De lat moet hoger in ons onderwijs
Vlaamse leerlingen glijden voor wiskunde en wetenschappen af naar de internationale middelmoot. In het nieuwe TIMSS-onderzoek gaan de scores van onze tienjarigen op vier jaar tijd significant achteruit. Vooral de meest kwetsbare leerlingen – zeker de kinderen die thuis geen Nederlands spreken – zijn de dupe. “We kunnen ons deLees verder

Vlaamse leerlingen glijden voor wiskunde en wetenschappen af naar de internationale middelmoot. In het nieuwe TIMSS-onderzoek gaan de scores van onze tienjarigen op vier jaar tijd significant achteruit. Vooral de meest kwetsbare leerlingen – zeker de kinderen die thuis geen Nederlands spreken – zijn de dupe. “We kunnen ons de hele discussie over de nieuwe eindtermen niet meer permitteren nu. De lat móet gewoonweg hoger, in alle scholen, in héél Vlaanderen”, zegt Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts.
Voor wiskunde (getallen, geometrische vormen en meten, gegevens) gaat de gemiddelde score (532 op 1000) significant achteruit (-14 punten). Met een 17de plaats op 58 landen behoort Vlaanderen niet meer tot de top. Niet alleen Zuidoost-Aziatische landen zoals Singapore en Zuid-Korea doen het beter, ook bijvoorbeeld Engelse en Ierse tienjarigen doen het beter dan hun Vlaamse leeftijdsgenoten. Vooral de scores voor meten en geometrische vormen zijn achteruit gegaan ten opzichte van de meting in 2015. De scores van de Vlaamse leerlingen zijn relatief homogeen – er gaapt geen grote kloof tussen de zwakkere en de sterkere leerlingen – maar ook die homogeniteit brokkelt af omdat de sterke leerlingen ter plaatse blijven trappelen en de zwakkere leerlingen achteruit gaan. Slechts acht procent van onze tienjarigen haalt trouwens het hoogste niveau voor wiskunde. Slechts 1 op 3 leerlingen vindt wiskunde leren erg leuk.
“Ik ga de barslechte resultaten niet minimaliseren met enkele lichtpuntjes die ook in TIMSS zitten”, zegt Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts. “We moeten durven benoemen dat we aan het wegglijden zijn. Daarom is het zo belangrijk dat we doorgaan met de belangrijke hervormingen die nu in de steigers staan. Ten eerste gaan we een taalscreening afnemen in de derde kleuterklas, zodat we leerlingen met een taalachterstand sneller kunnen helpen. Ten tweede gaan we de eindtermen ook voor het basisonderwijs aanscherpen, met meer aandacht voor wiskunde en Nederlands en meer concrete doelen. Ten derde gaan we veel vaker in de spiegel kijken, door Vlaanderenbrede proeven af te nemen in het lager en in het secundair onderwijs. Het zal zeker 10 jaar duren voor we de effecten van al die hervormingen zien, maar we moeten deze keuzes durven maken.”







