschappelijk probleem voordoet, is de reflex vaak om extra middelen vrij te maken. Ook in het onderwijs zie je dat. De ruimte voor bijkomende hervormingen én verdere besparingen wordt steeds kleiner. Zeker in het hoger onderwijs beginnen de structurele besparingen hun limiet te bereiken. Daardoor wordt het steeds moeilijker om de besparingslogica vol te houden terwijl de maatschappelijke uitdagingen blijven groeien. De vraag aan de Vlaamse Regering is dus : hoe gaan jullie dat oplossen ?
Rik Van Cauwelaert : Onderwijs is zeker een eerste opdracht. Ik heb trouwens niet de indruk dat dat de manier is waarop ze nu bezig zijn door het onderwijzend personeel, de scholen en de universiteiten, letterlijk, te koeioneren. In plaats van bovenaf te beslissen, moet men in vertrouwen met de mensen die in het veld staan samenwerken en zien waar de problemen zitten en deze samen oplossen. Dat is een primordiaal probleem want dat gaat over de toekomst van Vlaanderen.
We hebben altijd een uitstekende reputatie gehad qua onderwijs universiteit en opleidingen. Bedrijven kwamen naar hier precies omdat ze wisten dat ze hier een beroep konden doen op goed opgeleide, goed gevormde mensen. Als we dat verliezen, helaas, dan geef je ook de toekomst op.

Een tweede opdracht is zorgen dat er toch iets grondigs gedaan wordt rond de energieproblematiek : zowel de energievoorziening in het algemeen en de energie voor de economie. Het grote probleem is dat wij een open economie zijn die teert op veel energie. Dat is nu eenmaal zo, we kunnen daar niet buiten. En die energie moeten we of zelf maken ofwel moeten we ze gaan kopen. En daar moet de Vlaamse Regering er toch voor proberen te zorgen dat onze bedrijven niet verjaagd worden omwille van de stijgende en onhoudbare energieprijzen. En daar moet vanuit de Vlaamse Regering aan gewerkt worden en eventueel druk gezet worden op de federale regering.


Jan Fabry (°1991) is journalist bij Doorbraak en doctor in de Nederlandse filologie. Hij woonde en werkte in België, Frankrijk, Polen en Tsjechië als leerkracht en onderzoeker. Zijn interesses situeren zich op het snijvlak van politiek, taal, geschiedenis en identiteit, met een bijzondere aandacht voor Vlaanderen en de Lage Landen.

