‘Nederlands Vanzelf Sprekend’
Interview met Peter Debrabandere ‘In plaats van te streven naar één standaardtaal, gaan we nu uit van asymmetrie, met algemeen Nederlands als overlappingsgebied, liet communicator bij de Nederlandse Taalunie Ludo Permentier noteren in De Standaard (13 juni 2013). In het artikel, met de naar Prudens Van Duyse ronkende titel ‘DeLees verder

“Er is vandaag onmiskenbaar een verminderde aandacht voor de zorg voor de standaardtaal : de beheersing van de uitspraaknorm, de naleving van grammaticale regels. Het onderwijs heeft het ideaal van de beheersing van de standaardtaal in de loop van de voorbije decennia steeds meer losgelaten. Ik doceer Nederlands en communicatieve vaardigheden in de lerarenopleiding en kan alleen maar vaststellen dat de beheersing van de Nederlandse standaardtaal de voorbije twintig jaar bij achttienjarigen achteruitgegaan is. Beleidsteksten wijzen wel op het belang van de standaardtaal, maar dat blijft vaak bij een theoretische benadering. In de praktijk zijn leerlingen en studenten niet beter Nederlands gaan leren sinds Frank Vandenbroucke en Pascal Smet hardop hun steun aan het Standaardnederlands betuigd hebben. Universiteiten, hogescholen en middelbare scholen werken nu hard aan een mooi gedocumenteerd taalbeleid. Er worden allerlei systemen bedacht om studenten buiten het curriculum om schrijfvaardiger te maken. Maar het is toch de taak van de scholen om leerlingen te leren spreken en schrijven in de standaardtaal, zodat er geen taalbeleid nodig is als ze de stap maken naar het hoger onderwijs. Een ander punt is het gevoel dat het Nederlands in Nederland en Vlaanderen uit elkaar aan het groeien is. Vlaamse fictie moet op de Nederlandse televisie ondertiteld worden. Nogal wat Vlamingen hebben moeite om Nederlanders te begrijpen omdat hun uitspraak afwijkt van wat in Vlaanderen als norm geldt. Natuurlijk zijn er nog voldoende radio- en televisieprogramma's waarin het Standaardnederlands – uiteraard nu eens Nederlands en dan weer Vlaams gekleurd – weerklinkt : nieuwsprogramma's, documentaires, talkshows, ... Maar als in soaps, films, stand-up comedy, kookprogramma's en reality-tv in Vlaanderen bijna uitsluitend tussentaal te horen valt, wordt de indruk gewekt dat de standaardtaal in Vlaanderen onbruikbaar is en nooit gebruikt wordt in informele situaties. De werkelijkheid is soms toch nog even anders. Ik hoor om me heen ook mensen die Nederlands met elkaar spreken. Te voet onderweg naar mijn hogeschool in Brugge hoor ik ouders Nederlands spreken tegen hun kinderen die ze naar de lagere school brengen, zelden dialect, nooit tussentaal. We willen ook duidelijk maken dat de eenheid van het Nederlands gekoesterd moet worden, hoewel bepaalde academici bewust afstand nemen van dat idee. Het is ontzettend belangrijk dat het Nederlands de gemeenschappelijke taal blijft van Nederland en Vlaanderen. Het is niet zo vergezocht om de mogelijkheid te zien dat het Nederlands op termijn in twee talen uit elkaar valt. Zo'n ontwikkeling is een mentaal proces. Het steeds weer herhalen van de jammerklacht dat Vlamingen sinds de komst van VTM niet meer naar de Nederlandse televisie kijken, is niet bevorderlijk voor het besef dat het Nederlands de taal is van Nederland en Vlaanderen samen.
Alsof we in Vlaanderen die Nederlandse tv nodig hebben om Nederlanders te horen en alsof de belangstelling voor de standaardtaal vermindert doordat we niet meer naar de Nederlandse tv kijken. We horen de Nederlanders nu gewoon op de Vlaamse radio en tv. Voetbaltrainers Mario Been (RC Genk) en John van den Brom (RSC Anderlecht) horen we bijna wekelijks. In Vlaamse nieuwsuitzendingen weerklinken Nederlandse buitenlandcorrespondenten als Ankie Rechess (Israël), Hedwig Zeedijk (Italië), Geert Groot Koerkamp (Rusland) en Lia van Bekhoven (Verenigd Koninkrijk). Koen Fillet en Sven Speybrouck ontvangen in Interne keuken (VRT, Radio 1) bijna wekelijks een Nederlandse gast. Er zijn blijkbaar geen ondertitels nodig om Nederlanders op de radio te kunnen verstaan én begrijpen. Dat ene Nederlandse taalgebied is een enorm voordeel. Aan ongeveer 175 universiteiten in niet-Nederlandstalige landen doceren zo'n 700 docenten Nederlands als vreemde taal. Het is een illusie om te denken dat we met een eigen Vlaamse taal ook zo'n ruim onderwijsaanbod in het buitenland kunnen hebben.”









