COLUMN – door Dirk Rochtus – www.doorbraak.be .
De bekende Duitse podcaster Tilo Jung beweerde onlangs dat de DDR ‘rechts’ was. Daarmee ging hij nog een stap verder dan Heidi Reichinnek (Die Linke) die beweerde dat de DDR helemaal niet socialistisch was.
Het is vandaag precies 35 jaar geleden dat de DDR, de communistische Oost-Duitse staat, aan haar laatste dag begon. Na de Duitse eenmaking van 3 oktober 1990 ontspon zich een debat over het wezen en de historische betekenis van de DDR. Voor rechts is de DDR niets meer of minder dan een ‘Unrechtsstaat’; links wil zijn eigen maatschappelijk project niet besmet zien door het mislukte ‘experiment van de eerste socialistische staat op Duitse bodem’.
De juiste kant van de geschiedenis
Dat verklaart waarom een linkse journalist als de 40-jarige Tilo Jung, die zelf in de nadagen van de DDR geboren werd, die staat als rechts afdoet. Zijn redenering luidt : ‘Een dictatuur is altijd rechts. Links betekent democratie, mensenrechten, emancipatie.’ Zo een uitspraak betekent eigenlijk dat je de werkelijkheid naar je hand zet. Het is van dezelfde categorie als beweren dat je aan ‘de juiste kant van de geschiedenis’ staat.
Is de ‘Geschiedenis’ soms een soort godin die je de weg wijst naar een gouden toekomst, waar vrijheid, gelijkheid en broederlijkheid heersen ? Een godin aan wier zijde de rechtschapene zich moet scharen op straffe van verdoemenis ? In feite is dat denken in de termen van de Duitse filosoof Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831) die meende dat de ‘Vernunft’, de Rede, een pad volgt aan het eind waarvan de ‘Vrijheid van allen’ troont. Met dit verschil dat links het begrip ‘Vrijheid’ vervangen heeft door ‘Gelijkheid’.
Een dictatuur is altijd rechts, links betekent democratie, mensenrechten, emancipatie.

Alles wat dat ideaal helpt te verwezenlijken, is in de ogen van de moreel goede ‘links’. Het tegendeel ervan, ‘rechts’, is dus verderfelijk, en in Duitsland zelfs synoniem met ‘extreemrechts’. Sommige mensen zullen zeggen dat links en rechts relatieve begrippen zijn, maar een ‘echte progressief’ komt er onverbloemd en zonder complexen voor uit ‘links’ te zijn.
DDR 2.0
De uitspraak van Jung is tegelijk een afweermechanisme tegenover mensen die niet meer in links geloven omdat ze er slechte ervaringen mee opgedaan hebben. Denk aan de voormalige burgers van de DDR die geleden hebben onder vervolging of vrijheidsberoving. Jammer voor hen, want ze hebben volgens Jung niet door dat die vermaledijde DDR helemaal niet links was, erger nog, zelfs ‘rechts’ was. Als die zogezegd misleide mensen dan ‘rechts’ stemmen, doen ze dat in de redenering van Jung omdat ze niet beseffen dat links per definitie voor democratie en vooruitgang zou staan.
Als je dus in de wereld van de staten op een dictatuur stoot, dan is die volgens Jung sowieso ‘rechts’, zelfs als ze zich voor socialistisch uitgeeft. Daarmee overtreft Jung zelfs de 37-jarige Heidi Reichinnek, voorzitter van de Bondsdagfractie van de links-radicale Die Linke, die zegt dat ‘de DDR helemaal niet socialistisch’ was. Reichinnek verweerde zich daarmee tegen het verwijt dat ze een socialistisch maatschappijmodel, een DDR 2.0, wil creëren.
Het typeert de linkerzijde dat ze elke kritiek op verschijningsvormen van een socialistische maatschappij naast zich neerlegt met de bewering dat die ‘geen echt socialisme’ waren. Wat als socialistische staat mislukt is, zoals de DDR of de Sovjetunie, kan voor die mensen de lakmoesproef van het ware socialisme niet doorstaan. Eigenlijk kunnen ze dus niet toegeven dat een socialistisch systeem nu eenmaal niet werkt omdat de uitvoering ervan berust op de wil om de mens te veranderen met behulp van dwangmaatregelen.

Alternatief
De DDR beantwoordde misschien niet aan wat Karl Marx en Friedrich Engels zich onder een ‘ideale socialistische maatschappij’ voorstelden, maar wel aan wat gelet op de omstandigheden van de Koude Oorlog enkel het zogenaamde ‘reëel bestaande socialisme’ kon zijn, in het DDR-jargon ‘der real existierende Sozialismus’.
Zelfs kritische DDR-filosofen en mensen uit de burgerbewegingen lieten er geen twijfel over bestaan dat de DDR voor hen een socialistische staat was, al wilden ze de ‘administrerende-bureaucratische’ verschijningsvorm ervan veranderen in de richting van meer democratie. Jung en Reichinnek, die opgegroeid zijn in het post-DDR-tijdvak, willen zelfs niet inzien dat de DDR van in het begin met haar idealen en met de middelen die de machthebbers ter beschikking stonden niets anders kon zijn dan een socialistische staat.

Ze vrezen dat de verwijzing naar de mislukte DDR de mogelijkheid van een socialistisch alternatief voor het huidige kapitalisme uitsluit of hypothekeert. Dat ze de DDR dan maar als niet-socialistisch of zelfs als ‘rechts’ afdoen, getuigt van intellectuele oneerlijkheid. De DDR was wel degelijk socialistisch : zie de nationalisatie van bedrijven en ondernemingen, zie de planeconomie en haar leidende partij, de SED, die als ‘avant-garde van de arbeidersklasse’ wist wat goed was voor het volk.
Als er nu één ding links is, dan is het wel de gedachte in het bezit te zijn van de waarheid en bijgevolg, zoals gezegd, aan de ‘goede kant van de geschiedenis’ te staan. En vooral ook : net daarom de mensen te willen bekeren tot het geluk waarvan ze zich vaak niet bewust zijn.

Meer dan één derde kiest AfD
Dat alles neemt niet weg dat de DDR ook elementen bevatte die rechtse mensen bekoren : denk aan het gemeenschapsgevoel binnen een bepaald nationaal kader, of denk aan traditionele waarden, zoals eerbied voor het culturele erfgoed en de familie, discipline in het onderwijs. In dat opzicht was ze, zelfs als linkse staat, niet ‘woke’.
Vele Oost-Duitsers voelen zich nog altijd anders dan de West-Duitsers.
De DDR mag dan wel 35 jaar geleden opgegaan zijn in de Bondsrepubliek, nog altijd tekent ze de mentaliteit en de ingesteldheid van de bevolking op haar territorium. Vele Oost-Duitsers voelen zich nog altijd anders dan de West-Duitsers; ze hebben niet dezelfde verwestersing of amerikanisering gekend als de mensen in West-Duitsland; ze kennen onderling een groter solidariteitsgevoel; ze staan huiverig tegenover een ongebreidelde migratie. Ook het groene denken is voor vele Oost-Duitsers een typisch West-Duits gegeven.

Dat ze anders voelen én zijn, heeft ook te maken met de achterstelling die ze in het verenigde Duitsland in welke gradatie ook hebben ervaren. Dat meer dan één derde van de Oost-Duitse kiezers zijn stem geeft aan de rechts-radicale AfD, maakt de DDR daarom nog niet vanuit een retroactieve opstelling ‘rechts’. Het lijdt wel geen twijfel dat de socialisering in en door de DDR vele mensen 35 jaar na datum weer gevoelig heeft gemaakt voor traditionele, door de AfD opgepikte waarden.

Dirk Rochtus (1961) is hoofddocent internationale politiek en Duitse geschiedenis aan de KU Leuven/Campus Antwerpen. Hij is voorzitter van het Archief en Documentatiecentrum voor het Vlaams-nationalisme (ADVN). Zijn onderzoek gaat vooral over Duitsland, Turkije, en vraagstukken van nationalisme.
foto’s (c) Wikimedia Commons.

