NIEUWS – door Jan Fabry – www.doorbraak.be .
Wie denkt dat ‘uitgaan’ een fenomeen van de jongste generaties is, vergist zich. foto © Collectie Huis van Alijn .
Wie denkt dat ‘uitgaan’ een fenomeen van de jongste generaties is, vergist zich. Vlaanderen telde ooit honderden baandancings, jazzclubs en dancingpaleizen. De tentoonstelling C’est Party! in het Gentse Huis van Alijn toont hoe honderd jaar uitgaan tegelijk een verhaal is van muziek, emancipatie, technologie en identiteit.
C’est Party! vertelt het verhaal van het uitgaansleven van het interbellum tot vandaag. De expositie neemt je per (muziek)generatie en muziekgenre mee en dompelt je onder in de wereld van toen en nu. Bezoekers krijgen een koptelefoon waarmee ze door de verschillende periodes worden geleid.
De soundtrack evolueert mee : van jazz en swing over rock-‘n-roll tot new beat en EBM. Onderweg zorgen korte interviews met kenners, onder wie Marijn Devalck – beter bekend als Balthasar Boma uit F.C. De Kampioenen, zelf niet vies van een feestje – voor extra duiding.

De objecten van een uitgaanscultuur
Niet alleen geef je je oren de kost, ook kan je je ogen uitkijken tijdens de expositie : aan de hand van affiches, flyers en stickers, maar ook van iconische objecten uit de muziekindustrie met onder meer de jukebox, de platenspeler, de kleding die samengaat met een bepaald genre, zoals het typische newbeatjasje en het legendarische masker van Dr. Lektroluv, ontstaat een tastbaar beeld van het uitgaansleven van toen.
Ook de ‘dansvloer’ heeft een evolutie ondergaan. Zo is het café na de Tweede Wereldoorlog in eerste instantie een plaats om internationale artiesten te leren kennen via buitenlandse radiozenders. Het café diende dus als ontmoetingsplek voor internationale hits en lokale artiesten. Terwijl massa-evenementen zoals Tomorrowland steeds dominanter worden, sluiten tegelijk heel wat clubs noodgedwongen de deuren. Waar vroeger het lokale café of de dancing het sociale leven structureerde, lijken de festivals van vandaag steeds meer tijdelijke gemeenschappen te creëren.

Van ‘God is a DJ’ naar ‘A DJ is God’
Uiteraard staat de maker en mixer van muziek centraal in de tentoonstelling. We leren dat de artiest in het begin van vorige eeuw veeleer op de achtergrond stond, maar dat onder andere de Beatlemania artiesten naar nieuwe hoogtes stuwde. Dankzij de huidige technologie zijn de artiesten van vandaag, en dan vooral de DJ, alleskunners : zij zijn zowel muzikant, producer en ondernemer als influencer en festivalheadliner.
De tentoonstelling schuwt geen taboes. Zonder schroom wordt verteld over het druggebruik in het nachtleven en de gevolgen die dat had voor de gezondheid en veiligheid van de feestvierders en anderen. Nieuwe regels werden daarom opgelegd die het drank- en druggebruik aan banden moesten leggen.
Ook werpt de tentoonstelling haar licht over het gevoel van (on)veiligheid op de dansvloer : ze toont hoe een uitgebreid netwerk van organisatoren, personeel en portiers mee instaat voor een veilige nachtbeleving.

Meer dan muziek
C’est Party! gebruikt het nachtleven als venster op bredere maatschappelijke evoluties. Thema’s als migratie, emancipatie, technologie, identiteit, seksualiteit en veiligheid passeren de revue. Uiteindelijk vertelt de tentoonstelling niet alleen hoe Vlamingen de voorbije honderd jaar hebben gefeest, maar ook hoe ze hebben geleefd, liefgehad en zich georganiseerd. Ze houdt ons, met andere woorden, een spiegel voor.
C’est Party! is een tijdelijke expositie in het Huis van Alijn en loopt van 4 juli 2026 tot en met 30 september 2027.

Jan Fabry (°1991) is journalist bij Doorbraak en doctor in de Nederlandse filologie. Hij woonde en werkte in België, Frankrijk, Polen en Tsjechië als leerkracht en onderzoeker. Zijn interesses situeren zich op het snijvlak van politiek, taal, geschiedenis en identiteit, met een bijzondere aandacht voor Vlaanderen en de Lage Landen.
foto’s (c) Gazet van Hove.


