NIEUWS – door Bram Bombeek – www.doorbraak.be .

Bestand:EU2024BE 240620 EPSCO Council European Convention Center JNZT 0117 (53803594397).jpg

‘Elk profitariaat is fout. Niet alleen dat van wie onderaan zit, maar ook van wie bovenaan zit’, zo opende vicepremier Frank Vandenbroucke (Vooruit) dinsdag het academiejaar van de politicologen in Gent. foto © Wikimedia Commons .

Vooruit telt bijna drie keer zoveel managementvennootschappen als tien jaar geleden en becijfert ‘het profitariaat bovenaan’ op ruim 4 miljard euro per jaar.

‘Elk profitariaat is fout. Niet alleen dat van wie onderaan zit, maar ook van wie bovenaan zit’, zo opende vicepremier Frank Vandenbroucke (Vooruit) dinsdag het academiejaar van de politicologen in Gent. De uitval naar het ‘profitariaat bovenaan’ sloeg op de belastingontwijking door managementvennootschappen en de ‘vervennootschappelijking’. Juridisch gezien is zo’n managementvennootschap nochtans geen aparte categorie. De studiedienst van Vooruit dook dan maar zelf in de cijfers, met eigen criteria.

Fiscaal lek

Volgens de studaxen van de partij neemt een managementvennootschap het bestuur van een ander bedrijf waar en heeft ze hooguit twee aandeelhouders en één werknemer. Het aantal vennootschappen dat aan die criteria voldoet, stijgt van een kleine 20.000 in 2013 naar 54.500 in 2024. Collectief boeken ze 13 miljard euro aan omzet. Met ook consultants en vrije beroepers die fiscaal willen optimaliseren komt Vooruit aan een lek van 4,2 tot 4,7 miljard euro.

Alleen al die vergetelheid maakt het fiscale lek 1 miljard euro groter

Maar de economen en fiscalisten namen de berekeningen van Vooruit meteen onder vuur. Geert Noels spreekt op X over ‘groteske fouten’ : zo is Vooruit vergeten dat een bestuurder van een vennootschap wettelijk gezien een zelfstandige moet zijn in België en dat de sociale bijdragen van zelfstandigen geplafonneerd zijn op 110.000 euro. Alleen al die vergetelheid maakt het fiscale lek 1 miljard euro groter. Professor emeritus fiscaal recht Luc De Broe vindt het niet correct om de vrije beroepers mee te nemen in de berekening. Andere professoren vinden dan weer dat er alleen een correcte vergelijking kan worden gemaakt met zelfstandigen zonder vennootschap.

Serieuze slok op de borrel

Toch scheelt factureren via een vennootschap op fiscaal gebied een serieuze slok op de borrel en gaat het al lang niet meer alleen over managers. De Gentse start-up ‘Die van de boekhouding’ heeft er zelfs een businessmodel van gemaakt. Op zijn website staat een rekentool waarmee een werknemer zijn voordeel kan uitrekenen als hij overstapt naar het zelfstandigenstatuut met een vennootschap. Vanaf een brutoloon van zowat 4.500 euro wordt de berekening positief, maar voor wie meer verdient kan het voordeel snel oplopen.

Zo geven ze het voorbeeld van een softwareontwikkelaar. In loondienst kostte hij zijn werkgever 96.000 euro per jaar, waarmee hij een nettoloon had van 3.150 euro per maand. Als hij voor hetzelfde bedrag facturen stuurt (8.000 euro per maand) via een vennootschap, is dat nettoloon 1.000 euro lager, maar kan hij dat achteraf wel aanvullen met een dividend. Aan het eind van de rit houdt hij 2.000 euro per jaar meer over. Alleen moet hij daar ook wat geduld voor hebben : om van het verlaagde tarief van 18 procent roerende voorheffing te kunnen genieten, moet het dividend eerst drie boekjaren in de vennootschap blijven.

Zekerheden

Voor die 2.000 euro netto meer ruilt onze softwareontwikkelaar natuurlijk ook wel wat zekerheden in. Als zelfstandige heeft hij geen recht op een werkloosheidsuitkering en kan hij niet langer genieten van de bescherming van het Belgische arbeidsrecht. Als hij ziek wordt, kan hij niets factureren. De opbouw van zijn wettelijk pensioen gebeurt op basis van een veel lager loon, al zal hij dat wel kunnen opvangen door een groter spaarpotje zelf weg te zetten. En dan zijn er de kosten van de boekhouder en de vennootschap, door Die van de boekhouding al snel op 6.000 euro per jaar geraamd.

De softwareontwikkelaar is misschien geen ondernemer, maar hij moet wel meer risico’s zelf dragen terwijl zijn inkomen op korte termijn lager zal liggen. Niet iedereen zal dus zomaar de sprong maken.

Schijnzelfstandigheid

Natuurlijk is de vraag wel of het hier in de praktijk niet gewoon om schijnzelfstandigheid gaat. Wat dat betreft zijn Noels en de socialisten het erover eens dat daar eigenlijk het echte probleem ligt. Onze jonge softwareontwikkelaar werkt nog altijd maar voor een en hetzelfde bedrijf, al stuurt hij nu facturen. Alleen zegt de arbeidsrelatiewet dat het aantal klanten er niet toe doet, de vraag is of hij onder gezag staat. Het wettelijk vermoeden van werknemerschap bestaat alleen in sectoren als de bouw, bewaking, transport en schoonmaak.

Misschien is het voor nogal wat young potentials juist aantrekkelijk dat ze niet meer onder gezag staan en dat ze zelf hun uren en hun vakantie kunnen kiezen. Hoewel de managementvennootschappen al even de gemoederen beroeren, blijkt de strijd tegen schijnzelfstandigheid voorlopig geen grote prioriteit. Bij de Commissie Arbeidsrelaties werd tot 2020 nog geen enkele managementvennootschap geherkwalificeerd wegens schijnzelfstandigheid. Het profitariaat bovenaan steekt misschien de ogen uit, maar illegaal is het blijkbaar niet.

Bram Bombeek (1987) studeerde geschiedenis en rechten aan de UGent en slager-spekslager bij Syntra Midden-Vlaanderen. Voor Doorbraak beent hij het nieuws uit.

foto’s (c) Gazet van Hove.