door Jurgen Ceder in ’t Pallieterke .
De nieuwe Franse minister van Onderwijs, Gabriel Attal, heeft zijn intrede niet gemist. Hij vaardigde een verbod uit op het dragen van abaja’s in alle scholen, met onmiddellijke ingang. Als u niet weet wat een abaja is, kan niemand u dat kwalijk nemen. Het kledingstuk begint slechts recentelijk op te vallen in de straten van Europa.
Een abaja is een lang, los gewaad dat vrouwen over hun andere kleren dragen. De mode komt overgewaaid uit het Midden-Oosten, meer bepaald uit Saoedi-Arabië, waar het dragen van dit kleed lang wettelijk verplicht was. De officiële verplichting is nu afgeschaft in het thuisland van het radicale wahabisme, maar het merendeel van de vrouwen dragen het nog steeds.
Op sociale media roepen jonge moslims op om het verbod te trotseren

Laïcité
Franse leraars zagen het Arabische gewaad vorig schooljaar plots overal verschijnen in hun klaslokalen. Blijkbaar zijn islamitische meisjes daartoe aangezet door filmpjes op TikTok, gemaakt door radicale moslims. Die ondernemen daarmee een bewuste aanval op de ‘laïcite’ (secularisme) die sinds 1958 een grondslag uitmaakt van de Franse grondwettelijk orde, een formalisering van een seculiere traditie die teruggaat naar de Franse Revolutie. Het is ook een verwerping van het idee van aanpassing : met hun aparte kledij benadrukken ze dat ze niet Frans zijn en niet Frans willen zijn.

Het principiële secularisme van Frankrijk had in 2004 al geleid naar het verbieden van hoofddoeken op de scholen. In 2011 kwam er ook een algemeen verbod op de boerka (daarin snel gevolgd door België). Het dragen van de abaja is een georganiseerde poging om de islamitische identiteit toch weer zichtbaar de scholen binnen te brengen. De Franse regering kon die provocatie moeilijk onbeantwoord laten.
Critici van het verbod wijzen er graag op dat de abaja helemaal geen religieus symbool is. We horen het argument telkens weer opduiken wanneer iemand het idee opgooit om beperkingen op te leggen aan het dragen van de boerka, de tsjador, de nikab en alle andere kleren die de vrouwelijkheid aan het zicht willen onttrekken. En het is telkens even irrelevant. Het is correct dat de Koran niet specifiek zegt welke kleren een vrouw moet dragen – er wordt wel zedige kleding in het algemeen opgelegd -, maar het is wel telkens in naam van de islam dat vrouwen die kleren aantrekken, spontaan of ten gevolge van sociale druk. Het zijn geen functionele kledingstukken, maar symbolen. Wie het draagt, laat iedereen weten wat haar religieuze overtuiging is. Je kan even goed een bordje met ‘Ik ben moslim’ meedragen.
Qamis
Ik schrijf ‘haar overtuiging’, maar de regering heeft ook het dragen van de ‘qamis’ (kaftan), het lange gewaad dat populair is bij mannen in sommige Arabische landen, op Franse scholen verboden. Die maatregel is vooral een formele toevoeging. Weinig jonge mannen voelen zich in Frankrijk geroepen om een kleed te dragen. De abaja is ook om die reden een islamitisch symbool : aparte kledingverplichtingen voor vrouwen benadrukken hun tweederangspositie, die wel degelijk deel uitmaakt van de islamitische leer. Vrouwen zijn onrein, dagen uit met hun lichaamsvormen, zorgen voor problemen en moeten dus zoveel mogelijk onzichtbaar zijn.

Resteert nog de vraag hoe streng het verbod zal afgedwongen worden. Er is nog geen omzendbrief met concrete maatregelen. Op sociale media roepen jonge moslims alvast op om het verbod te trotseren. De Franse regering belooft kordaat op te treden. Emmanuel Macron : “Wij gaan niets laten passeren.” Ook de Franse rechters zullen nog hun mening moeten geven : de linkse partij La France Insoumise heeft aangekondigd het verbod te zullen aanvechten bij de Raad van State.
De bocht van links
De houding van links tegenover het verbod is tekenend voor de gedaanteverandering die deze strekking heeft ondergaan. Het was links dat, in zijn strijd tegen de invloed van de Katholieke Kerk in Frankrijk, al sinds de 19de eeuw voor de ‘laïcité’ heeft gestreden, in het bijzonder voor het seculiere karakter van het onderwijs. In 1989 werd de bocht ingezet. Drie leerlingen werden toen door hun school geschorst wegens het dragen van de hoofddoek. De Parti Socialiste slaagde er niet meer in daar unaniem op te reageren. De pleidooien voor een ‘open secularisme’ namen toe, een semantische misleiding die in feite het volledig verlaten van dat beginsel inluidde.

De aanleiding voor de bocht was de plotse verschijning van Jean-Marie Le Pen op het politieke toneel. In Libération gaf Philippe Doucet, een socialistisch parlementslid, dat in 2015 toe : “Toen het Front National het woord ‘laïcité’ begon te gebruiken om de islam te stigmatiseren, was onze politieke familie verbijsterd over de strategische zet van Le Pen. Door een linkse waarde te kapen, confronteerde hij ons met onze eigen tegenstrijdigheden.”

Links is sindsdien verder weggedreven van de verdediging van de lekenstaat. Op een paar uitzonderingen na, reageerde de linkerhelft van de Franse politiek negatief op de maatregel van minister Attal. Jean-Luc Mélenchon van La France Insoumise weet goed genoeg dat 60 procent van de moslims van Frankrijk voor zijn partij gestemd heeft. Het is nochtans niet alleen de ‘laïcité’ die het verbond van links met de politieke islam onnatuurlijk maakt : moslims zijn op sociaal vlak conservatief, terwijl modern links steeds meer onder invloed komt van de ideologie van woke en de LGBTQ-lobby. Het enige cement van die onheilige alliantie is een verachting van de Franse identiteit.
De pleidooien voor een ‘open secularisme’ namen toe binnen de Parti Socialiste
Islamitische rituelen op de ULB
Als het regent in Parijs…, u weet wel. Het werd niet opgepikt door de Vlaamse pers, maar vorige week vond ook in Franstalig België een incident plaats in diezelfde sfeer. De militante feministe en seculariste Nadia Geerts schreef een opiniestuk in La Libre Belgique, waarin ze uitbracht dat in de gebouwen van de ULB, ultiem bolwerk van het secularisme in België, een islamitische gebedsgroep al jaren haar rituelen uitvoert.
Uit haar stuk (eigen vertaling) : “Al minstens acht jaar komen tientallen studenten elke dag samen om te bidden. Eerst de mannen, dan de vrouwen. Ze zijn er zo zeker van dat ze niet gestoord zullen worden, dat ze hier dozen met materiaal hebben opgeslagen : kleren voor de vrouwen, matten, geplastificeerde kaarten om te lenen, met oproepen om te reciteren, waaronder de oproep die die moslimstudenten eraan herinnert dat ‘er geen goddelijkheid is buiten Allah, aanbid Hem puur, ondanks de ongelovigen’.” Geerts noemt de georganiseerde cultus in de lokalen van de ULB een “religieuze houdgreep, die wordt uitgeoefend op de campus zelf, zonder dat iemand zich daar druk over maakt”.
De ULB, die moeilijk kon volhouden dat ze niets wist van een praktijk die al 8 jaar aan de gang is, reageerde met de typische slogantaal waarachter links zijn contradicties poogt weg te moffelen. Aan de ene kant zegt de woordvoerder dat de studenten eraan herinnerd zullen worden dat universiteitslokalen geen gebedsplaatsen zijn – het woord verbod valt niet – en dat de universiteit gehecht blijft aan zijn engagement tegen religieus dogmatisme, maar aan de andere kant legt hij de nadruk op het belang van ‘respect’, ‘diversiteit’, ‘verdraagzaamheid’, ‘solidariteit’ en ‘non-discriminatie’. Kort samengevat : de tegenstrijdigheden in onze opvattingen verhinderen enige actie.
In Brussel stemden alle linkse partijen, zelfs Ecolo, tegen een verbod op ritueel slachten

Uniform
Geerts kreeg al steun voor haar aanklacht vanwege Marc Uyttendaele, professor grondwettelijk recht en éminence grise van links in Wallonië. De ex-man van Laurette Onkelinx behoort echter tot de achterhoede van het afkalvende oude links. Ook in Franstalig België zie je een front van nieuw links en islam ontstaan. In Brussel stemden bijvoorbeeld alle linkse partijen tegen een verbod op het ritueel slachten, omdat de invloed van de islam in die stad daarvoor al te groot is. Zelfs Ecolo, waarvan je zou kunnen denken dat dierenwelzijn tot de harde kern van het programma behoort, deed dat. In Brussel is het groen van de ecologisten nog moeilijk te onderscheiden van het groen (dat de lievelingskleur van Mohammed zou zijn geweest) van de islamistische vlag.

De discussie rond de abaja’s en andere uitingen van islamitische overtuiging heeft ook een positieve noot meegebracht. Ik heb het nog gedragen in het lager onderwijs, in de Kapucijnenschool van Aalst. De leerlingen van de Dames van Maria van die stad droegen het toen ook nog in het middelbaar. Op voorstel van Eric Ciotti, de rechtse aanvoerder van Les Républicains, zal er nu ook mee geëxperimenteerd worden in het Franse onderwijs : het schooluniform. Dat zal eerst gebeuren in de departementen Alpes-Maritimes en Bouches-du-Rhône. Geen discussies meer over wat onzedig is en wat niet. Geen onderscheid meer tussen de modieus uitgedoste leerlingen van rijke komaf en de armen met hun afdragertjes. Geen pogingen meer de islam via kleren te importeren in de klaslokalen. Het schooluniform had eigenlijk nooit afgeschaft mogen worden.

foto’s (c) Gazet van Hove.

