door Julien Borremans in ’t Pallieterke .
In de Denderstreek stijgt de migratiedruk vanuit Brussel explosief. De kansarmoede, de verpaupering, het gevoel van vervreemding en de segregatie nemen hand over hand toe. “Het gaat hier nu echt razendsnel. Eerlijk gezegd denk ik dat we vandaag al boven de bovengrens zitten van wat sociaal behapbaar is”, liet Karim Van Overmeire (N-VA), schepen te Aalst, zich onlangs ontvallen. De autochtone bevolking voelt zich machteloos en stemt in de Dendervallei massaal voor Vlaams Belang.
De migratiedruk op de Denderstreek neemt explosief toe. Dat illustreren de cijfers. Het aantal inwoners van niet-Belgische herkomst steeg in Aalst van 1.857 in 1990 naar 23.635 in 2023. Dat is 26,6 procent van de bevolking. In de andere steden langsheen de Dender is er een vergelijkbare stijging merkbaar. In Denderleeuw is 31,2 procent van de bevolking van niet-Belgische herkomst. In Ninove bedraagt dat 22 procent en in Liedekerke haast 30 procent. Ook in Geraardsbergen merken we een spectaculaire toename.

“Mensen van niet-EU-afkomst genieten in Aalst 23 keer meer van een leefloon dan mensen met een Vlaamse herkomst”
Eenzijdige internationalisering
Heel wat migranten vertrekken uit Brussel omwille van de verpaupering, de criminaliteit, de hoge werkloosheid en de duurdere woonmarkt. Ze vestigen zich langsheen de spoor- en buslijnen, op een aanvaardbare afstand van Brussel. In de Denderstreek is het leven een stuk goedkoper en zijn de OCMW’s fors uitgebouwd. Bovendien ligt de kwaliteit van het onderwijs er een heel stuk hoger. Heel wat migranten blijven gefocust op het sociale leven in Brussel en gaan er ook dagelijks werken. Daardoor ligt de behoefte om te integreren niet zo hoog.
Als we naar het onderwijs kijken, dan merken we dat de eenzijdige internationalisering van de Dendervallei in de toekomst fel zal toenemen. 33,3 procent van de leerlingen in het kleuteronderwijs in Ninove spreekt thuis geen Nederlands. In Aalst en Geraardsbergen spreken we van een gelijkaardige score. In Liedekerke en Denderleeuw loopt dat cijfer tot boven de 40 procent op.
Dat de ongelimiteerde instroom van weinig kapitaalkrachtige en laagopgeleide mensen een felle sociale kloof slaat, tonen andermaal de cijfers aan. Verhoudingsgewijs genieten mensen van niet-EU-afkomst in Aalst 23 keer meer van een leefloon dan mensen met een Vlaamse herkomst. Het zijn getallen die tot de verbeelding spreken. In de andere steden langsheen de Dender spreken we van gelijkaardige verhoudingen.

Ook de tewerkstellingscijfers tonen een ernstige kloof aan. Het verschil tussen werkzaamheidsgraad van personen van Vlaamse herkomst en personen van niet-EU-herkomst (de herkomstkloof) ligt doorgaans tussen de 15 en de 20 procent. Voor vrouwen van niet-EU-afkomst ligt de tewerkstelling onder de 50 procent. Wat betreft de emancipatie van de vrouw op de arbeidsmarkt, doen de allochtone vrouwen het niet goed.
Ook al mag het onderwijs een hefboom tot integratie zijn, er is nog een hele weg te gaan. Heel wat allochtone leerlingen komen in het beroepsonderwijs terecht. Verhoudingsgewijs ligt het aandeel vroegtijdige schoolverlaters met een niet-Nederlandstalige achtergrond een flink stuk hoger.
“Zo’n grote instroom van nieuwkomers zorgt ook wel voor extra overlast”

Banlieue van Brussel
De Dendervallei wordt geconfronteerd met een instroom van een multi-etnisch subproletariaat dat vooral gericht blijft op Brussel en moeilijk aansluiting vindt op de arbeidsmarkt. Door hun sociale isolatie werken ze segregatie in de hand. Aalst, Ninove, Liedekerke en Denderleeuw fungeren steeds meer als voorsteden van Brussel. De druk op de Dendervallei is dan ook zeer groot. Het is zowat het verhaal van het dorpje van Asterix en Obelix, maar dan aan de Dender en zonder toverdrank, zoals Karim Van Overmeire het onlangs plastisch uitdrukte.
De erg eenzijdige instroom van allochtonen zet de arbeidersbuurten en de centra van verschillende steden langsheen de Dender nog verder onder druk. De oude industrie langsheen de stroom is verdwenen, waardoor de werkloosheid sinds de jaren negentig gestaag steeg. Heel wat inwoners moeten pendelen. Bovendien vestigen heel wat nieuwkomers zich in betaalbare buurten waar het samenleven met de autochtone bevolking soms stroef verloopt.
“We moeten daar niet flauw over doen : zo’n grote instroom van nieuwkomers zorgt ook wel voor extra overlast. Bendes uit Brussel die hier hun conflicten komen uitvechten…”, liet Karim Van Overmeire onlangs optekenen. Sommige gemeenschappen zijn ook niet geïnteresseerd om zich te integreren. Zelforganisaties en moskeeën vormen ook niet bepaald de motor van de integratie. Integendeel.

Daarenboven staan de financiële middelen van de steden en de OCMW’s door tal van projecten en investeringen om die instroom te kanaliseren onder enorme druk. Als het over veiligheid en immigratie gaat, blijven de federale overheid en de Belgische justitie gruwelijk in gebreke.
“Laat duidelijk zijn dat ik zeker niet wil dat Aalst een banlieue van Brussel wordt. Met alle wettelijke middelen die ons ter beschikking zijn, voeren we in Aalst een krachtig identitair beleid, met een duidelijke visie op onder meer veiligheid en integratie”, liet Christoph D’Haese – burgemeester van Aalst – duidelijk in een interview met dit blad verstaan. Het is een boodschap die vast en zeker voor de ganse Denderstreek zou moeten gelden.


foto’s (c) Gazet van Hove.

