Nederlandse studie over kostprijs migratie
In 2018 bestelden Johan Van Overtveldt en Theo Francken (staatssecretaris) een studie over de economische impact van de immigratie bij de Nationale Bank van België (NBB). De studie liet twee jaar op zich wachten en werd eind november 2020 gepubliceerd. De NBB wilde de kostprijs van migratie berekenen vanuit deLees verder


Ook Jan Van de Beek, Nederlandse wiskundige en antropoloog, liet zijn licht schijnen over de conclusie van de NBB en noemt de resultaten onprofessioneel en misleidend positief. Zo acht hij het weinig waarschijnlijk dat de tweede generatie migranten ‘economisch rendabeler’ zouden zijn dan de autochtone bevolking. Wel integendeel. De enige verklaring die hij voor de gekleurde interpretatie kon vinden was die van ‘moral reading’, het verzwijgen of moreel en maatschappelijk vertalen van negatieve onderzoeksresultaten, gewoon omdat er niet slecht gesproken mag worden over migratie uit angst voor de publieke toorn en/of kiesuitslag. De standaardmanier om dergelijke berekening te maken werkt met generatierekening, dit is een internationale wetenschappelijke standaard om de totale nettobijdrage voor groepen te berekenen over de hele levensloop. Je maakt een profiel voor alle leeftijdscategorieën, met inachtneming van de sterftekansen. Op die manier kan je achterhalen wat iemand per levensjaar gaat opleveren en kosten aan de schatkist.
Er zijn grote verschillen naar het motief dat immigranten hebben om te migreren. Alleen arbeidsmigratie levert de schatkist geld op, gemiddeld +/- 125.000 €/immigrant. Studiemigratie kost gemiddeld netto 75.000 €. Gezinsmigratie kost de schatkist gemiddeld bijna 300.000 €/immigrant. De netto-kosten voor asielmigratie bedragen gemiddeld bijna 500.000 €/immigrant.








