Ons land heeft grote financiële problemen. De huidige regering wankelt erover. Sommigen (GLB) spreken om het IMF naar België te laten komen om hier de boel op te kuisen. Wat gebeurde er in Griekenland allemaal met de doortocht van het IMF ?

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) speelde vanaf 2010 een belangrijke rol bij de aanpak van de Griekse schuldencrisis. Samen met de Europese Commissie en de Europese Centrale Bank vormde het de zogenaamde Trojka.

Griekenland verkeerde in een zware economische crisis : de overheidsschuld was enorm opgelopen, het begrotingstekort was zeer groot en het land dreigde zijn schulden niet meer te kunnen afbetalen.

In ruil voor financiële noodleningen moest Griekenland een omvangrijk besparings- en hervormingsprogramma uitvoeren.

1. De belangrijkste maatregelen van het IMF

1. Besparingen op de overheid

  • Verlaging van de lonen van ambtenaren.
  • Afschaffing of vermindering van eindejaarspremies en vakantiegeld in de overheidssector.
  • Vermindering van het aantal ambtenaren.
  • Beperking van overheidsinvesteringen en overheidsuitgaven.
  • Reorganisatie van de gemeentelijke en regionale overheden.

2. Hervorming van de pensioenen

  • Verhoging van de wettelijke pensioenleeftijd, onder meer van 60 naar 62 jaar.
  • Verlaging van bepaalde pensioenuitkeringen.
  • Afschaffing van de dertiende en veertiende maand pensioen.
  • Strengere voorwaarden voor vervroegd pensioen.
  • Gelijkmaking en vereenvoudiging van de verschillende pensioenstelsels.

3. Verhoging van de belastingen

  • Verhoging van de btw, onder meer op consumptiegoederen.
  • Verhoging van accijnzen op brandstoffen, tabak en alcohol.
  • Invoering en verhoging van onroerende voorheffingen en vastgoedbelastingen.
  • Verhoging van bepaalde inkomstenbelastingen.
  • Strengere controles om belastingontduiking tegen te gaan.

4. Hervorming van de arbeidsmarkt

  • Verlaging van het minimumloon.
  • Versoepeling van het ontslagrecht.
  • Beperking van de macht van vakbonden bij collectieve loononderhandelingen.
  • Meer flexibiliteit bij arbeidscontracten.
  • Maatregelen om de concurrentiekracht van Griekse bedrijven te verhogen.

5. Privatisering van overheidsbedrijven

Griekenland moest een groot aantal staatsbezittingen verkopen of privatiseren, waaronder:

  • Havens en luchthavens.
  • Spoorwegactiviteiten.
  • Energiebedrijven.
  • Vastgoed en overheidsterreinen.
  • Andere overheidsbedrijven.

Het doel was om inkomsten te verwerven en de overheidsschuld te verminderen. De aanvankelijke opbrengstverwachtingen bleken echter veel te optimistisch.

6. Hervorming van de banken

  • Herkapitalisatie van Griekse banken.
  • Aanpak van slechte leningen.
  • Versterking van het toezicht op de banken.
  • Herstel van het vertrouwen van spaarders en internationale investeerders.
Bestand:Hellenic Parliament from high above.jpg
Griekse parlement – foto (c) Wikimedia Commons

2. Welke financiële hulp kreeg Griekenland ?

Er kwamen drie opeenvolgende steunprogramma’s:

PeriodeFinancieel programma
2010–2011Eerste noodprogramma: ongeveer €110 miljard
2012–2015Tweede steunprogramma: ongeveer €130 miljard
2015–2018Derde steunprogramma: maximaal €86 miljard

De financiering kwam niet uitsluitend van het IMF. Ook de eurolanden en Europese noodfondsen leverden grote bedragen.

Bestand:IMF-Seal ENG RGB.svg

3. Wat waren de gevolgen voor de Griekse bevolking ?

De sociale gevolgen waren bijzonder zwaar.

  • De werkloosheid liep op tot ongeveer 27% in 2013.
  • De jeugdwerkloosheid steeg tot boven 50%.
  • Veel gepensioneerden verloren een aanzienlijk deel van hun inkomen.
  • De lonen daalden sterk.
  • Veel kleine ondernemingen gingen failliet.
  • De binnenlandse consumptie stortte in.
  • Veel jonge en hoogopgeleide Grieken emigreerden.

De Griekse economie kromp tussen 2008 en 2016 met bijna 30%.

4. Heeft het IMF zijn doel bereikt ?

Gedeeltelijk geslaagd

Er waren uiteindelijk belangrijke resultaten:

  • Griekenland kon zijn overheidsfinanciën stabiliseren.
  • Het begrotingstekort werd omgebogen naar een overschot vóór rentebetalingen.
  • De banken werden opnieuw versterkt.
  • De economie begon opnieuw te groeien.
  • Griekenland kreeg in 2018 opnieuw toegang tot de internationale kapitaalmarkten.

Maar er waren ook grote mislukkingen.

Het IMF heeft zelf toegegeven dat het de negatieve gevolgen van de besparingen voor de economische groei onderschat had. Ook was de voorspelling dat de economie relatief snel zou herstellen te optimistisch.

5. Een belangrijke les uit de Griekse crisis

De Griekse crisis is een interessant voorbeeld van de discussie over de gevolgen van besparingspolitiek.

Er stonden eigenlijk twee economische benaderingen tegenover elkaar:

  • De IMF-benadering : eerst de overheidsuitgaven terugdringen, de begroting saneren, de concurrentiekracht herstellen en de schuldenlast beheersen.
  • De alternatieve benadering : minder snel besparen, meer investeren in economische groei en werkgelegenheid en de schuldenlast vroeger gedeeltelijk kwijtschelden.

Een belangrijk probleem was dat de besparingen de economie verder deden krimpen. Daardoor daalden ook de belastinginkomsten en werd het moeilijker om de schulden terug te betalen.

Besluit : Griekenland heeft zijn financiële en begrotingssituatie uiteindelijk kunnen stabiliseren, maar de prijs was een uitzonderlijk zware economische en sociale crisis. Het IMF heeft achteraf erkend dat de oorspronkelijke aanpak belangrijke inschattingsfouten bevatte. De Belgische politici kunnen maar beter tot een financieel akkoord komen … voor het IMF in Zaventem uit het vliegtuig stapt.

foto ’s (c) Wikimedia Commons & Gazet van Hove.